Het transcript dat je hieronder aantreft is gegenereerd met behulp van computertechnologie.
Hierdoor kunnen de namen van personen en partijen soms foutief zijn weergegeven.
Indien je een fout opmerkt kun je deze gemakkelijk verbeteren door op het bewerk-symbool (het potloodje) te klikken.
Dames en heren, welkom bij deze ronde tafel over het rekenkamerrapport aangaande de energietransitie. Voor de inhoud van de stukken verwijs ik u naar het raadsinformatiesysteem voor de opname. Mijn naam is Marco Huijben, raadslid en voorzitter van deze vergadering. Ik zal beginnen met het voorstellen van de gasten van vanavond. Namens de Rekenkamer heten we Josine van Breda van harte welkom, bijgestaan door de secretaris Hans van Horst. Namens het college is hier Wouter Catsburg, eveneens welkom, en naast mij zit de griffier, Ingrid Hong. Excuseer mij, mevrouw Jong, mijn fout, de naam is inderdaad Jong. Ja, mijn aandacht was enkel op de rechterzijde gericht. Ik verzoek u allen duidelijk in de microfoon te spreken, omdat de vergadering wordt opgenomen zodat het nageslacht ook nog kan terugluisteren.
We beginnen vanavond met een korte presentatie van de Rekenkamer. Ik stel voor dat we die eerst aandachtig beluisteren en daarna vragen stellen. Tussendoor geef ik graag kort het woord aan de wethouder, voor het geval hij nog een reactie wil geven. Mocht dat niet het geval zijn, dan stel ik de vergadering open voor vragen vanuit de raad. Wat mij betreft, geef ik nu het woord aan Josine van Breda. Ja.
Ja, dankjewel. Ik heb zeven slides die ik met jullie zal nalopen. Bij de een na laatste en de laatste slide zal ik wat langer stilstaan, dus ik zal proberen om er vlot doorheen te gaan zodat we veel tijd hebben voor interactie. Wat hebben we gedaan? Wij, wij... De volgende. Nou, laten we daar nog even bij stilstaan. We hebben dus de onderwerpen die in de slides aan bod komen, hè? Wat waren de onderzoeksvragen? Hoe hebben we het onderzoek uitgevoerd? Wat zijn de belangrijkste conclusies? Welke aanbevelingen vloeien voort uit die conclusies en hoe gaan we verder? Er is nog een ding: het waarom van dit rekenkameronderzoek. Wij zijn gewend om ongeveer één keer per jaar een rondje langs alle fracties te maken en input op te halen. In die gesprekken werd het onderwerp duurzaamheid en energietransitie ook meerdere keren genoemd, en daar kwam voor onszelf de energiecrisis bij, waardoor het niet alleen een probleem is dat in de beleving van veel mensen op de langere termijn gaat spelen, maar echt in het hier en nu getrokken werd omdat mensen het heel erg aan hun portemonnee en wooncomfort voelden. De volgende: wat hebben we dan precies onderzocht? Hij doet het niet meer, maar komt eraan, hoor. Ik praat rustig verder. Er ligt natuurlijk een routekaart. Daar staat een hele hoop in. We vonden het belangrijk om focus aan te brengen, dus we hebben ons gefocust op twee actielijnen: warme wijken en duurzame bronnen. Warme wijken gaat over het besparen van energie en duurzame bronnen gaat over de opwek van energie. En daaruit vloeien een aantal deelvragen voort. Welke mijlpalen en concrete acties zijn benoemd in de routekaart? Wie moet wat gaan doen? En dat vonden wij, het sociale aspect van de energietransitie met de acties die we in gang willen zetten, belangrijk. Hier in Zeist bereik je daarmee ook de mensen die de steun van de gemeente het hardst nodig hebben. En dan de volgende deelvraag: zijn er bijstellingen nodig en zijn er nog aanvullende acties mogelijk die de gemeente zou kunnen oppakken? Nou, dat alles hebben we onderzocht, en dat hebben we op de volgende manier gedaan. We hebben een bureau gevonden, Encores, dat heel veel inhoudelijke expertise had om het onderzoek voor ons te schrijven. We hebben heel fijn en plezierig samengewerkt met de ambtelijke organisatie, maar ook met partijen als Mijn Groene Huis. En we hebben twee burgerpanelleden aangetrokken: één is deskundig inhoudelijk vanuit zijn werk en ervaring op dit onderwerp, en de ander, dat vonden we belangrijk, was een jongere, een jongen van 17, omdat de jeugd de toekomst heeft. Zij gaan het meest merken van de energietransitie, dus we vonden het belangrijk om ook dat perspectief binnenboord te halen. We hebben het onderzoek uitgevoerd in de eerste helft van dit jaar, eind vorig jaar, en in het begin van juni hebben we gesproken met het college. Hoe heeft Encores dat aangepakt met ons? Desk research, veel interviews en daarna een kwantitatieve analyse van de data en de kengetallen. Maar wat komt er dan uit? Als eerste de actielijn warme wijken: hoe kan Zeist zelf verduurzamen, energie besparen? In theorie is die actielijn nog steeds haalbaar, maar met name voor 2030, dat is ook al over een jaar of 6,5, zijn die doelen wel heel erg ambitieus. Voor de actielijn duurzame bronnen, dus de opwek van energie, moet het echt anders. Er is gekoerst op zonneweides en windmolens, maar in een dichtbevolkt gebied met bos en beschermd natuurgebied blijkt dat gewoon niet haalbaar. Vandaar dat Encores ook heeft gezegd: "Gemeente Zeist, dit onderwerp vraagt om een fundamentele herbezinning." Ook wel belangrijk is dat er voldoende aandacht is voor de sociale impact van de energietransitie. De manier waarop Zeist inwoners benadert, werd door Encores, die in heel veel gemeentes vergelijkbare dingen heeft gedaan, echt gezien als een voorbeeld. Ze zeiden dat wij in Zeist daar veel verder mee zijn dan op andere plekken. Een andere uitkomst is het advies om ook eens goed te kijken naar de formulering van de doelen, omdat die niet de optimale basis vormen om de energietransitie te sturen. Maar heel belangrijk: in meerdere opzichten hebben wij hier in Zeist een sterke uitgangspositie voor een succesvolle energietransitie. Dan gaan we naar de aanbevelingen. Aan de raad wordt gezegd: evalueer de doelen zoals die eerder geformuleerd zijn in de routekaarten en stel deze waar nodig bij. Ontwikkel een nieuwe strategie voor het bereiken van de duurzame opwekdoelen. Aan het college wordt de aanbeveling gegeven om een robuuste gemeentelijke organisatie voor de energietransitie in te richten, op te bouwen en te kiezen voor een integrale aanpak gecombineerd met maatwerk. Een andere aanbeveling is om een beleidskader te creëren voor monitoring en evaluatie van acties gekoppeld aan de doelen. En onderzoek de kansen om te innoveren op het gebied van energieopslag en vraagsturing. Dus, en dan hebben we ook gevraagd om dat inzichtelijk te maken in een plaatje. Het plaatje dat ervoor gekozen is, zijn twee kronkelige wegen die naar een eindpunt in 2050 toe gaan en die wegen zijn heel bochtig en er staan ook een aantal hekjes en blokkades op die weg met uitdagingen die wij als Zeist, als inwoners, als gemeente gaandeweg tegenkomen. En nu moet ik even hier pieken, want hier zat... lacht hij nog wat? Yes. Dus bijvoorbeeld als je kijkt naar de warme wijken, is een uitdaging dat het benodigde tempo van verduurzaming te hoog ligt. Dat betekent dat voor de ambitie die we hebben en het tijdspad, dat wel echt een heel hoog tempo is. En je loopt ook tegen de arbeidsmarktproblematiek aan, dat je ook simpelweg handjes nodig hebt om al die werkzaamheden uit te voeren. Als we dan kijken naar de andere kant van het plaatje, de opwek van de duurzame bronnen, dan hebben we de uitdagingen: netcongestie, het gebrek aan ruimte hier in de gemeente voor windmolens en zonnevelden, en de grote onzekerheid rondom de overige energiebronnen. Wat je ziet is dat het pad vanaf 2030 in stippellijntjes is weergegeven, waarmee we willen zeggen dat daar echt nog grote onzekerheden zijn, omdat het nu nog niet lukt om dat in een plaatje weer te geven. Dan ga ik naar de laatste slide, een korte samenvatting. Nu loop ik even vooruit op de wethouder. Er is een bestuurlijke reactie gekomen waar wij wel heel content mee waren, want er staat in dat het rapport helder en waardevol is en welkome aanvullingen biedt en het helpt bij het periodiek actualiseren van de routekaart. Het college heeft ook aangegeven dat ze de aanbevelingen omarmen en ermee aan de slag willen gaan. En dat ook het college met de raad in gesprek wil blijven over de mogelijkheden van duurzame opwekking in het kader van de regionale energiestrategie, pardon. En dat de aanbevelingen die wij hebben gedaan goed aansluiten op de lopende processen. Dus wij hopen, dat hopen we altijd als we met een onderzoek bezig zijn, dat het een extra motivatie geeft en deel uitmaakt van de goede richting voor dit heel belangrijke onderwerp.
Dank voor uw toelichting op de presentatie en de mooie set aan conclusies en aanbevelingen, meneer Catsburg. Wilt u nog een korte beschouwing geven namens het college? Ook...
Hartelijk dank aan de Rekenkamer voor dit rapport. Ik denk dat onze waardering duidelijk blijkt uit onze reactie. Ter voorbereiding op deze avond dacht ik terug aan een gesprek dat we gisteren hadden met Bouwend Nederland. We bespraken de tijdlijnen van doorlooptijden in de bouw en Bouwend Nederland gaf aan dat we tegenwoordig blij mogen zijn als we binnen zes jaar kunnen beginnen. Ik vond dat eigenlijk best snel. Terwijl ik me voorbereidde, realiseerde ik me dat het zes jaar geleden, rond 2017 was. Ik ben in 2018 begonnen en in 2016 hebben we samen het brede milieubeleid vastgesteld. In 2019 volgde de routekaart. In een relatief korte tijd, vergelijkbaar met de duur van een vergunningsaanvraag tot bouwen, hebben we grote stappen gezet. Daarom is die routekaart met zijn stippellijnen zo illustratief; het toont de onzekerheid van de afgelopen vier tot zes jaar. We begonnen met de vraag wat we nodig hadden, niet wat we wilden. Zo kwamen we uiteindelijk tot de verdeling van twee windmolens en zonnevelden. Dit is ook sterk terug te zien in de regio; in Zeist hadden we onze doelen al bepaald voordat we met trajecten zoals de Regionale Energiestrategie (RES) begonnen.
Het is goed om te zien dat we nu, als ik de periode van 2008 tot 2019 neem, met de routekaart en de herziening van vorig jaar, een duidelijk beeld hebben. Ik beschouw het als een technisch rapport, waarin we twee zaken naast elkaar leggen: waar we stonden en waar we nu staan, en wat de conclusies zijn. Zonder politieke dynamiek, hoewel netcongestie wel wordt genoemd, maar niet als excuus. Het is een onderdeel en daarmee ontzettend waardevol als basis om bevestiging te zien van zaken die we zelf al hadden herkend, maar ook om scherp gestelde punten te hebben waarmee we stappen kunnen zetten. Ik denk dat velen van jullie de conclusies en aanbevelingen zullen herkennen. Naar aanleiding van de herziening van de routekaart, bijvoorbeeld het aanscherpen van de doelstellingen, hebben we het al met elkaar gehad en afspraken gemaakt dat we dat gaan doen. Dit rapport bevestigt dat en geeft aanbevelingen over hoe we dat kunnen aanpakken. We zijn dus echt tevreden met het rapport en het biedt ons handvatten om verdere stappen te nemen en bevestigt de stappen die we al hebben genomen, zoals het opzetten van een robuuste organisatie. Sommigen van jullie zijn hierover bijgepraat tijdens de stamtafel. Het is mooi om te zien dat ook de Rekenkamer aangeeft dat dit de juiste route is. We zijn blij met het rapport en kunnen er wat mee; het is waardevol. Nogmaals dank.
Kijk eens of de raadsleden ook blij zijn met het rapport. Wie van de raadsleden heeft vragen aan de Rekenkamer of aan de wethouder? Zal ik beginnen bij mevrouw Ploeg van de ChristenUnie of bij de SP?
Ja, dank u wel. Ik bedank u voor het rapport en vind het fijn dat het tussentijds heeft plaatsgevonden, niet alleen achteraf, want dat gebeurt dus heel vaak met onderzoeken. Ik vond het heel prettig om te lezen, met makkelijk taalgebruik en inderdaad duidelijke conclusies. Ik vroeg me nog wel af, u heeft opgesomd met wie u gesproken heeft; dat zijn veelal partijen, zeg maar, van binnenuit. Heeft de transitie ook gesprekken gevoerd met partijen van buiten?
Bedoelt u deze lijst? Even kijken... Nee, de personen die hierin vermeld staan, zijn degenen met wie we gesproken hebben. Er zijn ook mensen van buitenaf bij betrokken, dus er zitten ook mensen van buiten de organisatie tussen. Maar dat moeten we nog even bekijken. Ik ben zelf niet bij alle interviews aanwezig geweest. We hebben wel gesprekken gevoerd met bijvoorbeeld de woningcorporaties, ja.
Ja, maar die zijn natuurlijk ook deels intern. Ze zijn allemaal betrokken bij de transitie. Heeft u bijvoorbeeld contact met de provincie of andere externe partijen die van buitenaf kijken hoe het in Zeist gaat?
Ja, dank u wel, voorzitter. Ik was ergens nieuwsgierig naar, namelijk een van de aanbevelingen waarin, volgens mij, een integrale aanpak wordt genoemd. Zouden jullie daar iets over kunnen toelichten? Wat bedoelen jullie precies met een integrale aanpak? En een andere aanbeveling gaat over innovatie, hè? Jullie bevelen aan om dat op te pakken voor opslag en vraagsturing. Zou u daar ook iets meer over kunnen vertellen? Waarom geven jullie dat aan?
Een integrale aanpak is eigenlijk overal in Zeist aan de orde. In Nederland bevinden we ons nu op een scharnierpunt, want we moeten overgaan van het formuleren van beleid naar het concretiseren van wat we willen en waar we naartoe moeten. We zitten nu op het omslagpunt naar het daadwerkelijk doen en uitvoeren. Wat we bedoelen met die integraliteit is bijvoorbeeld dat we een doelstelling hebben. In de routekaart staat een doelstelling over de besparing op het verbruik van elektriciteit. Wat je nu ziet, is dat de elektrificering enorm gaat toenemen, omdat toen de brede milieuvise werd uitgedacht, niemand kon voorzien dat we versneld van het gas af zouden willen gaan. Dus wat we met integraliteit bedoelen, is dat je echt moet zorgen dat je naar het grote geheel kijkt. Dus niet alleen besparen op stroom, wat goed is als er plekken zijn waar de stroom te veel weglekt. Ja, daar kun je op die plekken besparen, maar in het grote geheel, met de komst van elektrische auto's en de overgang van gas naar elektriciteit, kun je niet zomaar zeggen dat we vasthouden aan onze doelstelling om elektriciteit te besparen.
In een soort technische zin gaat het niet zozeer om de aanpak in de wijk of iets dergelijks. De doelstellingen op het gebied van energiebesparing en sociale aspecten missen die integraliteit.
Wat ik zie, is dat de aanpak die nu gekozen wordt in de wijken en bij het benaderen van inwoners wel degelijk integraliteit bevat. Er wordt op verschillende manieren nagedacht over welke informatie relevant is voor welke groep. In de uitvoering van wat er nu gebeurt om mensen te stimuleren hun huis beter te isoleren en energieverbruik te besparen, zien we al veel integraliteit.
Daarachter zit ook het punt van innovatie, want dat is belangrijk. Het gaat dan bijvoorbeeld om het stimuleren van vernieuwing. Hoe staat het hier met het gebied van energieopslag? Hoe kun je dat beter implementeren? Het gaat om vraagsturing om op korte termijn congestieproblemen op te lossen en dergelijke zaken; dat is waar de innovatie om draait. Dus dat sluit aan bij de integrale aanpak om het grote geheel aan te pakken.
Ja, en om dat concreet te maken, een voorbeeld: ik ben het. Naast lid van de Rekenkamer ben ik ook inwoner van Zeist. Mijn dochter hockeyt bij een club hier. Daar wordt nu een hal gerenoveerd. Alle leden vragen zich af: komen er zonnepanelen op? We zouden dat dolgraag willen, maar het congres krijgt geen toestemming, dus dan weet je dat er kansen liggen. Op het moment dat je iets kunt doen met energieopslag en de gemeente zou daar beleid voor ontwikkelen, dan zijn er weer allerlei kansen om dichter bij die doelstellingen te komen. Want als je alle sportkantines en sporthallen, evenals parkeerterreinen – want die sportterreinen genereren overdag stroom, terwijl je die 's avonds nodig hebt om de velden te verlichten – integraal in je denken betrekt, zorg je ervoor dat je dichter bij je doelen komt.
Het is niet mogelijk om de tekst grammaticaal correct te maken zonder meer context te hebben, omdat de zin onvolledig is. Als ik een gok zou moeten wagen, zou ik de zin als volgt kunnen aanvullen:
"Wie van de raadsleden, meneer Patina, heeft deze 66 voorstellen goedgekeurd?"
Let op dat 'Raadsleden' met een kleine letter geschreven moet worden, tenzij het aan het begin van een zin staat of deel uitmaakt van een officiële titel of naam. Ook is het belangrijk om de zin af te maken zodat het een volledige gedachte uitdrukt.
Dank voor de pogingen; het ging goed met de achternaam. Ja, dank voor het onderzoek. Het onderzoek heeft geen mildere conclusies opgeleverd, maar ik denk dat het voor niemand echt verrassende conclusies zijn. Volgens mij had iedereen wel het gevoel dat het ongeveer zo in elkaar zat, en dan is zo'n onderzoek op zich wel fijn, want dan kun je bij het vervolg ook gewoon werken vanuit een gemeenschappelijke basis. We moeten nu de volgende stappen maken en in de bestuurlijke reactie ook duidelijk maken dat we naar die concretere, SMART-doelstellingen moeten die ook genoemd zijn. Dus volgens mij sluit het inderdaad goed aan bij wat er al was.
We hebben nu gewoon een nog beter beeld waar we allemaal op kunnen voortbouwen, dus dank voor dit onderzoek. En inderdaad, ik had er niet eens bij stilgestaan. Het is fijn dat dit gebeurt gedurende het proces en niet achteraf, zodat we nog kunnen bijsturen. En daarvoor zitten we natuurlijk ook hier.
Wat ik zelf een van de meest belangrijke, of nou ja, de belangrijkste aanknopingspunten vond voor het maken van extra of nieuw beleid, of een andere richting, was wat we net ook al genoemd hebben: die lokale opslag. En daarbij dacht ik: dat schrijven jullie niet voor niets op, daar liggen waarschijnlijk ook kansen. En daar was ik ook benieuwd naar. Hebben jullie in het onderzoek ook goede voorbeelden gezien van hoe dat kan, bijvoorbeeld? En dan mik ik met name op de opslag van energie, warmte, en/of lokale distributie van energie en warmte. Hebben jullie daar goede voorbeelden van gezien?
Nee, helaas niet. Ja, dat klopt. Ja, daar zit het probleem ook in, nietwaar? Gedurende de afgelopen jaren is de opwekking van duurzame energie altijd gestimuleerd en door de rijksoverheid gesubsidieerd. Maar de opslag van die energie is niet gesubsidieerd, en daar loop je tegen allerlei belemmeringen aan. Het is ook relatief duur. En als iedereen zijn eigen accu gaat neerzetten, dan heb je ook weer een grondstoffenprobleem. Dus dat zijn zaken waar je als gemeente realistisch over moet zijn. Je moet je afvragen welke ruimte je hier lokaal hebt en hoe je op andere manieren het landelijke beleid kunt beïnvloeden. Want zolang terugleveren nog genoeg geld oplevert en batterijen niet gesubsidieerd worden en dus heel duur zijn, zullen er weinig mensen zijn die de keuze maken om zelf voor de opslag te zorgen.
Ja, misschien was er geen urgentie om ten aanval te gaan, want alles kon immers op het net aangesloten worden, nietwaar? Dus op het moment dat er een netcongres ontstaat, zie je dat men op zoek gaat naar oplossingen achter de meter, en dat zie je nu langzaam maar zeker gebeuren. Natuurlijk, op de Hogeweg staat inmiddels een accu van een appartementencomplex, en bij de gemeentewerf gaan we hetzelfde doen. Je ziet nu steeds meer ondernemers die willen uitbreiden maar niet kunnen, omdat ze geen aansluiting meer krijgen van Stedin. Zij gaan nu kijken hoe ze dat zelf kunnen oplossen. Nou, dan zie je dat de vraag toeneemt en hoop je dat uiteindelijk de prijzen ook omlaag gaan. Dus in die zin zitten we nog steeds voorin in dat traject, zoals net ook gezegd werd. Zolang de salderingsregeling actief is, is er voor een gemiddelde inwoner totaal geen urgentie om een accu in zijn huis te plaatsen. Plus dat Eneco, bijvoorbeeld, dynamische contracten gaat aanbieden, wat vorig jaar nog ondenkbaar was en nu natuurlijk voor de massa, met name mensen met elektrische auto's, buitengewoon interessant is.
Is uw vraag beantwoord? Ja, oké. Laten we even kijken of er nog iemand vanuit de Raad is voor de eerste termijn. Nee? Is er iemand anders voor de tweede termijn? Misschien u, meneer Van Riet?
Ja, ik heb nog twee vragen. De eerste vraag gaat eigenlijk over de doelstelling. Er werd gezegd, als ik het goed vertaal, dat we goed op koers liggen. Is een doel haalbaar, maar ook bereikbaar? Kijken we daarmee naar de juiste maatschappelijke doelstellingen? Ik interpreteer dat als twee verschillende zaken: we hebben een planning met een doel en de vraag is of we dat halen, en daarnaast of wat we doen ook het gewenste maatschappelijke rendement oplevert. Maar over dat laatste kon ik eigenlijk niets terugvinden in het rapport, of dat daadwerkelijk ook zo was. Dat is de eerste vraag.
De tweede vraag gaat nog iets verder over innovatie. Toen ik de tekst las, interpreteerde ik dat als dat de gemeente misschien projecten moet subsidiëren of iets dergelijks. Maar ik hoorde u net spreken over beleid, dus ik was nieuwsgierig. Moeten we het zo zien dat we als gemeente meer moeten inzetten op het faciliteren van die ontwikkeling door nu al na te denken over beleid? Als het straks goedkoper is? Of bedoelen jullie meer dat we partner moeten zijn, moeten subsidiëren en mee investeren om bijvoorbeeld bij Schaerweijde een project mogelijk te maken? Dat waren mijn twee vragen.
Laten we eens kijken wat betreft het bereiken van de juiste mensen; de indruk bestaat dat dit grotendeels wel gebeurt. Er is echter een moeilijk te bereiken groep, namelijk de mensen die van een particulier huren. Bij de woningcorporaties heb je een grote massa, je kent je contactpersoon en je kunt met elkaar in gesprek gaan. Maar juist bij de particuliere huurders is het lastig om die groep te bereiken. Verder was de algemene conclusie dat dit echt wel gebeurt, omdat er al jarenlang via 'Mijn Groene Huis' en in de context van de wijkverenigingen wordt gewerkt om veel mensen te bereiken. Dan is er de tweede vraag: wat verwachten wij van de gemeente op dit gebied? Ja, ik wil niet op jullie stoel gaan zitten, zeker niet als inwoner van Zeist en indirect belanghebbende. Maar met...
Waar dachten jullie aan met betrekking tot het college? Overwogen jullie om partner te worden in projecten, te investeren, subsidies te verstrekken en dergelijke activiteiten te ondernemen, of dachten jullie eerder aan het nadenken over verordeningen en beleid en alle gerelateerde zaken die het voor inwoners, bedrijven en leveranciers in deze gemeente makkelijker maken om nieuwe initiatieven te ontwikkelen? En hoe hadden jullie dat voor ogen?
Wat bedoelen jullie precies met wat wij zien in de regionale energiestrategie? Er worden daadwerkelijk zeer ambitieuze doelen gesteld voor de opwekking van energie en voor verduurzaming. Wat we constateren, is dat de aanpak die we ongeveer acht jaar geleden voor ogen hadden – als dé oplossing met zonnepanelen en windenergie – niet voldoende zal zijn. Ik ben van mening dat we een combinatie van maatregelen nodig hebben en dat we alle zeilen bij moeten zetten om innovatie te stimuleren. Ook moeten we ervoor zorgen dat deze innovatieve mogelijkheden toegankelijk zijn voor inwoners, het bedrijfsleven, woningcorporaties en particuliere verhuurders, enzovoort. Dus ik zou niet willen beweren dat we ons op het een of het ander moeten focussen. Ik denk juist dat maximale creativiteit en inzet vereist zijn om die doelen te bereiken.
Het rapport zegt misschien niet veel, maar het is wel een van de uitgangspunten van de hele transitie. Ook landelijk moet het haalbaar en betaalbaar zijn, toch? Dat betekent dat er op dit moment zeker naar de overheid wordt gekeken voor het betaalbare gedeelte. Er zijn landelijke, provinciale en lokale initiatieven, en dan zie je inderdaad dat we in Zeist tot nu toe hebben gezegd: de onrendabele top nemen we in behandeling, mits het innovatief is. Het moet niet de veertiende accu zijn die we subsidiëren, bij wijze van spreken. Als het innovatief is en er een onrendabele top is die het wel of niet mogelijk maakt om iets te realiseren, dan nemen we het in behandeling. Tot nu toe hebben we de aanvragen die we daarvoor hebben ontvangen ook gehonoreerd, zodat de onrendabele top niet langer een last is voor onze inwoners. Gisteren heb ik dit aanbod ook aan Bouwend Nederland gedaan, omdat zij ook aangaven dat de eisen steeds hoger worden en dat we ook nog aan de woonvisie willen voldoen. Hoe zit dat dan? Ik zei: "Als je innovatief bent en je zit met een onrendabele top, dan kunnen we er altijd over praten." Ik was daar wat minder ruimhartig dan ik tegenover VVS ben, maar heb in ieder geval wel aangegeven: wij verwachten ook iets van jullie. En dus, dat is een beetje hoe wij op dit moment dit soort aanvragen behandelen.
Ik wil graag inhaken op de vraag van Falke, omdat ik het een interessante vraag vond. Ik bekijk dit vraagstuk vaak vanuit een technische invalshoek, wat enigszins mijn vooroordeel is. Jouw vraag vond ik echter zeer terecht: hoe kunnen we in dit proces het maatschappelijk rendement zo hoog mogelijk maken? Ik was benieuwd of jullie misschien iets kunnen zeggen over welke rol we zouden kunnen stimuleren bij de gemeente, of welke rol de gemeente zelf zou willen innemen, of wat jullie zouden adviseren om dat maatschappelijk rendement zo hoog mogelijk te maken.
Ja, er zijn door de onderzoekers heel wat acties geïdentificeerd, nietwaar? Er is geen inventarisatie gedaan van wat er allemaal al gebeurt in Zeist. De conclusie was dat dit eigenlijk best heel goed is. Er worden veel mensen bereikt en op dit moment wordt er optimaal ingespeeld op de behoeften van de eigenaar-bewoners. Huurders van particuliere woningen blijven echter buiten beeld. Dat is ook een conclusie. Maar hoe we dit verder moeten uitbouwen, daarover zijn geen uitspraken gedaan. Dus dat viel buiten de scope van het onderzoek en dat is zeker een interessante vraag.
Oké, aan u om erover na te denken, dan kunnen andere raadsleden vragen stellen aan de wethouder of de Rekenkamer. Ja, meneer Van der Linden, ik van de ChristenUnie, even...
Ik heb enkele vragen over de budgetten die momenteel beschikbaar zijn om innovatie aan te sturen. Is er op dit moment al een concreet budget voor vastgesteld? En zo ja, hoe groot is dat?
Dat? Nee, we hebben geen afgesplitst budget voor innovatie. Ons budget is op dit moment ook mede door de vele 'spuk'-gelden die we krijgen en de eenmalige uitkering op duurzaamheid. Binnen de huidige begroting gaat het allemaal uit. Als we het geven, dan is het gewoon zo. Het kan allemaal vanuit de huidige begroting. We hebben geen specifiek innovatiebudget, en dat is ook omdat we gewoon echt niet weten wat er gaat komen. We zijn nu wel bezig, bijvoorbeeld met een fonds voor sportverenigingen of cultuur. Dan is het ook een afweging van: moet daar 500.000 in of moet daar 1 miljoen in, of moet daar 1,5 miljoen in? Je weet het niet, want bijvoorbeeld bij de flat Kerkenbos was er een aanvraag voor in één keer 60 appartementen en dan ben je € 240.000 kwijt. Maar bij de accu ging het om een onrendabele top van € 1.500, dus dat soort afwegingen heb je te maken. Op dit moment valt het binnen het budget. Maar ik kan me wel voorstellen dat, als we gaan kijken naar de doelstellingen en we het weer gaan herijken, we zeggen dat we een apart budget voor innovatie gaan afsplitsen, gewoon om het helder te maken. Dat is voor innovatie, want nu is er geld, maar straks kan het zomaar zijn dat we, gezien het lopende programma, geen geld hebben voor innovatie. En dan stokt het. Dus ik kan me best voorstellen dat we in een nieuwe herijking, op basis ook van dit rapport, misschien toch wel verstandig vinden om een apart budget voor innovatie vast te stellen. Ja.
Hier is een grammaticaal correcte versie van de tekst:
Een voorbeeld betreft de rollen. Het onderzoek geeft eigenlijk aan dat er een ijking nodig is, of een extra inspanning, of dat er meer focus nodig is terwijl de middelen schaars zijn. De barrières zijn zeker niet gering, en dan rijst de vraag aan de wethouder. Als je kijkt naar de verschillende rollen die je kunt aannemen, zoals de participatierol, het stimuleren en subsidiëren, maar misschien ook het participeren of zelf projecten ontwikkelen. Ja, er moet een focus worden gekozen waarbij de wethouder zich het meest geroepen voelt om een extra inspanning te leveren.
Ja, we hebben tot nu toe altijd vooral gekozen voor de faciliterende rol. Ik denk dat dat ook heel goed paste bij hoe we in Zeist in het algemeen in de wedstrijd zitten. Dat betekent dat, als er inwonersinitiatieven zijn, we die faciliteren en hulp bieden waar nodig, hetzij door geld, hetzij door expertise, hetzij door netwerk, enzovoort. Ik denk dat we voornamelijk op die faciliterende rol zitten, wat niet wil zeggen dat we soms niet in een actievere rol moeten stappen, bijvoorbeeld als we op zoek gaan naar warmtebronnen zoals geothermie, wind of zonnevelden. Dan is er waarschijnlijk een grotere rol weggelegd voor de gemeente dan bij lokale initiatieven. Maar stel dat er ergens geothermie mogelijk is, dan is het vervolg wel dat wij ermee aan de slag gaan en dat het initiatief niet bij de inwoner ligt. Dus in die zin is het afhankelijk van de casus. Maar vooralsnog denk ik dat de faciliterende rol ons heel goed past en ook heel goed aansluit bij de behoefte van de inwoners, waarbij de doelgroep natuurlijk heel belangrijk is. Particuliere huurders zijn een lastig te bereiken groep, dus daar zullen we waarschijnlijk wat extra inspanning moeten leveren. Bij huurwoningen van corporaties is het natuurlijk zo dat we de samenwerking zoeken. Dus ja, je bent een beetje flexibel in je rol, maar nogmaals, overal zou ik zeggen: de faciliterende rol.
Een kleine reflectie van mijn kant, zeiden ze gewoon bij het horen hiervan. Ik begrijp het volledig, maar het pad dat uitgetekend werd, was erg kronkelig en zelfs voorzien van een stippellijn. En de hulpvraag die nodig is om die faciliterende rol aan te nemen, hoe concreter, des te beter deze ingevuld kan worden. Maar het is wel heel moeilijk, ja, voor de inwoner om heel concreet op zo'n bewegend doel te mikken. Dus er is ook zeker een kleine discrepantie.
Ja, dank u wel, voorzitter. Eigenlijk wil ik aansluiten bij wat de wethouder net zei over de groep particuliere verhuurders. Is de gemeente al bezig met het ontwikkelen van beleid om, om het zo te zeggen, die particuliere huurders ook te bereiken of te kunnen bereiken? Want ik begrijp niet helemaal goed uit het antwoord in hoeverre de gemeente op dit moment daarmee staat, of de gemeente in hoeverre zicht heeft op die groep. En of die groep al in kaart is gebracht en wat de gemeente specifiek aan instrumenten kan hebben of kan ontwikkelen om die groep toch te bereiken met verduurzamingsinitiatieven.
Nou, we zijn nog niet zover dat we daar een apart beleid voor hebben. We hebben het wel in de afgelopen periode een keer onder ogen gehad. Dit rapport drukt ons nog eens op de feiten, zeg maar, dat we die groep niet moeten vergeten. Die groep van verhuurders is natuurlijk al eens in kaart gebracht vanuit de woonkamer, dus de gegevens hebben we. Ik denk dat, op het moment dat we de organisatie ook intern helemaal goed op orde hebben, een van de andere aanbevelingen zal zijn dat dit ongetwijfeld een doelgroep zal zijn waar we ons actief voor gaan inzetten. Maar op dit moment is daar nog geen beleid op geformuleerd.
Ja, dank u wel. Graag wil ik nog even iets vragen naar aanleiding van de faciliterende rol die u in uw betoog aangaf te vervullen. Stichting Energy Zeist is natuurlijk een belangrijke en actieve partij. Kunt u meer toelichten over de subsidie? Hoeveel wordt er per jaar toegekend of ontvangen? En daarnaast, hoeveel contactmomenten zijn er? Hoeveel van de gegeven adviezen worden daadwerkelijk opgevolgd door te investeren? Wat is de effectiviteit van de resultaten? Heeft u daar enig inzicht in?
Ja, zeker, want er wordt jaarlijks over gerapporteerd aan de Raad, dus dat is bekend. Hoeveel er op dit moment exact naar hen gaat, weet ik niet. En je ziet ook natuurlijk dat ze met mijn groene huis zijn begonnen. Mijn groene bedrijf is er in de vorige periode bijgekomen en mijn groene voertuig is inmiddels actief. Morgen, zaterdag, wordt nog mijn groene project geïntroduceerd, nietwaar? Ja, jij mag het niet zeggen: op Monumentendag, oh, maar... Nee, ik durf het op dit moment niet uit mijn hoofd te zeggen, hoeveel er exact naartoe gaat. Maar dat kan ik gewoon even opzoeken; het is dus geen geheim. Dat staat gewoon in de begroting. Dus ja, elk jaar wordt er netjes een rapportage van gemaakt en een verslag gaat naar de Raad. Ze nodigen de Raad ook altijd uit, volgens mij minstens twee keer per jaar, om langs te komen en te vertellen wat ze aan het doen zijn. Er wordt ook echt op gestuurd. In het begin was het ook een beetje van: leuk initiatief, daar gaat geld naartoe, en een beetje zoeken naar je rol. Je ziet dat we daar door de jaren heen steeds strakker in zijn geworden. Van: ja, wat is nu je daadwerkelijke resultaat? Je moet uiteindelijk resultaat zien, want er gaat een hoop gemeenschapsgeld naartoe, en daar wordt ook op gestuurd.
Oké. Maar ik kan voorzichtig concluderen dat alle vragen tot op heden beantwoord zijn. Ja. Oké, dan gaat het stuk naar de griffie en zij maken er een mooi raadsvoorstel van. En ik wil alvast even bij u peilen, voor de griffie, of u straks nog behoefte heeft aan een debat als het raadsvoorstel verschijnt, of vindt u het stuk dan gereed voor de raad? Misschien moeten we daar nog over nadenken. Nou.
Het stuk is naar mijn mening gewoon het stuk, dus dat is het advies dat ik wil geven. Ik vind het fijn dat we nu nog 100 tafels hebben waar we vragen over kunnen stellen, maar ik weet het niet zo goed. We moeten het toch alleen in de raad vaststellen als stuk.
Ja, maar ik debatteer. Ik weet het niet, ja, ik heb dus geen behoefte om te debatteren, omdat ik dan in debat zou moeten gaan over de inhoud van iets wat we gewoon aangeboden krijgen. Maar...
Maar goed, die optie is terug. Als u echter zegt dat u geen behoefte heeft aan een debat vanuit GroenLinks, dan is dat prima; we staan open voor andere reflecties. Nee, meneer Tompot en de voorzitter van de SP.
Voorzitter, in het rapport staan natuurlijk wel een aantal aanbevelingen. Deze zijn gericht aan zowel het college als aan de Raad. Mijn vraag is of het niet waardevol zou zijn om als Raad in ieder geval over deze aanbevelingen te debatteren, vooral omdat er ook een aanbeveling voor de Raad zelf is. Het is echt de moeite waard om na te denken over het ontwikkelen van een nieuwe strategie. Dit kan in zekere zin als een radicale stap worden beschouwd. Als Raad zouden we misschien een debat moeten voeren, juist omdat uit het rapport blijkt dat een aantal ambities niet zo direct bereikt kunnen worden. Misschien moeten we naar aanleiding van dit rapport debatteren, of er zou eerst een nieuw document moeten verschijnen waarin opnieuw wordt gereflecteerd op dit onderzoek. Maar ja.
In de notitie die je namens het college hebt gestuurd, hebben we aangegeven dat we de routekaart eens in de vier jaar herzien en dat de aanbevelingen die daarin staan, meegenomen zullen worden in de herziening. Daarom hecht ik waarde aan deze route, omdat er in de komende jaren nog best wat interessante ontwikkelingen te verwachten zijn. Als je kijkt naar de planning van de provincie, gaan zij uitspraken doen over ten minste drie zoekgebieden in de gemeente Zeist. Afhankelijk van de uitkomsten van de plan-MER zou het kunnen dat sommige gebieden afvallen of juist interessant blijken te zijn. Dat kun je dan meenemen in de herziening. Het Rijk komt waarschijnlijk binnen een half tot driekwart jaar met nieuwe afstands- en geluidsnormen voor windmolens. Er staat dus nogal wat te gebeuren, en daarom vind ik het jammer als we vanuit het college zouden besluiten om op basis van dit ene rapport snel onze doelen te veranderen, terwijl er binnen een half jaar weer belangrijke wijzigingen kunnen plaatsvinden die onze doelen opnieuw kunnen beïnvloeden. In die zin hecht ik aan het ritme dat we hebben gekozen, waarbij iets belangrijks als de plan-MER wellicht aanleiding kan zijn om de herziening naar voren te halen, maar in principe houden we vast aan de route die we samen hebben gekozen. Maar dat geef ik nog even ter overweging aan de SP.
Het zou natuurlijk ook een suggestie kunnen zijn om dit rekenkamerrapport later opnieuw te betrekken als er aanleiding is om het plan in debat te brengen. Dus dat zou ook een optie kunnen zijn die een vriend had kunnen voorstellen.
Dit sluit eigenlijk een beetje aan bij wat er nu besproken wordt. Ik worstel er gewoon een beetje mee. Er is een Rekenkamer die onderzoek doet en aanbevelingen doet. En die zijn dus voor de Raad, nietwaar? Ze zijn voor ons, althans gedeeltelijk. Oké. Maar hoe weten we over een jaar, als ik misschien geen raadslid meer ben, dat we iets met die aanbevelingen doen? Ik bedoel, ik hoef nu niet meteen allerlei dingen te veranderen. Dat is helemaal niet mijn doel, maar hoe weten we dat dit rapport te zijner tijd weer tevoorschijn wordt gehaald en dat we dan kunnen zeggen: "Wacht even, dit rapport is niet voor niets geweest"?
Als we zouden zeggen: "Leuk rapport, maar we herkennen ons niet in de aanbevelingen," denk ik dat we dan een andere discussie zouden hebben. Echter, wij vinden de aanbevelingen waardevol. We denken ook zeker dat sommige aanbevelingen al in uitvoering zijn. Dus ik zou misschien kunnen voorstellen dat we over een jaar afspreken om terug te rapporteren over de stand van zaken met betrekking tot de aanbevelingen van de Rekenkamer. Op die manier kunnen jullie over een jaar lezen wat er met de adviezen van de Rekenkamer is gebeurd. Ik wil, als je wilt, misschien wat meer comfort bieden, maar we vinden de aanbevelingen dus waardevol en we zijn er al mee bezig. Met sommige onderdelen gaan we echt aan de slag.
Ja, we verzanden een beetje in een procedurevergadering en een lijst, maar dat is wel goed om te bepalen of we het debat voeren. Ik hoor de wethouder zeggen: "Laten we het proces volgen zoals we hebben afgesproken." Daar komt het rapport in terug, en daar komen ook de aanbevelingen in terug die nu door de Rekenkamer naar voren worden gebracht. Aan de andere kant staan er ook twee aanbevelingen aan de raad. Is dat waar u op in wilt haken, meneer Van Riet? Ja?
Ja, ik wil even controleren of ik het inderdaad goed begrijp, want ik ga uit van de aanbevelingen aan het college. Het college is daar al mee bezig, nietwaar? Er is gezegd dat het college deze zal accepteren, dus ze worden als het ware per direct opgepakt. Sommige zijn al in uitvoering. Als ik het goed begrijp, worden die aanbevelingen meegenomen in de volgende update voor de Raad. Het volgende punt op de routekaart, maar kan ik dat zo formuleren? Ja.
Ja, als we kijken naar de aanbevelingen die de Rekenkamer aan de Raad doet, dan sluiten deze aan bij de lijn die we met de Raad hebben afgesproken in onze routekaart. We hebben namelijk afgesproken dat we de geformuleerde doelen duidelijker en specifieker willen maken. Dit is een onderwerp dat binnenkort opgepakt gaat worden. Ik weet niet of het volgend kwartaal zal zijn, maar we zullen in ieder geval naar de Raad gaan om dit proces samen door te nemen. Dus eigenlijk, als je naar de aanbevelingen kijkt, denk ik dat deze al vrij snel in dat proces naar jullie toe zullen komen.
Dat was eigenlijk ook mijn punt, want volgens mij was dat de SMART-doelstelling. Deze was eerder toegezegd dan een jaar geleden in de actualisatie, en volgens mij past dit er ook wel bij. Het is ook een soort formulier van "Wat gaan we doen?" Dus als bij de terugkoppeling van de SMART-doelstellingen, die dus al op kortere termijn op de agenda staan, invulling kan worden gegeven aan de vraag wat we gaan doen met die aanbeveling, dan kan ik daar goed mee leven. Daarbij moet je ook je stokpaardjes naar voren brengen. Ik vind decentrale opslag en lokale distributie van warmte en energie echt heel belangrijk en zou eigenlijk wel willen horen of dat daarin meegenomen wordt, een soort verkenning. Ik weet dat een aantal andere fracties dat ook wel interessant vinden. Misschien wil ik daar dan een motie of iets dergelijks over indienen, als dat nodig is.
Dat moet u dan doen. We zitten met honderd mensen aan tafel vanavond, dus denkt u daarover na? Nou ja, oké, dan denk ik dat er toch wel consensus is met de toezegging van de wethouder dat er geen debat over het rekenkamerrapport noodzakelijk is en dat we het raadsvoorstel van de griffie, waarin we inderdaad het rekenkamerrapport ter kennisgeving aannemen, naar de raad kunnen sturen. Maar ja.