Het transcript dat je hieronder aantreft is gegenereerd met behulp van computertechnologie.
Hierdoor kunnen de namen van personen en partijen soms foutief zijn weergegeven.
Indien je een fout opmerkt kun je deze gemakkelijk verbeteren door op het bewerk-symbool (het potloodje) te klikken.
We zijn onderweg naar de algemene beschouwingen, die over twee weken plaatsvinden. Vanavond is er een rondetafelgesprek over de bestuursrapportage en de kadernota en de resultaatsbestemming. Donderdag, als ik het uit mijn hoofd goed heb, staat de cauditommissie op de agenda. Volgende week is er een rondetafelgesprek over de jaarrekening. Zo werken we toe naar de algemene beschouwingen. Deze avond is vooral bedoeld voor de fracties om al hun vragen te kunnen stellen over de stukken die voorliggen. Ik stel voor dat we het in deze volgorde doen, dus dat we zo dadelijk beginnen met de bestuursrapportage. Laten we een ronde langs alle fracties maken om te zien welke vragen er zijn. Mijn suggestie zou zijn dat we elke fractie vragen om in de eerste ronde drie vragen te formuleren. Daarna doen we een tweede ronde, en indien nodig een derde ronde. Als we de kadernota hebben besproken, nadat we de bestuursrapportage hebben gehad, kunnen we dan overgaan naar de kadernota. Is dat werkbaar voor u? Als u even knikt of schudt, dan weet ik genoeg. Ja, dus dan gaan we inventariseren welke fracties welke vragen hebben bij de eerste bestuursrapportage voor 2024. Ik zie dat Hafid zijn vinger opsteekt, dus ik kom zo bij hem. Marco, ik heb je gezien, dus ik kom zo bij jou. Genoteerd, Hafid Boutahar van D66.
Dank u wel, voorzitter. Ik heb drie vragen in dit geval. Ik begin gewoon even direct met de eerste vraag, en die gaat over burgerparticipatie. Waar wij vooral benieuwd naar zijn, is hoe het college de raad gaat meenemen in de vraagstukken als het gaat om de positie van de wijk- en buurtverenigingen en de mogelijkheden van de inspraakverordening. Dat is de eerste vraag met betrekking tot burgerparticipatie.
Dan hebben we het over het buurtbudget. Ook vanuit de bestuursrapportage zien we dat er nog een verkenning gaat plaatsvinden. De vraag die wij eigenlijk hebben richting het college is hoe die verkenning gaat plaatsvinden en hoe de raad in die verkenning, zeg maar, al betrokken wordt meegenomen. Dat geldt natuurlijk ook voor de samenleving en alle maatschappelijke organisaties. De vraag die we hierbij eigenlijk hebben, is of wij betrokken worden in die voorfase, of dat we uiteindelijk de uitkomsten van de verkenning in 2025 gepresenteerd krijgen. Dat is de tweede vraag.
En de derde vraag gaat over dienstverlening. Allereerst natuurlijk een mooi compliment richting de organisatie voor de mooie resultaten die daar ook uit zijn gekomen. Er liggen ook wat uitdagingen, en misschien kan het college ons even meenemen in hoe ze die uitdagingen de komende tijd gaan aanpakken.
Allereerst dank en complimenten aan het college en de ambtelijke ondersteuning voor de opgestelde stukken; die zien er allemaal goed leesbaar uit. Voorzitter, ik heb een vraag over het weerstandsvermogen op pagina 59 van de Berap. Ik heb geconstateerd dat dit momenteel op 2,2% zit, zodanig dat er geen dotaties aan het weerstandsvermogen nodig zijn. Een jaar geleden hebben we een amendement ingediend om het weerstandsvermogen te verhogen naar 1,5%, omdat het toen op 0,81% stond. Nu is het fors opgelopen. Kan het college inzicht geven in hoe het kan dat die ratio nu zo hoog is? Ondanks dat we vorig jaar nog gedoteerd hebben, kan dat niet alleen aan de dotatie liggen, is mijn indruk. Misschien kunt u daar wat duidelijkheid over geven.
Mijn tweede vraag betreft ook de Berap. Er zijn twee posten die er wat mij betreft uitspringen: het leerlingenvervoer en de regiotaxi. Deze lijken een fors tekort op te leveren. Maakt het college zich hier structureel zorgen over en hoe denkt men dit te gaan mitigeren?
En de laatste vraag gaat ook over de Berap. Uit de rapportage blijkt dat milieu- en klimaatmaatregelen voor grootschalige opwek in Zeist niet werkbaar zijn, waarmee de doelen van de rest niet behaald worden. Kan de wethouder aangeven wat de consequenties daarvan zijn?
Dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraag over de B-rapportage. In de B-rapportage wordt ook melding gemaakt van de SPUK-gelden. Nu is het zo dat de nieuwe coalitie in Den Haag van plan is om daar anders mee om te gaan. Zij willen de SPUK-gelden vervangen door bedragen die de gemeenten zelf mogen besteden. De gemeenten mogen zelf bepalen hoe ze dit geld uitgeven, maar hierbij is wel sprake van een bezuiniging van 10%. Als ik het goed begrepen heb, zou ik graag van het college willen horen hoe zij denken over deze korting op de gelden die naar ons toe zullen komen en om wat voor gelden het precies gaat.
Dank u wel, voorzitter. Met betrekking tot de bestuursrapportage, op pagina 13 wordt het onderwerp schoolverzuim aangesneden. Het doel is om het ongeoorloofde verzuim te laten afnemen door de begeleiding van de leerplichtambtenaren. In de toelichting staat echter dat het verzuim toeneemt en dat dit buiten de beïnvloeding van de leerplicht ligt. Vervolgens wordt vermeld dat er diverse beleidsmatige initiatieven in gang zijn gezet. Wij zouden graag willen weten welke initiatieven dat zijn, wat de resultaatverplichtingen zijn en wat de kosten daarvan zijn. Er wordt ook genoemd dat er problemen zijn met kinderen als gevolg van de coronamaatregelen. Ik vraag me af welke maatregelen dat zijn die nog zo lang doorwerken en wat daar aan gedaan wordt.
Mijn tweede vraag gaat over het jongerenwerk op pagina 16. Daar wordt aangegeven dat een extra jeugdwerker in het centrum wenselijk is. Onze vraag is waarom er in het verleden wel een jeugdwerker was en nu blijkbaar niet meer. Waar is deze gebleven? En is het niet mogelijk om een flexibele inzet vanuit andere wijken te organiseren, als blijkt dat de overlast van jeugd op een andere plek zwaarder weegt dan elders? In plaats van dat we per wijk bekijken en dan constateren dat er in het centrum geen jeugdwerker beschikbaar is.
De derde vraag combineer ik even. Die gaat over pagina 42, waar twee onderwerpen staan: de ene is de rotonde Jagersingel-Woudenbergseweg en de andere is de reconstructie van de Oranje Nassaulaan. Deze staan allemaal keurig in het blauw gemarkeerd als 'volgens planning'. Ik zou echter graag willen weten of het college dit ook deels erkent, want volgens ons loopt het helemaal niet volgens planning. We weten dat er over de afslag nog veel gesprekken gevoerd moeten worden en hetzelfde geldt voor de Jagersingel. Daar wachten we trouwens nog steeds op de toegezegde stukken van het college, die al twee keer zijn nagevraagd, maar die we nog steeds niet hebben ontvangen. Dit betreft de onderzoeksvraag, de betrokkenheid van de samenleving en de criteria die gesteld worden bij het onderzoek voor de rotonde. Wellicht zou het mogelijk zijn dat we die toch nog eens krijgen, en het liefst nog voor de bespreking van de voorjaarsnota. Dit zijn de vragen.
Dank u wel, voorzitter. Mijn eerste vraag gaat over het solide financiële beleid en het hanteren van de stabiliteitscriteria. Er wordt op pagina 117 een notitie gemaakt. Deze gaat over de personeelskrapte. Is het niet belangrijk om dit met voortvarendheid aan te pakken? Personele krapte in het team control mag toch eigenlijk niet plaatsvinden. Mijn andere vraag gaat over het klimaatplan. De vorige keer was er ook sprake van knelpunten op het gebied van personeelscapaciteit. Nu is er een ander argument. Hoe staat het daarmee eigenlijk, op het gebied van personeel en capaciteit? Hetzelfde geldt voor de nota over biodiversiteit; ook daar is de vraag hoe het zit met het opstellen van de uitvoeringsstrategie.
Bij het doorbladeren is mij een bepaald punt opgevallen. Het betreft pagina 14 en 15 van de bestuursrapportage. Bij het tweede blok op pagina 14, onder het kopje 'Voorkomen van overbelasting van mantelzorgers', en vervolgens op pagina 15, in het eerste blok onder 'Fysieke wijkvoorzieningen', staat in beide blokken dezelfde tekst. Mijn vraag is of de tekst van pagina 14 wellicht per ongeluk naar pagina 15 is gekopieerd. Er zou bij 'Fysieke wijkvoorzieningen' waarschijnlijk een andere tekst moeten staan. Kan het college hierover duidelijkheid verschaffen? Wat had daar eigenlijk moeten staan?
Wel, dankjewel. David Tompot spreekt voor de SP. Zijn er nog anderen in de eerste ronde? Dan gaan we kijken naar het college. Ja, dat is gebruikelijk. Ik vraag u, richting het college, wie van u neemt het woord, of heeft u even tijd nodig? We schorsen niet; ik zie Walter van Dijk als eerste. Het woord is aan Walter van Dijk.
Dank u, voorzitter. Het is sowieso goed om te merken dat er niet zo heel veel vragen over de financiën zijn gesteld. Want het idee van dit rondetafelgesprek is dat we het zoveel mogelijk over de inhoud hebben. Dat neemt niet weg dat het natuurlijk mooi is dat er toch een paar vragen over de financiën zijn gesteld. Zeker, ik verheug me op de rest van de avond, meneer Fluitman.
De eerste vraag die echt van financiële aard was, was, denk ik, de vraag van de VVD over het weerstandsvermogen dat uitkomt op 2,2, terwijl 1,5 de waarde is waar we sinds jaren op koersen en die terecht aangeeft. Vorig jaar zag dat er minder gunstig uit, dus toen is er een forse dotatie vanuit het jaarrekeningresultaat aan het weerstandsvermogen toegevoegd, meer dan 5 miljoen euro. Daarmee schiet je in ieder geval al richting die 1,5. Was dat bedrag natuurlijk op gebaseerd, maar wat daarnaast altijd gebeurt, is dat alle risico's waarmee de gemeente te maken heeft, een aantal keren per jaar, zeker in aanloop hiernaartoe, worden doorgenomen en gewogen. Dit zowel in de zin van de kans dat een risico zich voordoet, als in de zin van wat de omvang zou kunnen zijn. Daarnaast wordt gekeken naar beheersmaatregelen. Dat leidt dan tot een nieuwe weging van de risico's en vooral de financiële vertaling daarvan. Dat is eigenlijk de andere kant van de formule. Dus het zit in die twee dingen: enerzijds een forse dotatie vanuit het amendement dat u noemde, vanuit de bestemming van het jaarresultaat 2022, en anderzijds het feit dat, denk ik, als er dan een heel gunstige ontwikkeling is dat een aantal risico's waar we voorheen mee te maken hadden, zijn weggenomen of op een andere manier zijn geminimaliseerd. Daardoor hoeven we uiteindelijk een minder groot risico af te dekken met het weerstandsvermogen. Dat leidt dan tot die waarde van 2,2, die dan weer hoger is dan datgene wat we met elkaar hebben afgesproken. Dus dat leidt ertoe dat voorziene mutaties en dotaties in de komende jaren ook weer vrijvallen, zodat we consistent op die 1,5 blijven koersen.
Over dit alles wordt in de jaarrekening veel uitgebreider toegelicht dan in de eerste bestuursrapportage. Dus in die zin kan ik de vraag goed voorstellen, maar daarin is eigenlijk de uitleg die ik net gaf ook opgenomen. Dan is er de vraag over de SP van de heer Van Nieuwstad.
Is er ook een doorrekening gemaakt voor de aankomende jaren? U wilt de donatie nu terugstorten. Maar is er een doorrekening gemaakt om te bepalen of dat wel slim is om te doen, gezien we niet weten hoe de situatie er in de aankomende jaren uit zal zien?
Ja, het is altijd met de kennis van nu, hè? Ik heb al aangegeven dat we twee keer per jaar een inschatting maken, of misschien heb ik dat niet aangegeven, maar dan doe ik dat bij deze. We maken een inschatting van alle risico's en kijken hoe we die kunnen beheersen. Dat leidt dan, bij de begrotingen en de kadernota, tot een bepaalde beoordeling. Nou, vandaar dat we het er vandaag ook over hebben. Richting de begroting doen we dat opnieuw en zo is er twee keer per jaar een ijkpunt. We koersen vanuit de nota stabiliteitscriteria op die 1,5 en dat kan ertoe leiden dat je soms een dotatie nodig hebt om daarop uit te komen. Je zult soms ook zien dat er bedragen vrijvallen, omdat die 1,5 natuurlijk heel arbitrair is. Het is een politieke keuze om op dat niveau te zitten. Het had ook twee kunnen zijn, of één. Je ziet dat gemeenten daar verschillende keuzes in maken. Maar de consequentie is altijd dat er iets met de bedragen moet gebeuren als je onder of boven die 1,5 uitkomt. De volgende keer bespreken we dit over een halfjaar weer."
GroenLinks spreekt ook nog even over dit onderwerp, want er werd gesuggereerd dat er geld wordt teruggestort. Maar dat is volgens mij niet het geval. Er worden dotaties tegengehouden, als ik het goed begrepen heb, maar is dat überhaupt mogelijk? Het is een beetje een vreemde vraag. Is het überhaupt mogelijk om geld over te hevelen uit de reserve weerstandsvermogen of uit het weerstandsvermogen, als je de conclusie trekt dat daar domweg te veel geld in zit?
Ik weet niet of ik het eerder onjuist heb uitgedrukt, maar laat ik het zo zeggen: er zijn dotaties gepland voor de komende jaren. Daarop doelde de heer Fluitman, en deze worden beschikbaar op het moment dat we, met de kennis van nu en in vergelijking met de laatste keer dat we erover spraken, geen reden meer zien om die dotaties, die feitelijk stortingen zijn, te doen. Dus in die zin komen die bedragen vrij. Niet nu, maar in de jaren waarvoor ze voorzien waren. Dat zie je terug in het meerjarenperspectief. En dan is uw vraag – ja, daar kom ik eigenlijk weer terug op hetzelfde punt – dus wij beoordelen twee keer per jaar wat de omvang van de risico's is en naar welk bedrag dat zich vertaalt, wat je nodig hebt qua omvang van het weerstandsvermogen. Als uw vraag dan is: stel dat je vanuit die berekening tot de conclusie komt dat je 100 nodig hebt en je zit op 110, ja, dan zul je iets moeten terugstorten, want wij houden ons heel strikt aan die norm van 1,5. Daar sturen we iedere keer op. Dus dan denken we niet: nou, we voorzien misschien nog wel risico's die we op dit moment niet kunnen voorzien, want er komen donkere wolken aan. Dat doen we niet; we zorgen gewoon dat we twee keer per jaar koersen op de vastgestelde norm.
Maar dat is precies wat ik probeerde aan te geven aan de heer Huiben: dat dit onderwerp vooral naar voren is gekomen in de jaarrapportage over 2023, waarin aanzienlijk veel tekst is gewijd aan de risico's. We bespreken hoe we deze mitigeren, maar ook welke risico's bijvoorbeeld zijn weggevallen. Terug naar de specificaties: dat is inderdaad geen beleid van dit college of deze coalitie, maar een besluit dat veel meer te maken heeft met het kabinet dat op dit moment gevormd wordt. Daar kunnen we dus nog niet zo veel mee. Het demissionaire kabinet heeft bij de voorjaarsnota een aantal besluiten genomen, bijvoorbeeld over de oploop van de opschalingskorting. Dat is meegenomen in de meicirculaire, en ik heb zojuist de griffier gevraagd om straks de kern van de meicirculaire te laten zien, want die is vanmiddag gedeeld met de nieuwsflits. Maar ik kan me voorstellen dat niet iedereen daarvan op de hoogte is. Wellicht hebben anderen dat toch gemist, terwijl dat wel de cijfers in deze eerste bestuursrapportage, het financieel perspectief en zeker dat van de kadernota beïnvloedt. Het is dus goed, denk ik, om u mee te nemen in de meest actuele cijfers. Alles wat we vanuit de voorjaarsnota van het demissionaire kabinet weten, is meegenomen in de doorrekening van de meicirculaire. Alles wat dit kabinet heeft afgesproken, is nog geen geformaliseerd beleid en staat dus ook niet in de meicirculaire. Daarom kunnen we daar op dit moment ook nog geen rekening mee houden. Alles wat we dus over de specifieke uitkeringen (SPUK) zouden zeggen, is in die zin ook wel enigszins prematuur. Dat neemt niet weg dat wij zien, en daar hebben we ook al eerder over gesproken, dat het aantal SPUK's zowel in omvang als in aantal en financiële omvang behoorlijk is uitgedijd de afgelopen jaren. Daarmee vindt er eigenlijk ook steeds meer sturing plaats vanuit de rijksoverheid richting lokale overheden, oftewel, je hebt minder beleidsvrijheid, minder ruimte om zelf keuzes te maken. En dat is een ontwikkeling die gemeenten over het algemeen, en dat horen we ook regelmatig van de VNG, niet per se verwelkomen. Integendeel. In die zin zou je kunnen zeggen dat het een goede ontwikkeling is als een nieuw kabinet ervoor kiest om SPUK's om te zetten in een algemene uitkering. Want dat leidt ertoe dat gemeenten wel beleidsvrijheid hebben en zelf keuzes kunnen maken. Tegelijkertijd, ja, u noemt het, dat gaat met een korting van 10% gepaard. Nou, dat bedrag zal je deels terugverdienen, omdat je voor elke SPUK ook een heleboel verantwoording moet inrichten, wat ook geld kost en dat dan minder nodig is. Maar of dat 10% is? Op dit moment zou het echt prematuur zijn om daarover een uitspraak te doen. De algemene ontwikkeling zien we graag komen, maar die 10% hadden we vanzelfsprekend liever niet gezien. Of die korting wel of niet gunstig dan wel ongunstig uitvalt, dat hoop ik over ongeveer een half jaar te kunnen beoordelen als we richting de begroting gaan.
Er wordt door de fractie van D66 gerefereerd aan het participatiehandvat. "Nou, we hebben in algemene zin als gemeente," zei ze, "een participatiehandvat, maar zoals u waarschijnlijk als raad ook weet, is er recent een wet aangenomen door de Eerste Kamer, die ook maakt dat wij ons participatiehandvat moeten gaan herijken." Nou, dat is ook iets wat in algemene zin bij de burgemeester ligt. Daarnaast hebben wij gezegd: "Het is ook in het kader van de ruimtelijke initiatieven zo dat we op dit moment aan de slag zijn en ik ga richting het einde van het jaar naar u als raad toe, omdat we een participatiehandvat voor ruimtelijke initiatieven aan het ontwikkelen zijn. Dus daarin wordt u als raad ook zeker meegenomen. Er wordt ook input opgehaald." Dus in die zin hoop ik dat ik de vraag goed beantwoord, als ik zeg dat dat in een spoor zit, dat we ook verder gaan oppakken en we zullen ook als college in den brede kijken wat die nieuwe wet, die gaat over de inspraak en waar ook een uitdaagrecht bij zit, bijvoorbeeld, hè? Om heel goed als college te kijken en ook met u in samenspraak met u als raad, op welke wijze we dat als gemeente Zeist lokaal invulling gaan geven. Dat was de eerste vraag.
Het tweede punt is het buurtbudget. Nou, dat duurt langer, dat klopt. Dat is ook door ambtelijke capaciteit en het duurt langer dan gepland. Dat kunt u ook in de berap zien. Wij hopen daar begin 2025 met een voorstel richting de raad te komen. Daarin zullen we zeker ook in de tussentijd de raad meenemen in die verkenning en naar de mogelijkheden kijken. Dus laten we afspreken dat wij daar ergens in Q3, begin Q4, u als raad ook een tussenstand geven, zodat we begin 2025 ook echt met een concreet voorstel kunnen komen over hoe wij het budget willen gaan inrichten.
Ik denk dat u ze per fractie wilt aflopen, verwacht ik zo. Dus ik ga dan even door naar mijn collega hier aan deze zijde voor het antwoord op de derde vraag van de D66-fractie, is dat een idee? Ik ben even aan...
Wouter Catsburg. Het is wel ingewikkeld, twee voorzitters voor één vergadering. Ja, D66 had het over de uitdagingen van dienstverlening. Ik weet natuurlijk niet welke uitdagingen hij precies bedoelt, maar ik zal er een paar noemen en ik hoor wel of dat een beetje voldoet. J
Ik kan het misschien wel even toelichten als we daar tijd voor hebben, dacht ik. Ik stel de vraag gewoon direct, want het staat allemaal in de tekst, maar...Maar het gaat bijvoorbeeld over die 15% van de mensen die het nog erg moeilijk vindt om antwoord te krijgen op de vragen over bijvoorbeeld de toegankelijkheid, het bereiken van mensen via sociale media, vooral de jeugd, enzovoort. Nou, die worden allemaal in de tekst genoemd, maar voor mij gaat het erom dat we zien dat het natuurlijk gewoon goed gaat. Vandaar ook het compliment. Maar er zijn ook nog uitdagingen, en daarover zou ik graag meer willen weten als je ons daar wat meer over kunt vertellen.
Ja, helder. Binnen de portefeuille dienstverlening denk ik dat de issues die u noemt specifieke doelgroepen aangaan. Dat ligt, denk ik, meer inhoudelijk bij de betreffende wethouder. We proberen inderdaad steeds meer kanalen te vinden om mensen te bereiken. Een van de belangrijke punten, zoals ook in ons akkoord staat, is de digitale toegankelijkheid. Hoe zorgen we ervoor dat mensen digitaal komen waar ze moeten zijn en de middelen hebben om dit te gebruiken? Dat is echt een uitdaging. We proberen ook samen met de vakinhoudelijke ambtenaren de juiste kanalen te vinden. Hoe bereik je de mensen? Dat is in de breedte van het spectrum hier een hele grote uitdaging, want we weten dat we niet iedereen bereiken die we wel zouden willen bereiken. We willen maatwerk gaan leveren via de netwerken, maar dat zit voornamelijk bij de vakinhoudelijke wethouders. Vanuit dienstverlening ondersteunen we bijvoorbeeld met de chatbot, die goed gebruikt wordt. Door de chatbot toegankelijk te maken met eenvoudige vragen en goede antwoorden, zien we een doorontwikkeling. We zijn met een nieuwe aanbesteding bezig voor de chatbot, omdat de huidige problemen heeft met digitale toegankelijkheid. We willen daar stappen in nemen. Zo zijn we eigenlijk constant met de medewerkers en de signalen uit het veld bezig. Hoe bereik je mensen? Dat is, denk ik, een antwoord in de volle breedte.
Ik ga gelijk door naar de VVD. De opwekking van de doelen van de RES wordt niet gehaald. Wat zijn de consequenties? Nou, de consequenties zijn dat wij het bod dat wij als gemeente gedaan hebben richting de provincie, niet kunnen waarmaken. De insteek van Zeist is altijd geweest dat we weten wat we nodig hebben om het voor 2030 te realiseren. Dat was ons bod in de RES, vertaald naar een aantal kilowattuur opwekking die we niet kunnen halen. Ik merk dat er begrip is voor onze situatie, vooral omdat ze zien dat wij, als Zeist, onze uiterste best doen om verduurzaming een boost te geven. De Raad heeft ook akkoord gegeven op aankoop van de aandelen Stedin. We hebben in Zeist nu een regionaal energiecentrum, wat we samen met een aantal omliggende gemeentes doen. Ze zien de inzet van Zeist, maar we zullen ons de komende tijd moeten herbezinnen op hoe we invulling gaan geven aan onze doelstellingen. Dat zal niet meer met windenergie zijn, gezien de huidige omstandigheden. We zullen dus op andere manieren moeten zoeken hoe we kunnen bijdragen aan de transitie naar meer duurzame energie. Dat is hoe wij er als gemeente op dit moment inzitten en nogmaals, er is begrip in de provincie voor onze situatie. We werken hard om te kijken wat we kunnen doen. De provincie begrijpt dat wij ons maximaal inspannen om te doen wat we kunnen.
Dank voor de beantwoording en voor alle initiatieven die worden ontplooid; deze worden van harte ondersteund en zijn ook mooi. Het is hartstikke mooi dat de provincie begrijpt dat wij ons maximaal inspannen om te doen wat we kunnen. Het is fijn dat we dat begrip hebben. Maar betekent dit ook dat de provincie niet naast ons zal komen staan om te zeggen: "Laten we nog eens kijken langs de A12 of je daar toch niet nog windmolens kunt plaatsen"? Is dat wat daarmee uitgesloten is, volgens u?
De provincie heeft natuurkundig onderzoek laten uitvoeren naar de meest kansrijke windlocaties in de provincie Utrecht. Zeist behoort daar niet toe. Van de drie locaties die wij aan de provincie hebben voorgesteld, hebben zij zelf twee aangedragen. Wij hebben daarnaast ook nog Kamp van Zeist toegevoegd. Alle drie de locaties worden door de provincie als niet kansrijk beschouwd. Er zijn, geloof ik, 26 locaties die zij kansrijker of in ieder geval wel kansrijk vinden, dus het ligt niet in de lijn der verwachtingen dat de provincie alsnog bij ons aanklopt, in ieder geval niet onder de huidige omstandigheden, hè? Je weet niet hoe de techniek zich verder ontwikkelt of welke normen er in de toekomst gaan gelden, maar de verwachting is niet dat ze alsnog bij ons zullen aankloppen.
Dan de heer Fluitman, ja. Over twee projecten: vanuit mobiliteit, de Jagerssingel en Oranje Nassaulaan, ja, die staan nog op een smiley. Omdat het resultaat in uitvoering en of loopt volgens planning, is de verwachting dat de onderdelen gerealiseerd zullen worden. Nou, dat is nog steeds onze insteek en dus is er vertraging, maar niet een vertraging op basis waarvan wij zeggen: "Nou, we gaan twijfelen of het ooit tot uitvoering komt." Dus vandaar dat wij gezegd hebben: "Het is in uitvoering en er lopen gesprekken en onderzoeken." Maar uiteindelijk zal in de loop van dit jaar duidelijk worden welke uitvoering gekozen gaat worden. Dus vandaar dat het een lopend item is.
Over de stukken die onderzoeksvragen betreffen, heb ik nog even nagevraagd en ik heb dat niet teruggekoppeld. Mijn excuses daarvoor, maar dat zat hem in de mail of in de offerte die ook naar de Raad is gestuurd van het onderzoeksbureau. Het onderzoek is samen met het onderzoeksbureau, de gemeente en de drie wijkverenigingen uitgevoerd. Er is een onderzoeksvraag opgesteld en het bureau heeft vervolgens een offerte gedaan. In die offerte staat eigenlijk alles wat afgesproken is in dat gesprek, ook met de bewonersverenigingen. En voor zover ik weet, is die offerte ook naar u toegestuurd. Zo niet, dan kan die alsnog verstuurd worden. Oké, dan gaat hij alsnog komen. Ik verwacht ook dat er binnenkort een Raadsinformatiebrief (RIB) uw kant op gaat, in ieder geval over de situatie rondom de rotonde. Die verwacht ik binnen twee tot drie weken.
Dan de heer Bredius over het klimaatplan en personeelscapaciteit. Nou, ik kan zeggen dat we inmiddels in het team Duurzaamheid vrijwel op de gewenste sterkte zijn. We hebben nu een team van acht mensen, dus we kunnen goed vooruit. Ik verwijs graag naar pagina 97, waarin ook staat wat de situatie is rondom het klimaatplan. Namelijk dat we gezegd hebben: "We gaan het klimaatplan, dat bestaat uit allerlei onderdelen, beter met elkaar in relatie brengen." Als klimaatplan hebben we gezegd: "De koepel wordt uiteindelijk wat het doel is: CO2-vermindering." We gaan vanuit het klimaatplan CO2-vermindering nastreven en alle losstaande beleidsstukken die we hebben bekijken. Hoe kunnen we die in de toekomst samenvoegen tot een groot klimaatplan, waar natuurlijk alle losse onderliggende stukken ook op zichzelf blijven staan, maar wel allemaal hetzelfde doel krijgen, namelijk CO2-reductie. Hoe dragen de plannen bij aan CO2-reductie? Dat is de situatie rondom het klimaatplan, maar daar wordt in de tweede helft van dit jaar verder aan gewerkt en we komen daar bij u op terug.
En over de nota biodiversiteit: de situatie daarvan kunt u lezen op pagina 94, waarin staat dat deze zo goed als afgerond is. Dus die gaat ook rond de zomer naar u toe. Dat was het, voorzitter.
Ja, ik wilde nog even in een wat breder perspectief kijken. Uw vraag, meneer Bredius, gaat over de personeelskrapte. U heeft daarover een aantal inhoudelijke vragen gesteld, maar het is misschien goed om te zeggen dat wij natuurlijk niet de enige gemeente zijn die op dit moment met die personeelskrapte te maken heeft. We zien wel, en dat hoort u ook vast in de beantwoording, dat er voor een aantal vacatures gelukkig weer invulling is gevonden. En we zullen u na de zomer, dus vanaf 12 september, meenemen in hoe wij nog effectiever denken te zijn in ons arbeidsmarktbeleid. Dat doen we onder andere door het vinden, binden en boeien van een ander type selectie bij werving en selectie. Nou, dat zijn allemaal elementen die in september terugkomen en daarmee hopen we in ieder geval ook, nogmaals, een aantal vacatures die nu nog niet vervuld zijn, in de toekomst beter te kunnen vervullen. De rest komt wat ons betreft in september.
Ja, ik heb dat ook gezien. Ik heb ook opgemerkt dat persoonlijk contact met de kandidaat belangrijk is, nietwaar? Ik dacht eerst dat er 'kandidaat ijs' stond, maar het is toch echt 'kandidaat reis', dus het gaat over de reis van de kandidaat, wat prachtig is. Maar ging het niet specifiek daarover? Mijn eerste vraag was of het echt gericht was op het team van de afdeling Control, omdat dat me na aan het hart ligt. Het is heel belangrijk, misschien wel het belangrijkste van alles. Het vormt de kern van waaruit we alles doen. En omdat op pagina 117 staat dat de twee nota's, 'Solide Financieel Beleid' en er was nog een ander beleidsstuk, 'Borg- en Garantstelling', enige vertraging oplopen, was mijn vraag specifiek om daar toch voorrang aan te geven. Om te zeggen van: "Nou ja, misschien moet dat toch prioriteit krijgen." Als ik die vraag niet heb gesteld, dan bij deze.
Ik wil graag even antwoorden. Ik wil niet te specifiek worden, omdat dit voornamelijk werk is dat door het team control wordt uitgevoerd. Dat is een relatief klein organisatieonderdeel waar al een aantal jaren vacatures zijn. Daarnaast is er ook langdurige ziekte, wat maakt dat we moeten prioriteren. Dat doen we dan ook. Een aantal zaken is daardoor wat later naar de Raad gekomen dan aanvankelijk voorzien. We bekijken steeds wat de meeste urgentie heeft en tot nu toe lukt het goed om datgene te doen wat echt noodzakelijk is. Maar zoals gezegd, moeten we tegelijkertijd af en toe echt prioriteren, waardoor sommige dingen helaas later komen dan gepland. Via onder andere de bestuursrapportage laten we zien wanneer verwacht mag worden dat de zaken van een bepaalde ordegrootte worden aangepakt. Ook in het uitvoeringsprogramma staan hier en daar wat zaken vermeld. Dat is wat ik daar aanvullend op kan zeggen. Behalve dat we natuurlijk van harte hopen dat het ons snel gaat lukken om die vacatures in te vullen, want dat legt in de tussentijd ook gewoon een te groot beslag op de mensen die wel aanwezig zijn.
Laura Hoogstraat, ja, dat ben ik. Ik wil graag antwoorden op de vraag van de heer Tompot. Dat klopt inderdaad. Er zijn onjuiste teksten in terechtgekomen. De juiste tekst moet luiden dat we door het bieden van een centrale ontmoetingsplek merkbaar hulp dichtbij willen organiseren, zodat mensen laagdrempelig een luisterend oor en hulp kunnen vragen. Hierdoor wordt de hulpbehoefte van wijkbewoners laagdrempelig en snel gesignaleerd en gekoppeld aan de juiste instantie. In de begroting staat het correct. In de tweede mededeling zullen we dit absoluut ook rechtzetten en ik zal u een specifiek tekstje via de dagflits doen toekomen. Is dat in orde? Ja, ik ben een beetje van slag door het heen en weer gaan, maar volgens mij was er nog een vraag over leerlingenvervoer of regiotaxi waar ik in eerste instantie wat over wil zeggen met betrekking tot de inhoud van de regiotaxi en de tekorten die we nu zien ontstaan. Dat komt natuurlijk omdat een subsidie vanuit de provincie stopt. Deze is geleidelijk afgebouwd en daarnaast hebben we gezien dat er een stijging is in CAO-loon en prijsstijgingen, zoals hogere benzineprijzen bijvoorbeeld. We zijn als gemeenten in de hele provincie bezig met een aanbesteding en vanuit die aanbesteding zullen we denk ik ook een stijging zien. Alle indexaties worden meegenomen. Wat we ook zien, is dat er gewoon een grotere groep mensen gebruikmaakt van een vervoersvoorziening. Het aantal ouderen stijgt, dus er zal een grotere groep aanspraak gaan maken op een voorziening. Maar dat hoeft niet altijd een regiotaxi te zijn. Wij zijn bijvoorbeeld recentelijk gestart met het project 'ANWB AutoMaatje', dus we zijn ook op zoek naar andere manieren om mensen te ondersteunen in hun vervoersbehoefte. Vaak gaat het om kleinere vervoersvragen dan die van de regiotaxi, dus daar gaan we zeker naar kijken. Wat zijn de mogelijkheden? Een 'Gouden Koets' in een wijk, andere opties naast AutoMaatje, op die manier proberen we de kosten te drukken. Bovendien is het qua inhoud, begeleiding en vrijwilligerswerk en gezelligheid ook een mooie aanvulling. Maar als gemeente zijn we verplicht om de vervoers- en ondersteuningsvraag uit te voeren, evenals het leerlingenvervoer. Dat is ook een taak die we wettelijk moeten uitvoeren als gemeente. Ik dacht dat u zei dat we het moesten liberaliseren, maar dat heb ik niet goed gehoord?
Ja, nee, in dat geval legt u mij woorden in de mond. Ik had het zomaar kunnen zeggen, maar niet in deze context. Nee, zeker niet, dus nee, het was een punt van zorg voor de uitspraak.
Voorzitter, ja, ik zal het onderwerp weer even aansnijden. Met betrekking tot het leerlingenvervoer, en specifiek aanvullend op wat mijn collega zojuist heeft geschetst over de regiotaxi, zien we ook bij het leerlingenvervoer dat er druk is. We hebben nu de nieuwe aanbesteding voor zowel de regiotaxi als het leerlingenvervoer. Wat we inhoudelijk aan het doen zijn, is dat we, samen met een aantal scholen, heel kritisch kijken naar hoe we leerlingen die nu gebruikmaken van het vervoer, kunnen begeleiden. We hanteren al de regel dat mensen binnen een straal van 6 km geen gebruikmaken van het leerlingenvervoer. Maar we zien ook dat er nog een slag gemaakt kan worden. We onderzoeken bijvoorbeeld hoe we, met een stuk begeleiding vanuit de school, een aantal leerlingen uit het leerlingenvervoer kunnen halen zodat zij toch zelfstandig naar school kunnen gaan. Dat is wel iets wat vaak een langere adem vereist. We gaan ook kijken of we ouders kunnen verleiden om, al dan niet gezamenlijk, te kiezen voor eigen vervoer, bijvoorbeeld door het ophogen van de kilometervergoeding of het aantrekkelijker maken van een fietsvergoeding. Daarbij voorzien we bijvoorbeeld in een elektrische fiets voor mensen die zelf de middelen niet hebben. Dat zijn een aantal maatregelen. Binnenkort gaat er ook een RIBU uit om te bekijken hoe wij als college, ook in de regio, het leerlingenvervoer kunnen verminderen, zodat het toegankelijk blijft voor de leerlingen die het echt hard nodig hebben.
Dan, als aanvulling, zal ik meteen ingaan op de vraag rondom het ongeoorloofd schoolverzuim. Het feit dat wij als gemeente geen invloed hebben op het schoolverzuim, betekent natuurlijk niet dat we ons er niet mee bezighouden. Op het moment dat leerplicht aan de orde is, is er sprake van ongeoorloofd verzuim en dan is er al iets mis op de school. We proberen natuurlijk, samen met de scholen, te kijken naar de problematiek rondom jongeren. Dat hebben we gedaan met de vaststelling van de agenda Jeugd en Onderwijs, maar ook met de problemen die er nu zijn. Met de NPO-middelen hebben we tijdelijk extra ingezet op het verminderen van ongeoorloofd verzuim. We hebben specifiek naar aanleiding van de bestuursrapportage gekeken naar de oorzaak van de stijging in het verzuim. Wat we daar zien, is dat er in de tijd van corona veel minder is geregistreerd op het gebied van schoolverzuim en dat er eigenlijk een soort inhaalslag heeft plaatsgevonden in de registratie gedurende de afgelopen anderhalf jaar. Dat verklaart ook de forse stijging, omdat er nu beter wordt geregistreerd dan in de voorgaande jaren. Dat neemt niet weg dat we natuurlijk wel een problematiek zien waar we, samen met de scholen, aan moeten werken om te zorgen dat het verzuim afneemt. Dat doen we onder andere door in te zetten op mentaal welzijn, door jongerenwerkers en jongerencoaches op scholen te plaatsen en door te kijken hoe we samen met de GGD, die vaak ook een formele rol heeft, zoals de jeugdarts, eerder kunnen ingrijpen om preventief te voorkomen dat het verzuim toeneemt. Ik hoop dat ik hiermee de vragen van het CDA heb beantwoord.
Dan was er ook een vraag rondom het jongerenwerk. Ik heb hier navraag naar gedaan. In elke wijk is er een jongerenwerker, maar er is wel een tekort aan jongerenwerk. We zijn nu ook extra middelen aan het aanvragen en tegelijkertijd aan het kijken hoe we het jongerenwerk structureel willen vormgeven. Daarin kijken we ook naar de inzet van bijvoorbeeld MeanderOmnium. We hebben niet onbeperkt geld, dus we zijn, samen met collega Hoogstraten, goed aan het kijken wat we kunnen doen rondom preventie en de inzet van jongerenwerk. We onderzoeken in welke wijken we een extra inzet moeten plegen, omdat we zien dat daar echt iets nodig is.
We hadden voorheen in het centrum een opvang voor jongeren met twee jongerenwerkers. Volgens mij is er op dit moment geen jongerenwerker meer actief in het centrum, dus ik ben wel benieuwd. Er is wel informatie dat er een jongerenwerker zou zijn, maar we beschikken niet over een locatie. Dat is ook iets waar we naar moeten kijken. Die locatie zou morgen de deuren kunnen openen. Maar goed, ik ga niet zeggen: "U heeft de ruimte gehuurd, dus u kunt die morgen openstellen." Volgens mij moet er echt iets gebeuren wat betreft het jongerenwerk in het centrum, maar daar kom ik op een ander moment op terug.
Naar mijn weten was dat het. We gaan kijken of alle vragen in de eerste ronde beantwoord zijn. Ik stel een tweede ronde open voor vragen over de bestuursrapportage. Ik noteer in ieder geval Marcel Fluitman van het CDA om te beginnen. En dan kom ik vanzelf bij de anderen.
Voorzitter, ik wil even kort ingaan op het capaciteitsgebrek. Ik vind het interessant dat de wethouder van Financiën zegt dat er prioriteiten worden gesteld. Misschien is het handig om die prioriteitenstelling soms ook met de raad te delen, zodat we meer zicht hebben op wanneer dingen echt worden uitgesteld of niet. Hierop aansluitend heb ik de volgende vraag over de kosten voor de nieuwbouw van de nieuwe gemeentewerf. Op pagina 58 staat een zin die, wat mij betreft, voor veel uitleg vatbaar is: "Onder andere enkele personele zaken en daarmee ontstane inefficiëntie door het opvangen van uitval en extra benodigde capaciteit binnen de huidige arbeidsmarkt hebben hier een rol gespeeld." Wat een prachtige volzin, maar wat zegt u nou eigenlijk? Want deze zin kost ons een miljoen. Ik vraag me af hoe het zover kan komen dat dit nu al 1 miljoen kost. En ik vraag me af hoe u dat in de aankomende twee tot drie jaar ziet, voordat de schop daar echt in de grond gaat. Dus hoeveel miljoen gaat het ons nog extra kosten? Dat is de eerste vraag.
De tweede vraag gaat over pagina 81, kunst en cultuur, waar geschreven wordt dat een van de grote organisaties waarin wij subsidie verstrekken, een taakstelling van 1 miljoen heeft. Dat was een taakstelling van vier jaar geleden van 250.000 euro, die ging over de samenvoeging van de muziekschool en het kunstenhuis. Ik heb inmiddels begrepen dat er vanuit de organisatie gesprekken met u zijn, omdat die 250.000 niet realistisch is. Dus ik zou graag van u willen weten hoe die gesprekken lopen. Wat ziet u als haalbaar en is het toch steeds realistisch om deze taakstelling van deze grootte op die organisatie te leggen?
David Tompot van de SP. Dank u, voorzitter. Ik had nog een vraag over pagina 89, met name over de opvang van vluchtelingen. Bestaat de ambitie om de opvang op verschillende locaties te continueren, waaronder dus de noodopvang voor Watllaert Sacré Kamp ? Het is echter zeer onzeker of de opvang voor de Afghaanse evacuees daar na 1 juli nog voortgezet kan worden. Mijn vraag is dan ook of hierin voorzien is binnen het budget. Want als er een andere locatie gezocht moet worden, kan dat waarschijnlijk ook meer kosten met zich meebrengen voor de gemeente. Is daar al rekening mee gehouden? Dus, mijn vraag is: is er al voorzien in een alternatieve locatie en de mogelijke extra kosten in het budget?
Wouter Katsberg. Ja, dank u wel, voorzitter. U ziet natuurlijk dat we in het project Gemeentewerf nu naar het einde van het ontwerptraject gaan en op het punt staan om de aanbestedingen en dergelijke te doen. Dus dan merk je dat je de markt op gaat en inderdaad constateer je dat hetgeen wat we eerder hebben geprognosticeerd, en dat geldt denk ik breed voor alle aanbestedingen, zeker wat het bouwen van zaken betreft, de prijzen fors zijn gestegen. Daarnaast hebben we externen moeten inhuren, wat slechts een klein deel van de kosten betreft. De congestie op het net zit ons dwars, dus we hebben naar andere oplossingen moeten zoeken voor de elektriciteitsvoorziening. Dat leidt uiteindelijk tot wat we nu in de meest recente planning hebben staan. En nogmaals, die is zo goed als rond, dus ik verwacht niet dat er in de komende tijd nog grote schommelingen zullen zijn; we komen nu uit op dit bedrag. Overigens voorziet het projectbudget in dit bedrag, dus we vragen u geen extra geld. Dit valt onder de post onvoorzien. Dat is eigenlijk de reden: er is een cumulatie van allerlei factoren. Ja, het blijft geld, maar we vragen geen extra geld. Dat is dus een compilatie van allerlei zaken die, zoals hier staat, personeel betreffen, maar ook de ondergrond die aangepast moest worden en wat in eerste instantie niet voorzien was. Dus dat is gewoon een cumulatie van allerlei kosten. Maar ik denk dat de belangrijkste factor in ieder geval de forse kostenstijgingen zijn die we de afgelopen jaren hebben gezien.
Ik was nog heel even aan het lezen wat er nou precies staat. Het idee van Kunstenhuis IDEA is inderdaad dat er een taakstelling van 1 miljoen op zit, verspreid over 4 jaar, dus 250.000 per jaar. Ze hebben daar aangegeven dat het voor 2023 in ieder geval gelukt is om 100.000 te realiseren. We zijn nu in gesprek, en zij geven aan dat het hun verder niet lukt. Er zijn een aantal redenen die ze in gesprekken aandragen als een probleem. Een daarvan is bijvoorbeeld de CO2-verhogingen, die we ook in andere sectoren zien, maar ook bijvoorbeeld de beveiligingskosten waarover gesproken wordt. Er is ook een lekkage in het gebouw geweest. Nou ja, allerlei redenen, maar vooralsnog houden wij vast aan de taakstelling. We hebben ze gevraagd om in ieder geval duidelijk te maken wat er nu precies speelt, om daar inzicht in te krijgen en ook om aan te geven wat hun plannen zijn, hoe ze in ieder geval willen gaan voldoen. En als het dan echt niet lukt, waarom het dan niet lukt, om op die manier ook met elkaar de keuzes te kunnen maken over wat er dan wel nodig is. Dus die gespreken lopen nu.
En de tweede vraag, als ik door mag gaan, gaat over de opvang van vluchtelingen. De opvang van het WSK is inderdaad onduidelijk. U vraagt of we dan wel voldoende geld hebben om vervangende opvang te regelen. In principe is dat niet onze taak; het COA en Defensie hebben daar afspraken over. En als die opvang stopt, dan is het aan het COA om andere opvangplekken te organiseren. Ik hoop u eigenlijk zo snel mogelijk daarover informatie te kunnen geven.
Ik heb een aanvulling , niet zozeer op dit onderwerp, maar eerder op een opmerking van de heer Fluitman. Deze gaf aan dat hij zich niet meegenomen voelde of dat hij die indruk had bij aanpassingen van de planning, en dat beeld zou ik graag willen weerleggen. Voorzitter, wij hebben een langetermijnplanning die ook regelmatig met de agendacommissie wordt gedeeld; dit valt onder de bestuurlijke planning. Elk document dat wij opleveren en dat in de planning staat, en zeker de documenten die typisch vanuit de afdeling Control komen, worden in een planning opgenomen. Op het moment dat er iets in verschuift, delen we dat langs die weg, zodat het voor de raad nooit als een verrassing kan komen.
Meneer Fluitman, het is toch interessant hoe woorden worden verstaan, nietwaar? Het was eigenlijk heel positief bedoeld, maar dat u het negatief opvat, verbaast mij dan weer. Ik denk dat het goed is als u een prioritering aanbrengt, dat we niet hoeven te wachten tot we die lijst krijgen. Maar dat u tussentijds ook even aangeeft, in verband met het vertrek van zoveel mensen, dat dit project even wordt opgeschoven of dat we er iets langer over doen. Ik denk dat dat voor ons in ieder geval meer begrip oplevert richting u. Dat was eigenlijk de intentie van mijn gebaar en het was helemaal niet bedoeld als waardeoordeel.
Ik kom ik toch met een correctie. Ik was iets te enthousiast, want hij staat natuurlijk niet voor niets in de B&W-rapportage, hè? Deze melding van de gemeentewerf. Dus vandaar dat ik op mijn woorden terug moet komen. Daarom, nee, 3,5 ton is gedekt, 6,5 ton niet, dus vandaar de vermelding.
Ik heb nog één vraag over het veiligheidsdomein met een positief verzoek om een update van de stand van zaken. Ik heb nog even naar de Berap 23 gekeken en daar staat onder andere dat er een experiment met kentekenregistratie wordt gedaan. Toen werd aangegeven dat verwacht werd dat in de tweede helft van het jaar de uitvoering daarvan zou kunnen plaatsvinden. Ik heb het dan over het jaar 2023. Als ik kijk naar de Berap 24, dan staat daar dat de politie momenteel onderzoek doet naar de haalbaarheid hiervan. Misschien kunnen wij als Raad even op de hoogte worden gebracht van de stand van zaken, want het lijkt alsof we een stap terug hebben gezet.