Nieuws in één oogopslag

Het Journaal toont kort en krachtig wat er speelt.

Journaal

Raadsinformatie

Alles kunnen vinden en niets missen. Met analyses & samenvattingen.

Maak een dossier

Verzamel informatie over een specifiek onderwerp.

Dossiers
Kies een vergadering : 24-10-2023, Debat RV Begroting - algemene beschouwingen 24-10-2023
Met elkaar in debat zijn
  • Koos Janssen - Burgemeester
  • Walter van Dijk - Wethouder
  • Roel van Nieuwstadt - GroenLinks
  • Marcel Fluitman - CDA
  • Hannie van Kippersluis - ZeisterBelang
  • Hanny Roelofsen - Seyst.nu
  • Laura Hoogstraten - Wethouder
  • Wilma Breddels - PvdA
  • David Tompot - SP
  • Jan Bredius - NieuwDemocratischZeist
  • Angèle Welting - D66
  • Wouter Catsburg - Wethouder
  • Roy Luca - Seyst.nu
Het transcript dat je hieronder aantreft is gegenereerd met behulp van computertechnologie. Hierdoor kunnen de namen van personen en partijen soms foutief zijn weergegeven. Indien je een fout opmerkt kun je deze gemakkelijk verbeteren door op het bewerk-symbool (het potloodje) te klikken.

Reactie raad op de 1e termijn van het college


Koos Janssen - Burgemeester

We starten nu met een eerste reactie van de zijde van B en W. De gedachte is om dat in volgorde te doen: eerst Walter van Dijk, wethouder van Financiën, gevolgd door Laura Hoogstraten, Wouter Catsburg en als laatste sluit ik de rij. Het onderwerp waarover we vanmiddag een levendige discussie hebben gevoerd, willen we na onze inbreng vanuit vijf verschillende kanten bespreken. Walter van Dijk zal op dat onderwerp terugkomen ter afsluiting van de eerste termijn. Dus, ik zou Walter van Dijk de gelegenheid willen geven om namens B en W te reageren.

Walter van Dijk - Wethouder

Dag allemaal, goedemiddag en goedenavond. Ja, veel fracties begonnen eerder vandaag, vanmiddag, over ontwikkelingen die gaande zijn in de wereld om ons heen. Het zijn roerige tijden in de wereld en van daaruit is het niet onlogisch om de koppeling te maken naar de inwoners hier in Zeist, die het mede door die ontwikkelingen in sommige gevallen ook ronduit zwaar hebben. Er werd gememoreerd dat we het twee jaar geleden vooral over corona hadden en de impact daarvan op onze inwoners en ondernemers, en dat we vorig jaar vooral over Oekraïne en de energiecrisis spraken en de impact die dat op onze inwoners en ondernemers had. Ook dit jaar hebben we te maken met bijvoorbeeld een hoge inflatie, wat ook terug te zien is in de begroting. Maar niet alleen wij als gemeente hebben daar last van; heel nadrukkelijk hebben onze inwoners daar last van. Het is ook niet iets waarvan je kunt zeggen dat we het overzien. We hebben daar een beeld bij en we kunnen daar volledig en goed op anticiperen, zodat we de onzekerheid die bij inwoners speelt, volledig kunnen wegnemen. Tegelijkertijd kunnen we dat deels wel en is dat ook in deze begroting opgenomen, waarbij we als college heel nadrukkelijk hebben gezocht naar de juiste balans. Enerzijds reageren op alle noden die we zien en onderkennen in de samenleving en anderzijds toch ook, en goed om te horen dat veel fracties ons daarin ook aanmoedigen, althans, zo voel ik het, echt aandacht behouden voor ons eigen gemeentelijke huishoudboekje. En binnen die bandbreedtes proberen wij dan het goede te doen. Als je kijkt naar het jaar 2023, het huidige jaar, dan laat de bestuursrapportage zien dat we koersen op een tekort. Een fors tekort, maar wel een minder groot tekort dan we eerder dit jaar hadden voorzien. Bij de eerste bestuursrapportage dus ontwikkelingen bewegen zich de goede kant op, maar de kans dat we dit jaar met een overschot gaan sluiten is niet heel groot. Voor volgend jaar ligt er een begroting die uiteindelijk in balans is gekomen. Dat ging niet vanzelf; daar hebben we een aantal financieel-technische maatregelen voor moeten opnemen en ook een aantal meer beleidsmatige keuzes moeten maken en uiteindelijk heeft dat geleid tot het voorstel dat nu voorligt. En ja, dat is een geheel waarvan wij denken dat het redelijk in balans is. Het goede nieuws, een aantal van u memoreerde dat al, is dat we ook gewoon zijn om de uitkomsten van de doorrekening van de septembercirculaire op dit moment met de raad te delen en die laat voor de komende jaren eigenlijk een mooi beeld zien voor Zeist. Nou, we laten dat dan voor een aantal jaren zien, maar met name in de laatste jaren speelt ook mee dat de systematiek verandert. En als je dan ziet dat dat gunstig uitpakt voor Zeist, dan geeft dat ook een beeld voor de jaren daarna. Dus daar zijn we erg content mee, want het biedt financiële ruimte om te blijven investeren in de kwaliteit van alles wat wij voor onze inwoners en ondernemers doen in dit dorp. Tegelijkertijd, ja, dat woord "ravijnjaar" viel vanmiddag ook weer. Ik zal niet alles herhalen en het gewoon "ravijnjaar" noemen. Dat is er voor veel gemeenten natuurlijk nog steeds wel het feit dat wij dat niet zozeer herkennen en zeker niet in de doorrekening van de septembercirculaire heeft. En ik benadruk dat nog maar eens, omdat onder andere Sijsben nu daar ook naar vroeg, heeft te maken met het feit dat wij twee jaar geleden hebben geanticipeerd op deze ontwikkelingen. Toen hebben we ambtelijk een aantal heroverwegingen gedaan, optellend tot ongeveer 5 miljoen structureel aan besparingen en daarna hebben we nog een burgerberaad gehad, daar inwoners adviescommissie met nog eens bijna 5 miljoen structureel aan besparingen. En trouwens niet alleen besparingen, ook inkomstenverhogingen voor de gemeente. Dat is die 3% waar ik zo meteen nog op zou komen. Maar al met al is dat structureel van de orde van een kleine 10 miljoen per jaar. En dat verklaart, benadruk ik nog maar eens, dat we in Zeist een ander financieel perspectief hebben dan vele andere gemeenten in dit land. Dus dat "ravijnjaar" zal nog regelmatig vallen, maar hier in Zeist gelukkig wat minder. En ja, het feit dat we ervoor staan zoals we ervoor staan, althans als we even de waarheid van de septembercirculaire aannemen, ja, biedt ook ruimte om te investeren in Zeist. Daar werden vanavond of vanmiddag vraagtekens bij gesteld van "wordt er wel geïnvesteerd, bijvoorbeeld in 2024 in Zeist?" Ik meen dat het Zeister Belang was die dat vroeg. Nou, dat gebeurt zeker, we investeren op allerlei manieren, bijvoorbeeld in de buitensport, dus in sportaccommodaties, maar ook in de binnensport, gymlokalen voor scholen. Überhaupt wordt er enorm geïnvesteerd in de huisvesting van ons onderwijs, zowel het primair onderwijs als voortgezet onderwijs. Kijk naar die bedragen, dat is echt heel fors. We zijn een gemeentewerf, een nieuwe gemeentewerf aan het ontwikkelen en zo zijn er nou, we zijn ons eigen vastgoed, bijvoorbeeld aan het verduurzamen. Daarin lopen we in gemeenteland zeker voorop, dus wordt er opeens niet meer geïnvesteerd? Nou, zeker niet. Er wordt gelukkig volop geïnvesteerd en onze financiële situatie, het financiële perspectief, maakt dat we dat naar verwachting ook de komende jaren zullen kunnen blijven doen en dat is goed, want daarmee kunnen we woningen blijven ontwikkelen, werkgelegenheid laten ontwikkelen door bedrijven die ook ruimte hebben doordat we bijvoorbeeld kunnen investeren in bedrijfsterreinen. We kunnen investeren in goede zorg, niet onbelangrijk. Collega's komen vanavond uitgebreid nog op terug, maar ook bijvoorbeeld in cultuur en in sport. Met andere woorden, het uitvoeringsprogramma waar al deze zaken in opgenomen staan, dat staat nog steeds en de budgetten die hiervoor voor de uitvoering van het uitvoeringsprogramma zijn geborgd in deze begroting. Goed om dat te markeren, dachten wij. Maar ja, ook wel nodig om behoedzaam te blijven als gemeente. Want er komen veel bedreigingen op ons af, ook wel benoemd. Hoge inflatie kan niemand ontgaan, heeft een heel directe relatie met die 7,7%, waarmee heel veel lasten omhoog gaan. Komend jaar de herverdeling van het gemeentefonds gaat betekenis hebben voor iedere gemeente, maar ook voor Zeist. We weten niet welke uitkomst dat gaat hebben, maar wel dat het om hele grote bedragen gaat en die onzekerheid hebben we op dit moment mee te maken. En verder, nou ja, mevrouw Breddels van de Partij van de Arbeid noemde het ook, in het sociaal domein de Wmo, de jeugdzorg, ook daar zitten een aantal, vooral autonome ontwikkelingen, vergrijzing bijvoorbeeld, die maken dat ook daar een groei van de uitgaven de komende jaren zeer waarschijnlijk is. We hebben een heel mooi dorp. We liggen heel gunstig. We hebben buitengewoon betrokken inwoners. We hebben bloeiende bedrijven en onze financiële positie ziet er qua perspectief goed uit en vanuit die krachten, zou je kunnen zeggen, kunnen we werken aan een beter en duurzamer Zeist. Het is al goed wonen in Zeist, maar het wordt nog veel beter als we deze begroting gaan uitvoeren, is ons gevoel als college. En ja, als college en vooral ook u als raad, we maken voortdurend keuzes die onze inwoners raken en dat kunnen we alleen goed doen als we goede verbindingen met de inwoners hebben. Nou, dat proberen wij als college zo goed mogelijk te doen. Vanuit NDZ werd daarnaar gevraagd, maar u doet dat als raad gelukkig ook volop. En al die instrumenten, zoals bijvoorbeeld zo'n burgerberaad en een burgerabonnement, helpen om die verbinding goed te maken. Dan waren er vragen, ik kom nu wat meer op een aantal vragen die gesteld zijn over het gemeentefonds. Bijvoorbeeld de vraag waar GroenLinks, de heer Van Nieuwstad, over sprak. Wat we in Zeist zien is dat de WOZ-waarde, want mevrouw Breddels had het over een staatje met de WOZ-percentages. Dus welke heffing laten wij los op de WOZ-waarde? Nou, dan zie je dat Zeist als buitengewoon laag staat, wat buitengewoon mooi is. Zou ik denken, zou je onze inwoners weinig hoeven te belasten. Maar als je daarnaast een staatje zou zetten van de WOZ-waarde van woningen en je zou dan die 342 gemeenten met elkaar vergelijken, dan ziet het beeld er ongeveer tegengesteld uit. En dat is ook wat we hier zien de afgelopen jaren. Dat is ook in de schriftelijke beantwoording meegenomen. Is het niet zo geweest, want die veronderstelling zat er wel een beetje in, denk ik, meneer Van Nieuwstad, dat zeg maar de hoogte van de WOZ-tarieven in Zeist hebben geleid tot een korting op het gemeentefonds. Als ik dat verkeerd begrijp, dan hoor ik dat wel. In 2023 ontstaat er echter wel iets door dit effect. En als de vraag zou zijn, is dat structureel of is dat een trend? Zou dat in 2024 ook het geval kunnen zijn, dan is dat het geval, dus u heeft wel iets aangeraakt wat ons noopt tot nadenken hoe we dit effect kunnen voorkomen. Met name naar de toekomst toe. En nou, daar komen we op terug, zeker bij de kadernota. Vanuit het CDA werd gevraagd, zou het niet denkbaar zijn dat de bezuinigingen, met name de beleidsmatige bezuinigingen die nu worden voorgesteld in deze begroting, dat we die niet nu doorvoeren, maar dat we dat bij de kadernota van 2025 doen, omdat we dan ook de uitkomsten van die doorrekening van de septembercirculaire mee kunnen nemen. Het antwoord daarop is dat gaat niet lukken, omdat wij een sluitende begroting zullen moeten presenteren. We hebben te maken met provinciaal toezichtkader en ja, vanuit die kaders hebben wij ervoor gekozen om de dingen te doen die nu zijn voorgesteld in de begroting. Dat zit dus deels aan de uitgavenkant, financieel technisch en beleidsmatig. Voor een deel zit het, en dat was meer het punt van de heer Bredius van NDZ, ook aan de inkomstenkant. U stelde voor die 3% OZB-verhoging niet door te voeren in 2024. Het kan, net als het punt van het CDA, maar dat slaat een gat in deze begroting, dus dan is de vraag, wat is uw alternatieve dekking? Dan was er een vraag van de VVD over een stelpost lastenverlichting in 2024 ter hoogte van een bedrag met een vergelijkbare bestemming als in 2023. Dat zou kunnen, zien wij niet als een onderdeel van het voorstel voor deze begroting en is in die zin ja aan de raad om daar een keuze in te maken. Vanuit NDZ werd de vraag gesteld, en die is ook bij de kadernota gesteld, ik vind dat een ingewikkelde vraag, hoe kunnen we onze begroting nou voorspelbaarder maken? Hoe kunnen we strakker sturen op een nulresultaat bij de jaarrekening? En dat, nou ja, dat proberen wij vanzelfsprekend op de manier waarop u dat ziet, want we proberen die cyclus ieder jaar door te ontwikkelen en strakker te sturen, ook onder andere via de bestuursrapportages. Maar we hebben te maken met een zekere mate, een hoge mate van grilligheid vanuit het rijk, dus de septembercirculaire laat nu een mooi beeld zien, tegelijkertijd kan dat bij de meicirculaire die op tafel ligt als we het ook over de kadernota hebben, kan het weer een heel ander beeld opleveren, dus dat zijn die onzekerheden waar ik straks op doelde. Die maken dat wij in ieder geval als college vinden dat we enigszins behoedzaam zouden moeten zijn. U had het ook, meneer Bredius, over de leesbaarheid van de begroting, het woordje "primitief" bijvoorbeeld als een BV-term en dat betekent dat wij als gemeente gedwongen zijn om dat soort woorden te gebruiken. Ik snap heel goed uw aarzeling en misschien wel weerzin bij dat woord, maar we vinden het eerlijk gezegd ook wel prettig om het op deze manier te laten zien omdat het heel transparant is. We laten zien hoe de begroting eruitziet als we niks zouden doen. Dat is in feite wat u nu ziet in de begroting en in de bijlage laten we zien hoe we uiteindelijk tot een sluitende begroting komen. Nou, dan is er een bijlage met die financieel-technische maatregelen, een overzicht met beleidsmatige maatregelen. We kunnen dat niet fijnmaziger laten zien, mevrouw Van Kippersluis. Hadden we dat nu doen, dus 100.000 is de ondergrens, anders wordt het wel heel fijnmazig en doet dat een enorm beslag, maar een te fors beslag op de ambtelijke capaciteit. Maar op deze manier laten we zien, heel transparant, op welke manier we de begroting sluitend maken. Maar bieden we ook de ruimte om bijvoorbeeld te amenderen op het niveau waarop wij het transparant maken? Dus op regelniveau? Dat is de reden waarom we dat zo hebben gedaan. Over sociale balans zijn een aantal zaken van een aantal vragen gesteld. Daar zijn we goed om te horen dat herkend wordt. Ja, toch wel op stoom gekomen, met name met de eerste drie lijnen die ook al een paar jaar lopen waar ook een aantal heel concrete voorstellen de afgelopen twee jaar naar de raad zijn toegekomen. En ja, dit jaar zijn we in 2023 dus begonnen met een vierde lijn, gericht kiezen, waarvan we nu wel kunnen aangeven dat we in december dit kalenderjaar al met eerste resultaten naar de raad toe denken te kunnen komen. Dus dan ja, zie je ook echt de knoppen ontstaan waar we als politiek en u als raad aan kunt draaien om uiteindelijk tot keuzes te komen in het sociaal domein. Nou ja, zoals u die misschien zou willen maken. Er was bij de kadernota een vraag vanuit D66 om tot een raadswerkgroep te komen rondom sociale balans. Nou, dat toen ook al aangegeven, vinden wij een goed idee. We hebben daar een informatiebericht recent over gedeeld en we gaan ervan uit dat de griffie ervoor gaat zorgen dat die raadswerkgroep spoedig bemenst wordt en bij elkaar gaat komen. En iets anders dat we in 2024 met name zullen gaan doen, niet helemaal formeel onder de vlag van sociale balans, maar wel nauw gerelateerd hieraan, dat is een project wat voorhoog gaat over de controle op de rechtmatige besteding van zorggelden. Dat heeft ook te maken met een incident waar we vorig jaar tegenaan zijn gelopen en wat ons veel geleerd heeft. Evaluatie en waar we nou ja op willen acteren, want zorggeld moet gewoon op de goede plek terechtkomen. En dat is hier evident niet gebeurd. Er was een vraag

Koos Janssen - Burgemeester

Ik dank u, ik zie dat enkele leden, waaronder Walter van Dijk, erop terug willen komen. Roel van Nieuwstadt van GroenLinks, bijvoorbeeld.

Roel van Nieuwstadt - GroenLinks

Dank u wel, voorzitter. Ja, het is misschien niet het allersexyste onderwerp dat we nu aansnijden, maar laten we het toch maar even doen. De OZB en het gemeentefonds: het moge duidelijk zijn dat, in het antwoord op de vraag die wij gesteld hebben, je ziet dat in de afgelopen vijf jaar de korting die wij krijgen – noem het maar even de korting op het gemeentefonds – toeneemt, en die neemt een behoorlijke sprong in 2023, hè? Daar zien we dat wat wij innen en de korting die we krijgen flink uit de pas beginnen te lopen. Daar begint het pijn te doen, en ik begrijp uit de reactie van de wethouder dat dat voor 2024 ook nog wel eens het geval zou kunnen zijn. Dus ik ben blij te horen dat we daar in ieder geval bij de kadernota aandacht aan gaan besteden. Een ander punt is dat ik heb vastgesteld dat de vraag die ik gesteld heb – en het kan liggen aan mijn manier van vragen stellen – niet helemaal het resultaat heeft opgeleverd wat ik ervan verwacht had. Ik had gehoopt dat er namelijk een aantal scenario's uitgerekend zouden worden, waarbij in bijvoorbeeld een willekeurig jaar, laten we zeggen 2022, verschillende OZB-percentages worden toegepast en vervolgens bereken je dan wat je int en ga je kijken wat de overheid het volgende jaar van ons vindt. Want er staan in onze stabiliteitscriteria, er is een verband, er is een samenhang tussen de onbenutte belastingcapaciteit en de uitkering van het gemeentefonds. En eerlijk gezegd weet ik op dit moment, met het antwoord dat ik nu gekregen heb, nog steeds niet wat het verband tussen die twee is. Kunt u daarop ingaan? Of vergt dat extra berekeningen?

Walter van Dijk - Wethouder

Dat het geen sexy onderwerp is, herken ik wel; laat ik dat in ieder geval bevestigen. Wat ik niet helemaal herken, is dat u op basis van de beantwoording van de vragen constateert dat er sprake is van een korting over de jaren die in de vraagstelling zaten. Die is er niet. Afhankelijk van uw definitie van korting, is het niet zo dat wij, als Zeist, gekort zijn door een te laag percentage WOZ dat wij zouden hanteren. Dat effect ontstaat pas in dit kalenderjaar 2023, en dat klopt. Ik heb eerder aangegeven dat wij voorzien dat dit ook in 2024 het geval zal zijn. Dus vandaar dat het een terecht punt is dat u aangeeft, en dat we zeker met bijvoorbeeld scenario's zouden kunnen gaan kijken hoe we kunnen voorkomen dat dat effect ontstaat. Want daar zit niemand op te wachten, denk ik. Dus laat dat ons gezamenlijke doel zijn, waarbij we vervolgens kunnen kijken: oké, als dat effect er niet is en als die korting er daarmee niet is – en het is niet echt een korting, maar goed, die toelichting hadden we al gegeven – dan biedt dat misschien weer de ruimte om de lasten op andere vlakken te verlagen. Want dat is uiteindelijk wat we richting onze inwoners bij voorkeur zouden willen. Dus als dit het effect is, dan is dat voor de raad en het college ongetwijfeld een onbedoeld en zeker negatief effect. Laat ons via de kadernota met een voorstel komen over hoe wij denken dat we dit kunnen corrigeren.

Marcel Fluitman - CDA

Dank u wel, voorzitter. Via u wil ik de portefeuillehouder bedanken voor de beantwoording van de diverse vragen die gesteld zijn. Ik heb enkele duidelijke vragen. Ten eerste, een aanvullende vraag over de verduidelijkende vraag die gaat over de vraag die het CDA heeft gesteld betreffende de bezuinigingen. Het voorstel is om deze niet direct door te voeren, maar pas bij de Kadernota 2025 in afweging te brengen bij de Raad. Ik heb de portefeuillehouder eigenlijk horen zeggen dat dit niet kan, omdat we rekening moeten houden met de provincie en de begroting. Volgens mij heb ik niet gevraagd om de begroting nu op dat punt aan te passen, maar om door te gaan met de huidige begroting en alleen het direct doorvoeren van die bezuinigingen uit te stellen. Dit om te kijken of de effecten vanuit de septembercirculaire een ander beeld geven, waardoor u bij de kadernota tot een andere afweging kunt komen. Hoe kijkt u daar tegenaan? Dat is mijn eerste vraag. Mijn tweede vraag gaat over de reflectie op de visie voor het centrum, die ik voor het gemak 'visie centrum' zal noemen. Het is fijn te horen dat er schot in de zaak zit. We kijken dan ook met belangstelling uit naar de plannen, en niet alleen wij, maar ook de omgeving en de inwoners daar. Echter, ik heb u nog niet iets horen zeggen over uw uitspraken in de krant, die ik heb geciteerd, inclusief de onrust die er is gecreëerd ten aanzien van de verkeersroutes die tweerichtingsverkeer zullen worden op terreinen die nu eenrichtingsverkeer zijn. Graag hoor ik uw reflectie over dat beeld.

Walter van Dijk - Wethouder

Dan nu over de eerste vraag. Wat wij presenteren, is een begroting. Ik gaf dat net ook al aan richting de heer Bredius. We noemen het een primitieve begroting, waarin nog geen beleid is verwerkt, noch financieel, noch technisch, noch beleidsmatig, en die sluit niet. Vervolgens bevatten een aantal bijlagen voorstellen waarmee we tot een sluitende begroting komen. Dit geheel bieden we aan de Raad aan en het wordt ter besluitvorming op 7 november voorgelegd. Als u daarmee akkoord gaat, dan vormt dat de basis voor de provincie om een oordeel te vellen. De provincie gaat er vervolgens vanuit dat niet alleen datgene wat in de begroting staat, maar ook datgene wat aanvullend in de bijlagen is opgenomen en waarmee we de begroting sluitend maken, wordt gerealiseerd. Als ik u goed begrijp, zegt u: "Wacht even met de uitvoering." Dan is mijn antwoord dat dat niet gaat, want we zullen dan een andere dekking moeten vinden voor de zaken waarvan u zegt dat u het er niet mee eens bent en die u op een andere manier wilt aanpakken. Dat kan, bijvoorbeeld die 3% OZB-verhoging die meneer Bredius noemde, kan zo'n voorbeeld zijn. Een alternatieve dekking is zeker te vinden. Dan leggen we het op die manier voor, maar uiteindelijk moeten we een sluitende begroting voorleggen en vandaar dat we dat op deze manier doen.

Marcel Fluitman - CDA

Maar voorzitter, om een voorbeeld te geven: er is nu een bezuiniging op cultuur. Daarin staat ook dat diverse activiteiten niet uitgevoerd kunnen worden. Hoe verhoudt dat zich tot de situatie als er volgend jaar wel genoeg geld is?

Walter van Dijk - Wethouder

Dat is de vraag. Ja, ik zag en dacht: "Misschien komt er nog meer." Dat is een stelpost, die ton voor cultuur; dus daar komt nog een nadere invulling van. Dat geldt ook voor de andere stelposten. Dus ik denk dat het goed is om daar de komende tijd, ja, dat zal sowieso in overleg met de raad gaan, tot een invulling te komen en te kijken op welke manier we de impact op de samenleving van de keuzes die we gaan maken zo klein mogelijk kunnen houden. Maar voor dit moment, op de korte termijn, is het zo dat je niet nog de tijd hebt om naar de inhoud te kijken. Dus stellen we dit voorstel voor: bijvoorbeeld voor een post van € 100.000 voor cultuur. Die zit in de beleidsmaatregelen die onderdeel zijn van het voorstel dat op 7 november voorligt. Daar kunt u ja of nee tegen zeggen. Nee, dan in combinatie met een abonnement om tot een andere dekking te komen. Dat neemt niet weg dat, als uw vraag is of we op inhoud nog kunnen kijken naar wat we nu wel en niet doen om tot die taakstelling van één miljoen te komen, er zeker ruimte voor is.

Marcel Fluitman - CDA

Ja, voorzitter, even via u. Ik denk dat de portefeuillehouder mijn vraag niet goed begrijpt. Als ik naar de septembercirculaire kijk, zien we dat we volgend jaar in feite meer geld overhouden dan ooit begroot was. Dit is relevant voor de begroting die nu voorligt. Ik heb het idee dat dit klopt, en ik zie dat de portefeuillehouder instemmend knikt. Dat wisten we nog niet toen de begroting werd opgesteld, zoals die nu voorligt. Ik begrijp dat wij deze begroting met elkaar zullen goedkeuren om in ieder geval de volgende stap te zetten. Maar we gingen ervan uit dat we te weinig geld zouden hebben, en op basis daarvan geven we onze goedkeuring. Nu blijkt uit de septembercirculaire dat we toch meer geld hebben dan we dachten, waardoor je in mijn ogen bijvoorbeeld een bezuiniging op cultuur niet hoeft uit te voeren. Maar ik hoor u zeggen dat deze bezuiniging toch uitgevoerd moet worden. Daar zie ik een discrepantie, of misschien is het een gebrek aan inzicht van mijn kant. Voor mij zou het zo zijn dat als ik dacht geen geld te hebben, maar op een gegeven moment toch geld of zelfs meer geld overhoud, ik die bezuiniging niet zou doorvoeren. In plaats daarvan zou ik kijken hoe ik dat geld goed kan inzetten. Dat is de vraag die ik heb: wilt u kijken of de doorrekeningen die u ons op 3 oktober heeft doorgegeven kloppen? En als blijkt dat wij volgend jaar geld overhouden in plaats van een tekort te hebben, kunnen we dan die bezuiniging niet doorvoeren? Dat is eigenlijk de hamvraag.

Walter van Dijk - Wethouder

Ik denk dat ik u heel goed begrijp, meneer Fluitman. Ik denk ook niet dat die dingen haaks op elkaar staan. Aan de ene kant zal de Raad op 7 november een besluit moeten nemen over de begroting die uiteindelijk sluitend moet zijn, linksom of rechtsom, volgens ons voorstel of op een andere manier. Daarnaast bevat die begroting een aantal taakstellingen. Het sociaal domein is niet anders, waarover nog met de Raad van gedachten gewisseld moet worden. En ja, doordat daar nu nog geen concrete invulling aan is gegeven, kan het gesprek nog alle kanten op gaan. Maar op dit moment, of liever gezegd op 8 november, is het wel zo dat we een taakstelling van 1 miljoen voor cultuur in de begroting hebben opgenomen.

Marcel Fluitman - CDA

Dan is mijn vraag, voorzitter, of u nog even wilt wachten met het uitvoeren daarvan, zodat u zekerheid hebt over de doorrekening van de septembercirculaire. Kom dan gewoon in het voorjaar bij ons terug bij de kadernota met de mededeling dat we dit of dat wel of niet zullen doorvoeren, in plaats van dat we nu al bijvoorbeeld de culturele sector of een andere sector onnodig angst aanjagen met de gedachte dat bepaalde plannen waarschijnlijk niet doorgaan of dat er ergernis ontstaat omdat er een bezuiniging is aangenomen in deze begroting. Dit terwijl de doorrekening vanuit de septembercirculaire helemaal geen reden voor angst hoeft te geven.

Walter van Dijk - Wethouder

Ja, nou ja, hier wreekt zich dan denk ik een klein beetje het feit dat we, zoals gezegd - en zo begon ik ook - in een financieel lastig jaar zitten. We zullen volgend jaar ook de nodige moeite hebben om tot een sluitende begroting te komen. Daarin zitten die taakstellingen en het perspectief. Daar heeft u helemaal gelijk in. Voor de komende jaren is het perspectief best wel gunstig, en daarmee wil ik niet zeggen dat je nu al zou kunnen besluiten om die taakstellingen te laten vervallen. De keuze die u nu voorlegt, hebben we in het college ook wel over nagedacht: zouden we dat nou überhaupt willen? En het antwoord daarop is ook niet per se ja. Ik aas al een klein beetje op een beter inzicht, omdat u daarover, denk ik, de wethouder van Cultuur en de wethouders van WMO en Jeugdzorg beter kunt bevragen. Dit zal ongetwijfeld ook nog wel in hun bijdrage meegenomen worden. Maar wij denken niet per se dat dit een zodanige impact heeft op de samenleving als u nu lijkt in te schatten. En nogmaals, de invulling van die taakstellingen komt nog naar de Raad toe, en dat kan het goede moment zijn. Dat lijkt mij een beter moment dan nu om dat gesprek met elkaar te voeren. Maar op dit moment hebben we gewoon te maken met het feit dat wij als College in de richting van uw Raad een voorstel moeten doen om tot een sluitende begroting te komen. Dat kan op twee manieren: of met een stelpost, in dit geval, of met een concrete invulling. We hebben gekozen voor het eerste, eerlijk gezegd ook om tijd te kopen om het goede gesprek te voeren en partners daarin mee te nemen, en dat leidt tot dit voorstel. Maar het inhoudelijke gesprek daarover is iets waarvoor komend jaar echt nog tijd is. En dankzij dat financieel gunstige perspectief sluit ik niet uit dat iedereen uitstekend zou kunnen leven met de uitkomst daarvan. En als ik dan over mag stappen naar uw tweede vraag, dan zit daar een relatie met de actualisatie van het retailperspectief. Dus we werken nu met een retailperspectief, maar dat is recent geactualiseerd. Dat komt in december naar de Raad toe. Daar is ook gekeken naar wat we nou eigenlijk bedoelen met een kernwinkelgebied, zoals in het vorige retailperspectief gedefinieerd. Toen zijn keuzes gemaakt waarvan we nu zeggen: nou, dat zouden we nu toch echt anders doen, hè? De praktijk voegt zich wat dat betreft niet per se naar datgene wat de gemeente wil, maar veel meer naar bijvoorbeeld datgene wat ondernemers doen, wat winkeliers doen, waar zij een winkel al dan niet openen. En ja, vanuit daaruit hebben we gezien dat er nadrukkelijk een ontwikkeling heeft plaatsgevonden van, zeg maar, een zwaartepunt dat heel nadrukkelijk op de Slotlaan ligt. Ja, dat betekent iets voor de straten ervoor, zoals de Heuvel, de Hogeweg, de Steijnlaan die u noemde, en de betekenis daarvan is opgenomen in die actualisatie van het retailperspectief. Dus dat zou het goede moment kunnen zijn in december om het daarover te hebben. En wat betekent dat dan concreet? Betekent dat dan dat we daar helemaal niet meer in investeren? Dat dat achtergebleven gebied wordt? Volstrekt niet, maar het betekent anderzijds wel dat je zegt: van de Slotlaan is kernwinkelgebied en zeker waar het gaat om de markt, waar we het net al even over hadden. Ja, zullen we ook de keuze moeten maken: willen we dat daar bijvoorbeeld winkels komen, of willen we dat niet? Dat zijn keuzes die in de actualisatie van het retailperspectief worden voorgelegd aan uw Raad in december. En wat het verkeer betreft, ja, dan is dat naar ik begrijp een opmerking geweest, niet vanuit de ambtelijke organisatie, ook niet bestuurlijk, maar vanuit een inwoner bij een bijeenkomst die rondom die actualisatie van het retailperspectief is georganiseerd. Ik zou daar op dit moment nog niet al te veel aandacht aan willen besteden. Het kan wel zijn dat dit in scope is als we de gebiedsvisie uiteindelijk gaan ontwikkelen. Wat wil je dan doen met het verkeer? Wat op dit moment tussen de Wezenslijn en de Montaubanstraat loopt, blijft dat zoals het is of biedt bijvoorbeeld de ontwikkeling van de Klinker ruimte om andere keuzes te maken? Maar op dit moment speelt daar niets wat concreet voorligt, en is dat een opmerking geweest naar ik begrijp van een bezoeker tijdens een bijeenkomst.

Marcel Fluitman - CDA

Ja, dank u, voorzitter, voor het antwoord. Als ik een afsluitende opmerking mag maken: mijn vraag aan u is eigenlijk of u verbinding zoekt. Zoek verbinding met de ondernemers die daar zitten. Zoek verbinding met de mensen die zich zorgen maken, en u kent ze, denk ik, net zo goed als ik. Zij zoeken naar een gesprek en willen gehoord en gezien worden. Wat er nu gebeurt, is dat twee vertegenwoordigers van winkelgroeperingen dit wel degelijk hebben aangekaart en dat ze hierover in gesprek zijn met de gemeente, waarbij zij dus zijdelings betrokken worden. Dus mijn oproep is: laat uw geluid ook horen en leg uw oor te luisteren bij hen. Ik ken ze ook; zij moeten een nieuw contract voor vijf jaar afsluiten. Ze lezen dit in de krant en maken zich echt zorgen. Hoe ziet het er hier over vijf jaar uit? Is er voor mij dan nog wel ruimte, of mag ik hier dan nog wel zijn van de gemeente? Ik stel voor, en ik zal u de namen geven, om eens bij hen langs te gaan en een kopje koffie te drinken. Dank u wel, voorzitter.

Walter van Dijk - Wethouder

Ja, voorzitter, die oproep is gehoord en wij geven daar heel graag invulling aan. Dank daarvoor.

Hannie van Kippersluis - ZeisterBelang

Ja, dank u wel, voorzitter, dank u wel, wethouder, voor de beantwoording van de vragen. Ik heb een vraag en een bespiegeling. Ik heb meerdere vragen, maar ik zal met de eerste beginnen. Die gaat over de investeringen. Wij hadden de vraag gesteld of we investeringen kunnen doen die uiteindelijk kosten besparen in het sociaal domein. Ik heb daar nog geen antwoord op gekregen, dus daar wil ik graag nog een antwoord op. Daarnaast even een bespiegeling van onze kant: u zegt dat 100.000 onder de 100.000 te fijnmazig is en niet verlaagd moet worden naar 50.000. Maar als je 24 of 26 projecten hebt, ik weet het niet precies, maar dat maakt niet uit, en die kosten ieder 90.000 euro, dan kom je al snel op 2,4 miljoen, wat buiten het zichtveld van de raad blijft om te kijken welke beleidskeuzes het college daarin heeft gemaakt. Dus dat wilde ik even meegeven, dat het misschien toch anders is. Wij hebben een vraag gesteld, ik pak hem er even bij, om ons mee te nemen in de afwegingen over het Rios. Ik denk niet dat ik het hoef te halen. Ik heb de beantwoording niet gehoord, maar wellicht ligt dat bij een collega-wethouder. Daarnaast hebben wij een vraag gesteld, even kijken, die heeft u beantwoord over de dotatie aan het bomenfonds, maar dat ligt waarschijnlijk bij uw collega. Als er een plan ligt, gaan we dan opnieuw een reserve aanleggen? Dat was de volgende vraag. En de vrijval van de reserve centrale huisvesting wordt nu ten gunste van het begrotingssaldo geboekt. Dat is in strijd met onze afspraak, onze nota stabiliteitscriteria, en wij hadden gevraagd of u ons mee wilt nemen in die afweging om daarvan af te wijken. Daarvan heb ik ook nog geen antwoord gehoord. En ja, voor de rest kijken wij uit naar de bespreking van de nota stabiliteitscriteria, of in ieder geval de evaluatie daarvan. Alvast bedankt.

Walter van Dijk - Wethouder

Ja, ik dacht: "Ik ga toch maar even noteren, want uiteindelijk bleken er toch wel een aantal punten te zijn." De eerste vraag ging over sociale balans. Nou, die heeft heel lang drie lijnen gehad, hè? Dus de sociale basis en de leidende principes zijn naar de Raad toegekomen. Dat is nog niet direct datgene waar u naar op zoek bent. En dat is ook een gevoel dat je zelf kunt hebben. Dus vandaar dat we daar die vierde lijn, die ik straks noemde, aan hebben toegevoegd, die 'gericht kiezen' heet. En dat is ook precies wat die lijn beoogt: de Raad de knoppen aanbieden waarmee gericht kan worden gekozen waar het gaat om de keuzes die uiteindelijk gemaakt zullen moeten worden in dat hele brede sociale domein. Dus dat is er nu nog niet, wat ik net al zei. In december komen de eerste resultaten, de eerste 'knoppen', zogezegd, naar de Raad toe. Dus dan ziet u wat van de verschillende instrumenten die we in het sociaal domein inzetten, financieel betekent en waar, zeg maar, de vrijheidsgraden zitten om bepaalde keuzes te maken. Dat is een eerste start van die lijn en daarmee wordt uiteindelijk ook duidelijk waar u het over heeft als het gaat om investeren in dat sociaal domein: waar we denken dat het verstandig is om wel of niet te investeren in dat sociaal domein, of juist andere keuzes te maken en daar tot desinvesteringen te komen, bijvoorbeeld door bepaalde dingen juist niet meer te doen. Die keuzes willen we graag samen met de Raad maken. Vandaar dat we die Raadswerkgroep ook hebben omarmd en over dit soort keuzes, met name in eerste instantie ook met die werkgroep, van gedachten willen wisselen bij de besluitvorming. Natuurlijk ligt de uiteindelijke besluitvorming altijd hier in deze Raad. Wat betreft het eerste punt, als het gaat om die 50.000: als u de onderbouwing wilt hebben op het niveau waarop we dat nu hebben gedaan voor ieder voorstel boven de 100.000, dan is dat nogal een klus. Als u zegt: "Ik heb specifieke zorgen over deze regel en over die regel," vanzelfsprekend, dan zou ik zeggen, stel daar een schriftelijke vraag over en vanzelfsprekend komt het antwoord dan naar u toe. Als het gaat om het rioolstelsel, dan is de evaluatie daarvan, die in de auditcommissie ook besproken is, een maandje geleden, denk ik, voorzien voor, ik dacht, ook december dit jaar. Daar is in ieder geval een notitie voor gemaakt die zo klaar is. Ik kijk even naar de griffie. Nog niet ontvangen, oké, maar goed, dat komt naar de Raad toe. Daarin houden we eigenlijk het hele rioolstelsel tegen het licht: wat was het ook alweer, wat hebben we de afgelopen jaren gedaan aan investeringen vanuit het rioolstelsel en welke criteria zijn daarbij gehanteerd? Zijn die criteria nog steeds valide of zou u als Raad nu anders willen? Dus die evaluatie, in brede zin, ook om bewustwording van het feit dat we überhaupt een rioolstelsel hebben en waar dat voor kan worden ingezet, zoals gezegd, dat komt op heel korte termijn naar de Raad toe. Over het Bomenfonds zal, denk ik, collega Catsburg, en die knikt, ingaan. En uw laatste vraag moet ik schriftelijk even op terugkomen. Waarom dat zo is dat we daar nu een andere keuze in maken dan dat we blijkbaar hebben staan in de nota stabiliteitscriteria. Dat heb ik zo even niet scherp. Ik denk dat het te maken heeft met de technische maatregelen om de begroting sluitend te maken. Maar of het inderdaad in strijd is met de nota en waarom we dan daaraan voorbij denken te kunnen gaan in dit geval, daar kom ik graag nog even op terug. Ja.

Hannie van Kippersluis - ZeisterBelang

Ja, dank u wel voor uw antwoord. Ik begrijp dat wij nog even op onze handen moeten gaan zitten. Ik hoop dat er in december een heleboel duidelijk wordt.

Walter van Dijk - Wethouder

Ja, er wordt in dit huis altijd een heleboel duidelijk in december. Er komt nog een drukke raadsvergadering, ja. Heel veel uitwerking van de begroting. De leges, bijvoorbeeld, staan ook op de agenda, voor alle titels overigens. Binnen de leges staan ze allemaal op de agenda van de raad van december. Maar dat is de besluitvorming in de raadsvergadering. De zaken waar ik net op doelde, zoals het RIO's, zullen niet in de raadsvergadering van december zijn, maar daarvoor zullen we in december een bijeenkomst met de raad organiseren. Het wordt een drukke maand, ja.

Hanny Roelofsen - Seyst.nu

Ik wil bij deze ook de heer Fluitman bedanken voor het verder uitdiepen van de vragen die ik in mijn betoog heb gesteld over het aan banden leggen van cultuur. Nu hoef ik deze vragen niet meer te stellen en ik wacht af. Ik ben dankbaar voor het antwoord van deze wethouder en ik zie ook uit naar het antwoord van de wethouder van cultuur, om te horen of er nog iets aan toe te voegen is. Vervolgens zou ik graag een vraag willen stellen over de versnellingsroute. Ik heb gevraagd: waar staan we nu? Dat zou ik graag willen weten, en of we qua afspraken nog een beetje in balans zijn tussen de sociale, middeldure en dure woningbouw. Daarbij had ik ook het idee van het reserve revolving fund, waarin 2,7 miljoen zit. Zou dat niet wellicht toegepast kunnen worden om de bouw van sociale woningen een beetje te versnellen? Ja, en dan heb ik inderdaad ook nog een vraag over de mogelijkheden die onderzocht zijn voor ouderen om door te stromen naar een kleinere woning, maar dan met behoud van de huurprijs of met een wellicht heel kleine verhoging, en niet een verdubbeling. Dank u wel.

Walter van Dijk - Wethouder

Ja, ik denk dat uw vragen zijn gehoord door mevrouw Hoogstraten, die over wonen gaat, maar ook door mevrouw Wilting, die over ruimtelijke ordening gaat. Dus eerlijk gezegd voel ik me niet geroepen om deze vragen te beantwoorden, maar ze zijn wel genoteerd. We hebben er straks over gesproken en de antwoorden komen later vanavond naar u toe. Soms...

Hanny Roelofsen - Seyst.nu

Soms lopen de portefeuilles een beetje door elkaar, en dan weet ik niet helemaal zeker bij welke wethouder ik moet zijn.

Koos Janssen - Burgemeester

Met dank voor deze voldoende zinnige reactie op de inbreng. Graag geef ik nu het woord aan wethouder Laura Hoogstraat. Dankjewel.

Laura Hoogstraten - Wethouder

Zal ik het even ordenen? Dank u wel, Voorzitter. Ik wilde danken voor alle bijdragen vanmiddag. Ik moet bekennen dat ik, als je me een beetje kent, zelf erg somber kan worden over hoe het allemaal gaat in de wereld, wat er allemaal speelt en hoe het gaat met het milieu. Ik hoorde in de bijdragen eigenlijk dezelfde zorgen en moeite met wat er allemaal gebeurt, en ook moeite om het te plaatsen. Het gaf me veel troost, dus dank voor de bijdragen. Ik denk dat ik even deel dat ik herken wat jullie benoemen en ik vond het mooi om te zien hoe jullie dat verder oppakten en uitwerkten. Ja, want het enige wat we kunnen doen, is kijken wat je zelf kunt bijdragen aan het verbeteren van de wereld en in ieder geval voor ons van Zeist. Dat is vandaag natuurlijk ons grote gesprek met elkaar en dat doe ik dan ook graag. Ik wilde eigenlijk beginnen over de sociale basis, want dat is voor ons de basis waarin we onze zorg en ondersteuning voor de toekomst proberen vorm te geven. De sociale basis is onderdeel van 'sociaal in balans', de aanpak. De reden voor 'sociaal in balans' is eigenlijk vanuit de inhoud gedreven dat we preventief willen werken om te zorgen dat mensen geen zorg nodig hebben en dat ze zelfstandig kunnen blijven en zo gezond mogelijk ouder worden. Daarnaast willen we ook gewoon organiseren dat de zorg op een juiste manier wordt ingezet op de juiste plek. Tenslotte is het heel belangrijk dat iedereen die bezig is met zorg en ondersteuning goed samenwerkt. Dus dat zijn eigenlijk de drie kernwaarden van 'sociaal in balans'. Eén van die projecten die daaronder valt, is de sociale basis en die hebben we dit jaar vastgesteld. We hebben die opgebouwd in acht thema's die zich richten op het vermogen van mensen om zichzelf zo goed mogelijk te redden. Soms is dat met mantelzorg, soms is dat met ondersteuning van organisaties, maar in ieder geval zijn de thema's opgebouwd om daar een kapstok aan te maken, zodat iedereen die daarmee bezig is ook het gevoel heeft: waar draag ik aan bij en hoe ga ik daar invulling aan geven? Die acht thema's zijn: waardevol werk, vrijwillige inzet en mantelzorg, ontmoeten, redzaam in en om het huis, financiën op orde, gezonde leefstijl, opgroeien en opvoeden, en taal. Die sociale basis is de kapstok waarmee we alle ondersteuning en zorg willen organiseren, de beweging maken van niet alles als zorgvragen zien, maar soms kun je ze op een andere manier beantwoorden. Hoe zorgen we dan dat we die antwoorden ook kant-en-klaar hebben? En hoe kunnen we iedereen bereiken? Dus het zijn niet alleen deze acht thema's, er zitten ook drie grote opgaven aan vast. Eén daarvan is de weg vinden, zodat zowel de gemeente, de maatschappelijke partners, de inwoners als de professionals weten waar je informatie kunt vinden en wat het variëteit en informele aanbod is. Een tweede ontwikkelpunt is overzicht en samenwerking: een kapstok maken waarin alle organisaties weten wat er van hen wordt gevraagd, hoe we gaan bijdragen en hoe we inzichtelijk maken dat we niet allemaal dingen dubbel doen en dat we niet juist groepen missen of juist groepen heel erg ondersteunen. Dat geeft ook houvast aan vrijwilligers, zodat ze het gevoel hebben dat hun taak ergens aan bijdraagt. Tenslotte gaat het ook over voorzieningen dichtbij. Dat betekent gewoon in en om het huis, en dan komen we eigenlijk weer terug op het goed leven in Zeist, het kunnen redden en zelfstandig kunnen wonen met alle hulp en ondersteuning die eventueel nodig is. Ik wil er even aan toevoegen dat we dit hebben vastgesteld en dat we daarmee aan de slag gaan. We zijn nu bezig met een subsidiekader opstellen dat ons ook de handvatten geeft om in gesprek te gaan met onze subsidierelaties, de organisaties die ermee bezig zijn. We zijn natuurlijk ondertussen met allerlei andere projecten bezig, dus alle projecten die we doen van eenzaamheid, van nou ja, lobbes vanuit mantelzorg, netwerk mee aan de omnium die daar bezig is, al die dingen die worden nu in deze kapstok opgehangen en neergezet. En taal is ook een onderwerp en eigenlijk zijn we met taal natuurlijk al veel langer bezig. Ik wilde jullie even meenemen. Er zijn ook vragen gesteld over taal. Ik neem jullie mee in hoe we daar nu al stappen aan het zetten zijn, volgens de gedachte zoals we dat hebben uitgewerkt met 'sociaal in balans' of de sociale basis, moet ik eigenlijk zeggen. En dan moet ik even een ander documentje erbij zoeken. Het is een beetje chaos, maar ik snap mijn eigen chaos. Ja, want taal, we zijn natuurlijk gestart met de taalaanpak en die heeft vier thema's: taal en opvoeding, taal en financiën, taal en werk en taal en gezondheid. We zijn gestart met vooral taal en opvoeding en opgroeien. We zijn ermee gestart met het opzetten van een doorgaande leeslijn van nul tot dertien. We hebben nu een programma; je start met BoekStart, we hebben de VVE, alle onderdelen die er zijn, die zijn ook in samenhang met elkaar in kaart gebracht. We hebben een aantal partners die binnen taal een centrale rol pakken. Daar kun je kijken naar KunstHuis Idee, die heeft een open leercentrum en daarnaast kun je kijken naar de educatie en L, dat is onze professionele totaalaanbieder, en we hebben het Gilde en mee aan de omnium, taal maakt zon en niet ander omnium en samen met spraak samenspraak van het Gilde maken zij de verbinding met taalmaatjes. Kortom, we hebben een aantal partners die nu op orde zijn, zeg maar, hebben een kwaliteit. Er is aanbod, er is een open leercentrum waar mensen fysiek naartoe kunnen en ze kunnen daar leren. Dus eigenlijk hebben we nu de losse onderdelen, die zijn nu op kwaliteit en niveau en nu gaan we de volgende stap maken om die goed met elkaar te verbinden. En om ook die vaart naar voren te maken om ook echt in die samenleving die nabijheid uit te voeren. Ik was twee weken geleden bij de bibliotheek ook om even het gesprek te hebben en we zaten daar ook in het open leercentrum. Daar zaten ook groepen. We kwamen binnen en daar zat ook een groep die aan het leren was. In totaal zijn er het eerste half jaar in het open leercentrum al zo'n 1300 bezoeken geweest. Er wordt van alles gedaan en eigenlijk wordt het aanbod ook vanuit de taalaanpak zoals we dat wensen aangesloten op de wens van de mensen zelf. Dus wat kun je denken, mensen die hun theorie-examen moeten halen komen bij de bibliotheek. Ik moet dat halen en dat wordt dan ook de insteek om aan de slag te gaan met taal. Er wordt echt met een professional gekeken wat eigenlijk de taalvraag is en vervolgens wordt er gekeken wat het aanbod is en hoe we verder gaan. Ze zijn ook bezig, ook goed om te noemen, met de certificering, dus dat geeft ook aan dat de kwaliteit voldoende op orde is. Verder worden een aantal werknemers die binnen de bibliotheek werken getraind in direct duidelijk, dus we zijn ook bezig met direct duidelijke taal om te zorgen dat we ook qua zelf beter gaan communiceren en ook op die manier die.

Marcel Fluitman - CDA

Ja, dank u wel, voorzitter. Ik waardeer de uitleg van de portefeuillehouder over het taalonderwijs en alles wat er in de bibliotheek is gebeurd, evenals de bezoeken die u heeft afgelegd. Maar ik ben veel meer geïnteresseerd in de vragen die gesteld zijn, en ik heb geen vraag over taal gehoord. Ik heb wel iets over geletterdheid en cijfers gehoord, maar verder niet over taal. Nogmaals, ik vind het een uitermate mooi betoog dat u houdt, maar ik zou toch heel graag willen dat we onze tijd goed gebruiken om nu naar de inhoud te gaan van hetgeen wat vanmiddag is besproken.

Laura Hoogstraten - Wethouder

Dan kom ik nu ook op het punt van dank voor uw aansporing. Wat ik daarmee wil aangeven, is dat we de onderdelen nu op kwaliteit hebben beoordeeld, dat het aanbod er is en dat we eigenlijk toe zijn aan de volgende stap: het echt bereiken van de laaggeletterden. Er is heel veel aanbod voor inwoners voor wie Nederlands niet de eerste taal is. Dus voor NT2'ers, zoals ze dat noemen. Maar de echt laaggeletterden bereiken we nog niet voldoende, vind ik zelf. Dus daarmee gaan we nu de volgende stap zetten: alles op orde brengen. Het netwerk wordt nu samengevoegd en vervolgens gaan we onze partners in de samenleving ook trainen op het herkennen van laaggeletterdheid en kijken hoe we het aanbod verder kunnen verbreden. Als je kijkt naar de middelen die er zijn: we hebben reguliere middelen vanuit het rijk en daarnaast hebben we extra middelen gekregen. Tot nu toe zijn dat gewoon voldoende middelen om iedereen te bereiken die nodig is. Onder een ander onderwerp, wat ook deels in het sociale basis zit maar ook gewoon een deel in allerlei andere programma's, is de zorg rondom ouderen. Het is een aantal keren in jullie bijdrage naar voren gekomen. Ouderen en waardig ouder worden, zoals het bij de ChristenUnie SGP is benoemd, gaat het wel goed? Zijn we voorbereid op de toekomst die op ons afkomt? We hebben in Zeist natuurlijk de sociale basis, waarin we heel erg kijken naar preventie en naar alle onderdelen die samenwerking zoeken. Daarnaast hebben we onze eigen Wmo en in de Wmo hebben we natuurlijk een aantal ontwikkelingen die je kunt zien. Dat heb ik eigenlijk ook bij de ronde tafel genoemd. Men wordt steeds ouder, dus we hebben te maken met een dubbele vergrijzing. Mensen blijven langer zelfstandig thuis wonen en dat vraagt iets van ons en er is gewoon een druk op het zorgpersoneel. Nou, dat is niet alleen in Zeist, dat wordt ook landelijk gezien. Dus landelijk zijn er verschillende programma's vanuit het rijk over de gemeentes uitgerold en één daarvan is het integrale zorgakkoord. In het integrale zorgakkoord worden we eigenlijk gedwongen, niet dat we dat niet deden, maar worden we gedwongen om als gemeente samen met de zorgverzekeraars en de zorgaanbieders en het informele zorgaanbod, dus de informele partners zoals vrijwilligerswerk, maar ook allerlei ondersteuningsorganisaties, gevraagd om vanuit een vijftal thema's met elkaar aan de slag te gaan om daar programma's op te zetten. Nou, ik wil u niet te lang belasten met een werkbezoek, maar een voorbeeld om aan te geven waar we mee bezig zijn, is dat ik vorige week aanwezig was bij een bijeenkomst in de Warande. Wat daar gebeurt, is dat veel mensen langer alleen thuis wonen, ze hebben daar wel zorg, maar vervolgens gebeurt er iets, ze worden ziek of breken iets, komen in het ziekenhuis terecht en eigenlijk is er thuis onvoldoende ondersteuning om het zelf te redden. Maar je bent eigenlijk te goed om in het ziekenhuis te blijven. Nou, de Warande is nu bezig met een concept, een soort herstelpoli-achtige setting waar mensen naartoe kunnen waar ze de zorg en ondersteuning krijgen en de revalidatie die nodig is. En vervolgens kunnen ze daarna weer naar huis. Het is echt tijdelijk, echt gericht op thuis, maar ook gericht op het zelfstandig worden. Dat soort concepten kunnen zij niet alleen doen. Dat moet je dan ook samen doen met de wijkverpleging, met de ondersteuning en het sociaal team in de wijken. Dat soort concepten, daar wordt nu over gesproken. Er wordt gewerkt aan een regioplan en voor die thema's worden dus met allerlei verschillende samenstellingen van netwerken en organisaties gekeken: wat zijn nou projecten die we willen oppakken? En daar kunnen we dan via de ISA-middelen subsidies voor aanvragen. Dus we zijn heel veel in gesprek met allerlei organisaties in een echte snelkookpan. En voor ons is de regio Zuid-Oost Utrecht daar ook een belangrijke regio voor en ben ik namens de regio ook bestuurlijk trekker en waar ik vooral ook als trekker voor onze regio mee bezig ben, is zorgen dat inderdaad ook het welzijnskant aansluit, maar ook de corporaties, want het gaat ook wel degelijk ook om leefbaarheid, wonen, woonaanpassingen, al dat soort onderdelen die gewoon allemaal op orde moeten zijn om die mensen op een juiste manier te kunnen ondersteunen. Tot zover over het ISA en de ouderen en ouder worden. Ik kom zo nog op het wonen en het doorstromen van ouderen in woningen. Dan hebben we nog vragen gehad over het minimabeleid. Ja, het minimabeleid, even denken, wat was de vraag? Oh ja, het volwassenenjeugd- en cultuurfonds of het volwassenensport- en cultuurfonds. Ja, ik wil eigenlijk aangeven dat de generatie natuurlijk vorige begroting effecten samenleving beschikbaar heeft gesteld met die middelen. Daar is ondertussen de geld-terug-regeling geïndexeerd en met die indexering van de geld-terug-regeling. En daar zit eigenlijk ook ons onderdeel in voor volwassenen om te gaan sporten. Dat zou je via die geld-terug-regeling kunnen bekostigen. Er is ook wel een onderzoek gedaan naar het volwassenenfonds en uit deze verkenning blijkt eigenlijk dat er behoorlijk wat structurele ambtelijke capaciteit nodig is en verder ook voor de uitvoerende partners is er best veel geld nodig. En al met al is er gewoon een grote overheadkosten en de afweging die we straks bij het herijken van het minimabeleid moeten maken is de van ja, is dat nou nodig of hebben we met onze geld-terug-regeling op deze manier het eigenlijk ook op een juiste manier georganiseerd, waarbij natuurlijk sportief Zeist inwoners kan helpen om dat soort dingen wel op een juiste manier aan te vragen en daar gebruik van te maken. Verder zijn we bezig binnen het minimabeleid om het natuurlijk toegankelijker en herkenbaarder te maken, zoals mevrouw Breddels van de PvdA heeft aangegeven van hé, is er nou samenhang, kunnen mensen het toch vinden? Hoeveel regelingen zijn er nou, is het drempelig genoeg. Dus nou ja, dat herkennen we en om daar wat aan te doen, zijn we ook met een project gestart. Een van de onderdelen is verkenning naar de U-pas en we doen het digitale minima loket en hieraan verwant ook een communicatiecampagne. Dit doen we natuurlijk ook weer samen vanuit, hè, de sociale basisgedachte met onze netwerkpartners om daar een goede aanpak voor in te zetten. En ja, de instrumenten die we daaruit willen gaan maken, die moeten gewoon zorgen dat mensen het makkelijker kunnen vinden en dat professionals er beter de weg kunnen vinden en dat je gewoon goed overzicht hebt wat er gebeurt als je een situatie ook verandert. We komen al wel tegen dat ook wettelijke en gemeentelijke wetgeving elkaar soms ook in de weg zitten, maar weet dat we daar aan werken om daar goede manieren aan te doen. En daarnaast zijn we met de vijf gemeenten binnen de RSD aan het kijken: kunnen we niet denken, gewoon ambtshalve gaan organiseren, dus dat dingen automatisch gaan, bijvoorbeeld de individuele inkomenstoeslag dat die automatisch naar drie jaar wordt toegekend aan het inkomen dat mensen dat niet zelf hoeven aan te vragen. Dus we zijn ook aan het kijken of we binnen het minimabeleid en die herijking van dat minimabeleid of we niet een aantal quick wins kunnen doen en te kijken of dat dan op deze manier sneller en makkelijker voor de inwoner verbeterd kan worden. Nou, dat doen we uiteraard nog steeds samen met de RSD, dus dat wordt allemaal opgepakt en uitgewerkt. En dan wonen, ja wonen, gaat het allemaal wel snel genoeg? Nou, u kunt natuurlijk wel voorstellen dat ik bij iedere PO woon het vraag, hoe staat het met het waterwindpark? Want straks hebben we de begrotingsbehandeling en dan vraagt het CDA weer, hoe staat het met het water in het park? Dus hè, wat is er nodig vanuit de Raad om de druk op te houden? Dat is wat mij betreft voldoende. Het is ook voor mij wel een verzuchting, want het gaat gewoon soms niet zo snel als dat je het wilt. Bijvoorbeeld bij het waterwindpark is er nu gewoon een gebiedsvisie of een gebiedsonderzoek bezig, want de school die daar staat, de Montessorischool, die gaat vernieuwd worden, dus uiteindelijk heb je een veel groter gebiedje bij elkaar. Het waterwinningdeel is groter dan gedacht, dus het ontwikkelde deel is weer kleiner. Kortom, rust kan ons redden. Het is toch wel goed om dat soort dingen even in samenhang met elkaar te bekijken en te onderzoeken hoe dat dan het gebied eruit zou zien. Het tweede ook wat genoemd is, bijvoorbeeld is de Dorpsstraat die staat leeg. Die hadden we gehuurd voor de Oekraïners. Nou ook het Dijnselburg en de huur van de chalets daar en de ontwikkelingen. Daar is een een oefening van geduld, want we hebben deze appartementen nodig als de ontwikkeling bij Dijnselburg niet doorgaat, dan moeten de 57 Oekraïners die daar nog zitten verhuisd worden naar een andere locatie. En daar hebben we de Dorpsstraat voor nodig, dus we kunnen ze niet gaan vullen zolang we niet weten wat er met Dijnselburg gebeurt. Kortom, het zijn altijd dat soort puzzeltjes waarmee we met elkaar moeten zoeken naar iedere keer weer een stap maken en iedere keer denken wanneer we verder kunnen gaan en kunnen doorduwen. Dan is dat dat geldt eigenlijk ook voor wonen voor de versnellingsopgaven. Kijk, in de versnellingsopgave hebben we gewoon een verdeling van het aantal hè? Als een woningontwikkeling is, hebben we daar de woonvisie en de differentiatietabel voor. We hebben daarbij in die differentiatietabel ook dat bij gebouw- of planontwikkeling van 40 of minder woningen dat het allemaal middeldure woningen zijn en dan kan iemand kiezen. Nou, ik maak alleen middeldure woningen. Dat is ook echt, omdat dat een groep woningen is die heel erg mist en zeker als het woningen zijn die vanuit de lage middeldure huur zijn. Dat is een groep mensen die blijven hangen eigenlijk in de sociale huurwoningen, omdat ze niet verder kunnen verhuizen naar een middeldure huurwoning, omdat ze vaak dan meteen weer heel erg hoog zitten. Dus we toetsen alle plannen die er gedaan worden. Die toetsen we aan die woonvisie en soms wijken we daarvan af, maar dat is dan met de redenering omdat we denken dat het toch past of net extra geeft aan een bepaalde inrichting of een wijk, of een gedachte. Met de ouderen hebben we gewoon de regeling van groot naar beter. Dat is met name gericht op ouderen krijgen ook voorrang met als ze uit een grote woning gaan krijgen ze acuut voorrang. Grote problemen met ouderen is en dat weet ik ook uit eigen ervaring niet dat ik niet wil huizen, maar mijn ouders die blijven ook in die woning zitten is dat ze het heel lastig vinden om de keuze en de organisatie te doen. Dus volgend jaar 2024 starten we met een wooncoach, dat zetten we, nu nemen we dat mee in de prestatieafspraken en gaan maar kijken of we ouderen nou in een vroeger stadium mee kunnen helpen om die keuze en de en de alle ja vraagstukken die waar ze tegenop zien om ze daarmee te helpen en te kunnen begeleiden. Tenslotte cultuur, voorzitter. Dan pak ik even mijn cultuurdossier erbij. Ja, bij cultuur is een taakstelling opgenomen van 1 ton. Ik had bij de ronde tafel aangegeven dat er vanuit de sociale balans en op het sociaal domein wordt er behoorlijk wat taakstelling neergelegd. En ik vond vanuit mijn portefeuille dat het ook nodig was dat we bij cultuur een taakstelling doen omdat ik niet vind dat je alles op dat sociaal domein kan doen, neemt niet weg dat we er eigenlijk nog niet een invulling voor hebben en daar rustig naar willen kijken. We starten met een herijking van de cultuurvisie. Het is niet echt een herijking en het is meer een addendum op en die geeft straks ook nieuwe uitvoeringen nieuwe vraagstukken waarvan we kunnen zeggen, hé, wat betekent dat voor het budget? Daarnaast hebben we onze kapstok sociale basis en daar zit ook heel veel cultuur in, want cultuur is ook een middel. Het is een spiegel, het ontspant. Het is goed voor mentale gezondheid. Het draagt bij aan de ontwikkeling, dus heel veel cultuur wat we doen. Die draagt ook bij in onze gedachten van de sociale basis al die aspecten daarvan denk ik dat we vanuit de inhoud. Gewoon goede keuzes kunnen maken en verwacht ik dat daar ook, nou ja, uiteindelijk minder geld nodig is om het uit te voeren. Dus vanuit de inhoud gaan we keuzes maken en ik denk dat ze verdedigbaar zijn. Nou en mocht het nou net zijn dat we denken, er zijn dingen die we wel belangrijk vinden. Of die moeten we toch doen of we gaan het niet redden met die taakstelling of we gaan toch geld nodig hebben voor een bepaald onderdeel, dan kom ik gewoon weer terug naar de Raad, want uiteindelijk gaat het gewoon om het goede leven in Zeist die sociale basis de kapstok goed ouder worden in je eigen huis met een. Mooi sociaal netwerk voldoende middelen. Ja en een leuke ontspanning van je leven en daar dragen wij aan bij, want er is al zoveel ellende in de wereld, dus laten we het hier goed maken. Tot zover, dank u.

Koos Janssen - Burgemeester

Graag geef ik de gelegenheid tot nader order om reacties te geven. Ik heb geen pen. Hannie Roelofsen zei: "Punt uit."

Hanny Roelofsen - Seyst.nu

Dank u wel, voorzitter. Ja, ik heb volgens mij niet helemaal het juiste antwoord gekregen. Het is heel mooi, dat van die wooncoach, maar wat mijn ervaring juist met ouderen is, is dat als ze een huur hebben van €500 en ze moeten naar €1500, dat dat een behoorlijke drempel is. Daar ben ik gewoon zo benieuwd naar: of daar ook naar gekeken wordt, of dat er iets mee te doen is, in samenwerking met Woongoed of iets dergelijks. En daarnaast, ik snap ook de woonvisie en de woondifferentiatie, maar komen we met de afspraken die we gemaakt hebben qua verdeling tussen sociaal, middenhuur en nog duurder, daar nog mee uit? En dan eigenlijk ook: ja, waar staan we nu precies met de versnellingsopgave? We zijn nu anderhalf jaar in deze coalitie, en wat is er precies gerealiseerd? Dank u wel.

Laura Hoogstraten - Wethouder

Ja, het gaat over het verhuizen van een kleinere naar een betere woning en dergelijke situaties. Wanneer iemand intrekt in een woning met een huur van € 1.500, dan spreken we niet meer van een corporatiewoning. De woningcorporatie bezit in principe huizen met een huur tot € 750 en soms een aantal middeldure huurwoningen. Maar als iemand verhuist, wordt er gekeken naar het eigen vermogen, wat men kan betalen en wat nodig is voor de verhuizing. Soms wordt er overwogen om de huren aan te passen, maar ik zie momenteel geen groot verschil dat makkelijk overbrugd kan worden. We hebben natuurlijk differentiatie in ons woningaanbod. Elk jaar is er een woningbouwmonitor waarin we bekijken hoeveel woningen we hebben voor verhuur en in hoeverre we voldoen aan de vraag. Als we de particuliere verhuurders van sociale huurwoningen meerekenen, zitten we ruim boven de 30%. Met de corporaties zitten we iets onder de 30% sociale huurwoningen. Binnen de differentiatie die we hebben, beschikken we dus over voldoende sociale huurwoningen. Dat neemt niet weg dat we moeten blijven volhouden, zoals we in de woonvisie hebben vastgelegd, dat de woningcorporaties een aantal woningen blijven bouwen, zoals ze hebben beloofd. Daarnaast is elk bouwproject een uitdaging. Ik ben al blij dat er weer projecten op gang komen, maar er zijn veel vertragingen door verschillende factoren, zoals u zei: bouwmaterialen, personeel, maar soms ook gewoon procedures, van de lokale omgeving tot aan de Raad van State toe. Het is een zeer weerbarstige wereld om versnelling in te organiseren.

Hanny Roelofsen - Seyst.nu

Ik vond het echt een heel verhelderend antwoord en ik dank u hartelijk.

Wilma Breddels - PvdA

Dank u, voorzitter. Ik wil toch nog even terugkomen op de taal. De heer Fluitman veronderstelde dat dit onderwerp helemaal niet aan de orde was gekomen in mijn bijdrage. Ik heb er wel iets over gezegd, maar wellicht was mijn vraag te impliciet. Dus daarvoor mijn excuses. Maar ik heb u horen zeggen dat we een hele grote groep bereiken, maar eigenlijk bereiken we niet wat we onder NT1 verstaan. En toch staat er een bezuiniging van € 70.000 gepland. Hoe gaan we dat met elkaar rijmen?

Laura Hoogstraten - Wethouder

Ja, dat is wat ik tot nu toe heb aangegeven, ook met het overzicht om te bekijken waar we kunnen bezuinigen. We moeten onderzoeken waar het geld vandaan komt; dat is ook al gedaan. Waar is er geld dat we nu denken niet nodig te hebben? Dat komt omdat we over voldoende webmiddelen beschikken en daarnaast extra middelen van het rijk hebben ontvangen. Dus met dat geld denken we over voldoende middelen te beschikken. Maar ook hierin zou ik willen zeggen dat we bezig zijn met het uitrollen van de sociale basis. Ik verwacht dat we daarin een aanzienlijke efficiëntieslag gaan maken, omdat we sneller en makkelijker met elkaar kunnen samenwerken. Mochten we echter een project hebben waarvan we denken dat het goed is voor de NTE'ers, dan zal ik de eerste zijn die zegt dat we het wel nodig hebben.

Wilma Breddels - PvdA

Dank u wel. Ik heb nog een tweede vraag: daar hebben we toch helemaal niet over gesproken, maar het antwoord is waarschijnlijk niet heel ingewikkeld. Ik zie een taakwijziging bij Samen Veilig Midden-Nederland die nog niet over volgend jaar gaat, maar over het jaar daarna. In de toelichting staat 'want de'. Wat gaan we zelf doen? We gaan de wijkteams inzetten. Dat is kennelijk iets wat nu nog wordt ingekocht en volgend jaar ook. Maar waar hebben we het dan over? Over welke taken hebben we het?

Laura Hoogstraten - Wethouder

Ik denk dat ik dat aan mijn collega, mevrouw Belting, overlaat, want zij is beter ingevoerd in de specifieke taken van Samen Veilig Midden.

David Tompot - SP

Dank u wel, Voorzitter, en dank u wel, wethouder, voor de beantwoording van de vragen. Ik wil graag nog een vraag stellen over de energietoeslag, aangezien deze niet aan bod kwam in mijn tweede vraag. Ik heb een vervolgvraag naar aanleiding van wat wethouder Hoogstraten zojuist zei over de opvang van Oekraïners. Laat ik beginnen met de vraag over de energietoeslag, want daar heb ik in mijn bijdrage naar verwezen, maar het kwam niet ter sprake. Mijn vraag was: Gezien het feit dat de regeling voor de energietoeslag volgend jaar door het rijk wordt beëindigd, zou dit college kunnen overwegen om voor een aantal huishoudens die daardoor mogelijk zwaar in de problemen komen en die de energietoeslag echt nodig hebben vanwege de hoge energieprijzen, een maatwerkvoorziening aan te bieden? Zo kan er toch enige verlichting komen voor die huishoudens. Mijn tweede vraag betreft de opvang van Oekraïners. Uit de reactie van de wethouder begrijp ik dat het nog steeds niet duidelijk is of camping Dijnselburg volgend jaar beschikbaar komt als locatie voor de Oekraïners. Het is natuurlijk zo dat de Oekraïense vluchtelingen die er nu zijn, continu in onzekerheid leven. Voor 1 januari moeten de mensen die nu in ons pand aan de Dreef zijn, verhuizen naar een andere locatie. Mijn vraag is dus: Op welke korte termijn kan er duidelijkheid komen voor de Oekraïners over de beschikbaarheid van locatie Dijnselburg of over een alternatieve locatie? Het kan toch niet zo zijn dat dit pas op de laatste dag duidelijk wordt? Dit waren mijn twee vragen.

Laura Hoogstraten - Wethouder

Nee, dank u voor de vragen. Wat betreft de energietoeslag voor volgend jaar: maatwerk is altijd nodig. Dus wat dat betreft is de oproep: als mensen echt in grote geldnood zitten, meld u dan, want er wordt echt goed gekeken naar wat mogelijk is. En dat zal ook gelden voor dit soort vraagstukken in het nieuwe minimabeleid. We gaan ook nadenken over het opzetten van een soort fonds om te kijken of we dit soort schrijnende gevallen op een andere manier kunnen faciliteren, mocht dat nodig zijn. Daarbij zal er met de herijking van het minimabeleid ook een voorstel worden gedaan. Wat betreft uw tweede vraag over de Oekraïners: ja, uw verzuchting is ook mijn verzuchting, echt waar. Het is wel zo dat we met de eigenaar van De Dreef hebben kunnen afspreken dat we de termijn met drie maanden kunnen verlengen, zodat er rustig verhuisd kan worden. Weet dat we goed contact hebben met de Oekraïners en dat we hen ook op de hoogte houden. We wachten echt even op de 'go' van Dijnselburg. En anders gaat ons plan B in werking. Mooier kan ik het niet maken, maar we houden ze goed betrokken. En ja, er komt een oplossing, linksom of rechtsom. Er zal iets zijn waar ze naartoe kunnen gaan.

David Tompot - SP

Dank u wel, wethouder Hoogstraten, voor uw antwoord. Ik begrijp in ieder geval dat er voor de locatie De Dreef nog een beperkte marge mogelijk is voor drie maanden. Dat is op zich al positief, dat dit mogelijk is. Dank u wel verder.

Marcel Fluitman - CDA

Meneer Fluitman, dank u wel, voorzitter. Ik dank de wethouder voor de uitgebreide toelichting op alle gestelde vragen. Het heeft ons een mooi inzicht gegeven in uw dagelijkse werkzaamheden, en dat is ook wel eens fijn om te horen. Maar ik wil toch graag even op twee punten ingaan. Naar aanleiding van de beantwoording van uw vragen sluit ik aan bij het laatste punt waar de heer Tompot mee eindigde, en dat betreft de Oekraïners. Ja, u sprak over de leegstand op de Dorpsstraat. U heeft te maken met de onzekerheid of Dijnselburg doorgaat, en dan zouden we die ruimte nodig hebben. Dat zou ik kunnen volgen, en dan zou ik natuurlijk kunnen vragen: "Wat is nu de voortgang van Dijnselburg?" Want dat zou een keer op de agenda hebben gestaan. Ik heb het een keer bij het begin van de raad benoemd, maar wat niet op de agenda staat, is niet aan de orde, zoals toen duidelijk gemaakt werd. Misschien kunt u daar nu wel iets over zeggen: wat is nu het perspectief op dat punt? Maar het tweede punt is dat er in juni gewoon leegstand is, terwijl we elders in Zeist ook units huren voor Oekraïners. We betalen daar twee jaar geld voor, waarvan bijna een half jaar sprake is van leegstand. Is het niet mogelijk om de huur elders op te zeggen en die mensen daar te huisvesten? Want ik heb echt het idee dat we ofwel ergens dubbel huur betalen of iets leeg hebben staan, terwijl veel mensen zich echt afvragen: "Hoe kan het dat het leeg staat, terwijl ik geen woning heb? Of ik als student nergens kan wonen, of ik ben spoedzoeker en kan nergens terecht." Dus daar zou ik graag een antwoord op willen hebben. Met het tweede punt erbij is dat, als u hiermee bezig bent, het ook handig is om ons daarover te informeren, zodat ik begrijp waarom het leeg staat. Want er zijn nu allerlei beelden over, en ik kan het dus nu niet uitleggen, ook aan mensen die hierover vragen stellen. Ja, natuurlijk, dat water in het gebied. Ik vind het al heel ernstig dat u, al voorafgaand aan dit debat, tegen uw ambtenaren zegt: "Jongens, die Fluitman komt er weer aan. Nou, wat hebben we nu weer voor een antwoord?" Maar daar schiet ik niets mee op, want ik krijg nu het woord 'integraal' opeens voor mijn ogen. En ik heb ooit van iemand geleerd dat je 'integraal' niet moet uitspreken, want dat is levensgevaarlijk; dan kom je tot niets. En dat heb ik altijd heel goed onthouden. Dus mijn vraag is: hoe integraal bekijkt u nu dat gebied? U zegt zelfs dat het gebied opeens weer wordt aangepast. Dat snap ik helemaal niet. Nu wordt de school erbij gehaald. Ik zou heel graag van u willen weten: wat zijn de acties en wat is de tijdlijn die u voor ogen heeft?

Laura Hoogstraten - Wethouder

Om te beginnen met het laatste punt: er is een school aan de Sumatralaan, de Montessorischool, die vernieuwd wordt. Deze zal worden afgebroken en vervangen door een nieuwe school. In dit kader is er gekeken naar het omliggende gebied, waar ook woningbouw gepland staat. We moeten het hele gebied in samenhang bekijken. Dat was de overweging om een gebiedsontwikkelingsproject op te zetten, om te onderzoeken wat men wil en welke inpassingsmogelijkheden er zijn. Dit komt ook doordat het stukje water bij het windpark, waarvan men dacht dat het bouwvlak was, in werkelijkheid kleiner is; het waterwildgebied is namelijk groter. We hebben een projectleider aangesteld die bezig is met het verder uitwerken van dit project. Er wordt nu gekeken hoe we het gebied gaan invullen en vervolgens komt er een plan om dit verder te ontwikkelen. Op dit moment zit de Wegwijzer in een tijdelijk schoolgebouw; de derde school die er zou komen, is deze school aan de Sumatralaan. Pas daarna kan de hele ontwikkeling starten. De kans bestaat dat we, doordat we het schoolgebied erbij betrekken, meer woningen kunnen realiseren dan op dat kleine stukje bij het water en het park. Dus nogmaals, het is frustrerend dat het lang duurt, maar het kan ook helpen om het gebied beter en mooier te maken.

Marcel Fluitman - CDA

Ja, dank u wel, voorzitter, maar ik wil toch nog even over dit onderwerp door debatteren. Als ik in uw positie was en naar mijn coalitieakkoord keek, zou ik helemaal niet wachten op een integrale benadering. Ik zou zeggen: bouwen, bouwen, bouwen, want dat is wat we in Zeist willen. En u komt waarschijnlijk niet aan het benodigde aantal woningen als u alles maar uitstelt en het allemaal veel breder maakt. Dus mijn oproep, en mijn concrete vraag is: ik wil een tijdpad zien dat u voor ogen heeft. Wat daar gaat gebeuren, hoeft u nu niet te noemen, maar ik wil het wel graag schriftelijk ontvangen.

Laura Hoogstraten - Wethouder

We hebben uw toezending ontvangen. Ja, in feite verstrekken we elke zes maanden een rapport over de voortgang van de versnelling. We zullen dit meenemen en ik zal nagaan of we daarin een concreet tijdpad kunnen opnemen voor...

Marcel Fluitman - CDA

Voor een specifiek tijdpad voor het waterwingebied en wat daar gebeurt in die hoek, en niet slechts een opsomming in een lijstje. Er wordt nu al een paar jaar over gesproken. U ontwijkt al een paar jaar het antwoord op de vraag hoe concreet de situatie daar is. Nu hoor ik opeens dat het waterwingebied weer vergroot of verkleind is. We betrekken er nu de school bij. Dat geeft mij geen vertrouwen dat u gaat bouwen, en wij willen ook als CDA dat er gebouwd gaat worden in Zeist. Dus ik wil van u gewoon het actieplan zien dat u heeft met betrekking tot dat gebied. Kunt u mij dat toezeggen?

Laura Hoogstraten - Wethouder

We zeggen dat we de voortgang gewoon in de versnelling omgaan. Het is een van de vele projecten. U weet net als ik hoe hardnekkig dit soort onderontwikkeling kan zijn, en u kunt er allerlei etiketten op plakken, maar ik geef u op een briefje dat elk tijdspad dat we heel strak met elkaar afspreken, heel lastig te halen is door allerlei externe factoren. Ik denk dat het een goede zaak is dat we echt even kijken naar het hele gebied op zich, omdat dat juist de kansen voor woningbouw kan versterken. U en ik zijn het toch ook eens dat we het over kwaliteit moeten hebben? En het gaat over een klein gebiedje, dus we moeten dat ook met kwaliteit benaderen, voorzitter.

Marcel Fluitman - CDA

Voorzitter, dank u voor dit antwoord. Ik overweeg een motie in te dienen tijdens de besluitvorming straks, omdat ik dit een onvoldoende antwoord vind. Er wordt weer gewoon een lijstje meegenomen en zo worden we continu met een kluitje in het riet gestuurd wat betreft dat gebied. Graag ontvang ik nog een antwoord op een andere vraag, ja.

Laura Hoogstraten - Wethouder

Ja, op de camping in Isselburg zijn we nu. Ik ben nog steeds hoopvol dat we het gebied van Chelles voor 3 jaar kunnen huren. Mijn collega Van Dijk is in overleg met BPD om te kijken wat de uiteindelijke invulling wordt, en daar wachten we op voordat we de goedkeuring van PD krijgen om het te huren. Er is zeker voortgang, maar het kost tijd om de juiste afspraken te maken. Zolang dat niet is afgerond, kunnen we ook niet met allerlei andere zaken verder, want als we de chalets niet kunnen huren, dan moeten er 57 Oekraïners nieuwe huisvesting vinden. De Dorpsstraat was sowieso bedacht om deze mensen op te vangen. Dus de Dorpsstraat is ook gehuurd met de voorwaarde dat er Oekraïners worden opgevangen, en dat wordt betaald vanuit rijksmiddelen. We betalen dubbele huur: ja, we betalen voor Dijnselburg en we betalen voor de Dorpsstraat, maar het is zoals het is.

Marcel Fluitman - CDA

Nou, voorzitter, dit verbaast me enigszins. Wij betalen misschien wel drie keer zoveel als voorheen, dus we hebben iets gehuurd. Dat laten we leegstaan, omdat we ergens anders al iets gehuurd hebben waar mensen in zitten. We huren ook iets wat leegstaat, of het nu om rijksmiddelen gaat of niet. Het is gemeenschapsgeld, dus het maakt mij helemaal niets uit of u doet alsof het gratis is. Dat is het natuurlijk helemaal niet. Het is gewoon gemeenschapsgeld dat we goed moeten inzetten. En als u twee panden heeft gehuurd die nu leegstaan, terwijl u bijvoorbeeld bij Vigie een x aantal woningen huurt en daarvoor huur betaalt, begrijp ik niet waarom u niet zegt: "We zeggen de huur bij Vigie op en we verhuizen naar de panden met die mensen." Dus ik vind het heel slecht boekhouden als u zegt: "Het is maar even wat het is en we laten het maar even leegstaan." Dus mijn vraag is: Vindt u dat verantwoord omgaan met rijksmiddelen en gemeenschapsgeld?

Laura Hoogstraten - Wethouder

Nou, ik denk dat we het andersom moeten zien. Ik denk dat het verantwoord is als we goede opvangplekken hebben voor mensen die dat nodig hebben, en mensen uit het Kuta of uit het poortgebouw van Figi in de Dorpsstraat zetten, om vervolgens een hele verhuisbeweging te doen en dan toch de appartementen nodig te hebben voor de bewoners van Dijnselburg. Ja, dan zijn we mensen weer terug aan het verhuizen en weer opnieuw aan het verhuren. Het is al een grote druk om op tijd de juiste huisvesting te hebben en opvangplekken te organiseren, en vanuit dit perspectief had ik het natuurlijk, net zoals u, veel eerder gewild. Dat was ook de planning en daarom hadden we ook een beraden voorstel. Maar er zijn gewoon andere partijen nodig om het goed te volbrengen. Dus we doen dat ook stap voor stap, en vanuit zorgvuldigheid voor de mensen, met de heer Tompot. Die gaf het ook al aan: er is genoeg onzekerheid en het heen en weer verhuizen van mensen is uiteindelijk onnodig als we de plekken weer nodig hebben. Ik denk dat dit het is. Niet ideaal, absoluut niet, maar het is niet onverantwoord zoals u beweert. En ik denk dat het, vanuit het perspectief van de Oekraïners en vanuit de rust, wel goed is om gewoon de ruimte te hebben, mochten we snel moeten verhuizen van Dijnselburg af.

Marcel Fluitman - CDA

Ja, afrondend, voorzitter, als het project met Dijnselburg nog maanden gaat duren, vind ik het echt totaal onverantwoord dat we twee panden huren, zelfs op de Dorpsstraat, en die leeg laten staan. Dus ik roep u op om te kijken hoe u daar wellicht ook tijdelijk iets mee kunt doen. U geeft niet aan hoe lang het nog gaat duren met de Nederlandse burger, dus het blijft voor ons gewoon een heel open vraag. Ik vind het totaal onverantwoord hoe wij dan omgaan met gemeenschapsgeld, met leegstaande ruimtes waar heel veel mensen blij zouden zijn als ze daar voor een tijdelijke periode in zouden kunnen. Dank u wel. Ja, afsluitend wil ik daar wel op aangeven dat het geen maanden moet duren, want daarin ben ik het ook met u eens.

Hanny Roelofsen - Seyst.nu

Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, wethouder. Ik had nog een vraag over iets wat nog niet helemaal duidelijk was. Even kijken... Fijn dat die 30% sociale woningbouw enigszins gedekt is, maar met het oog op de toekomst hebben we toch de vraag of het mogelijk is om iets te doen met het reserve revolving fund, aangezien wij nooit hadden gedacht dat de Vogelwijk en Willem Arnst geen sociale huurwoningen zouden krijgen. Wat is dan het idee? Zou ik daar nog een toelichting op kunnen krijgen? Dank u wel.

Laura Hoogstraten - Wethouder

Ik vind het een mooie oproep. We gaan aan de slag met de woonzorg en met de woonvisie. We krijgen ook nog een woonzorgvisie, dus er komt best veel in beweging op het gebied van wonen. Ik doe de toezegging dat we met elkaar in gesprek gaan over dat revolving fund om te kijken hoe dat kan bijdragen aan een aantal opgaven waar we mee moeten omgaan. Daar ben ik heel blij mee, dank u wel. Jan.

Jan Bredius - NieuwDemocratischZeist

Ze zei: "Ja, dank u wel, voorzitter. Ik had nog een vraag over het lage cijfer voor de tijd dat zaken openstaan, en de wethouders zijn daar niet op ingegaan. Ik heb de vraag gesteld: wat gaat het college daaraan doen? Naast de laaggeletterdheid moet ook de lage cijferproblematiek onder de aandacht worden gebracht."

Laura Hoogstraten - Wethouder

Ja, nou, het is een laag cijfer. Dit is vaak ook een onderdeel van laaggeletterdheid. Ik interpreteer het ook als een communicatieprobleem. Als we helder communiceren, zijn mensen in staat om verschillende onderdelen zelf goed te organiseren. Digitale vaardigheid is dus een reeks van vaardigheden waarmee we mensen eventueel moeten helpen om daarin verder te komen of zelfstandiger te worden. En de aanpak is, als iemand echt met een lagere gecijferdheid komt, of met wat dan ook, bijvoorbeeld bij de bibliotheek, dan is dat een inkijkje in mijn werk. Er is naast dat mensen bijvoorbeeld een theorie-examen willen doen, ook heel veel hulp nodig. Er wordt veel hulp gevraagd bij het starten van een mbo-opleiding. Dus mensen starten of willen zich aanmelden voor een vooropleiding en dan komen ze bij de bibliotheek. Daar zijn dat de vragen waar ze mee aan de slag gaan. Als het een periode van lage cijfers is, dan zal dat de vraag zijn waar ze mee aan de slag gaan. Op die manier wordt er gekeken hoe mensen vanuit hun eigen vraag maatwerkondersteuning kunnen krijgen en kunnen starten met datgene waar ze behoefte aan hebben.

Jan Bredius - NieuwDemocratischZeist

Ja, voorzitter, als dat onder de taalvaardigheid valt, zoals vermeld onder punt 25, dan constateren we toch een bezuiniging van € 70.000 op punt 26. Hoe valt dat te combineren met het bevorderen van taalvaardigheid? Kan de wethouder daarop reflecteren?

Laura Hoogstraten - Wethouder

Nou ja, ik weet niet precies welk punt u bedoelt, maar volgens mij heeft dat niets met taalvaardigheid te maken. Is het misschien een begrotingsonderdeel, of heb ik dat niet goed begrepen? Ik zal erop terugkomen. Ik weet niet waar u het over heeft. Ja, de...

Koos Janssen - Burgemeester

De wethouder heeft zojuist al antwoord gegeven op een vraag van Wilma Breddels van de Partij van de Arbeid. Dit ging over die 70.000, en u geeft er een andere interpretatie aan dan het antwoord dat al is gegeven, mogelijk in een andere termijn. Ik kijk even of de Raad nog nadere opmerkingen heeft naar aanleiding van de inbreng van wethouder Hoogstraten. Dank u wel. Dan ga ik nu naar de fractie van D66, als u wilt. Ja.

Angèle Welting - D66

Voorzitter, in verkiezingstijd is het altijd fijn als u de partijkleur noemt, dus daar heb ik geen problemen mee. Nee, dank u wel. Dank aan alle fracties voor hun bijdrage vanavond. Ja, dat weet ik. Ik zal proberen het kort en bondig te houden. Ik wil beginnen met een persoonlijke noot. Er speelt veel in de wereld. Vandaag werd er door een aantal fracties in de Raad al naar verwezen: de verschrikkelijke oorlogen in zowel Gaza en Israël als ook in Oekraïne. Als portefeuillehouder jeugd, maar ook persoonlijk, wil ik uw aandacht vragen voor de gevolgen die dit heeft, vooral voor kinderen. Een aanzienlijk deel van de doden betreft onschuldige kinderen die niet om deze conflicten hebben gevraagd. Daarnaast lopen duizenden kinderen verschrikkelijke trauma's op, en dat raakt ons allen. Jarenlang ben ik actief geweest als vrijwilliger. We zeiden regelmatig tegen elkaar: zal het ooit zover komen dat we dit goede doel kunnen opgeven? Helaas is de werkelijkheid anders. Het werk past niet meer in mijn drukke agenda, maar ik blijf het steunen. Misschien een kleine oproep aan u hier om ook even stil te staan bij wat dit allemaal betekent voor onze kinderen. Lokaal ben ik blij dat wij hier het verschil kunnen maken voor onze kinderen, ook voor kinderen en jongeren die gevlucht zijn voor gevaar en terreur. Dat doen we onder andere door zo snel mogelijk onderwijs voor alle vluchtelingenkinderen te realiseren. Ook de jongeren die naar de Itaca School in Utrecht gaan, hebben we in Zeist goed geregeld met de Wegwijzer en ook Dreef. Collega Hoogstraten zat van de week nog in de provinciale regietafel asiel en integratie, waar ook gesproken is over hoe we zo min mogelijk verhuizingen voor kinderen kunnen realiseren, want dat dit effect heeft, hoef ik u niet uit te leggen. Zeven keer moeten verhuizen in twee jaar tijd is ingrijpend. Grotendeels is dit natuurlijk landelijk beleid, maar laten we hier lokaal en regionaal ons steentje blijven bijdragen waar we kunnen, als warme gemeente die altijd een open hart heeft. We zetten ons natuurlijk ook in voor alle kinderen in Zeist. Recent heeft u als Raad de agenda jeugd en onderwijs vastgesteld. Samen met kinderopvang, primair en voortgezet onderwijs, maar ook het CJG, de GGD en Bijeen Omnium willen we een stap naar voren maken. Meer preventie, meer aan de voorkant, bijvoorbeeld door jongerenwerkers op scholen in te zetten, door bij ziekteverzuim van kinderen al eerder de GGD te consulteren, niet pas als het al te laat is en kinderen al weken thuiszitten, maar echt al eerder. We hebben ook een vraag gekregen over de Wegwijzer en ik kan u zeggen dat u daar op werkbezoek bent geweest en heeft gezien wat daar gebeurt en de goede dingen die ze doen. Ik kan de Raad geruststellen: de extra lokalen komen eraan. We hebben ook in ons strategisch huisvestingsprogramma, dat binnenkort naar u toegaat, de vorming van IKC's bevorderd door extra vierkante meters beschikbaar te stellen. Ik geloof dat de VVD-fractie vroeg hoe het zit met de keuken. Ik kan u zeggen dat de keuken onderdeel is van het hele onderwijsconcept. Oh, iemand anders heeft het gevraagd, iemand van A en DZOK, sorry. Ja, over de keuken dus: kortom, die gaat er zeker komen en past ook in het hele verhaal van hoe we ook gezonde voeding aanbieden. Straks komt nog het onderwerp gezondheid aan bod. Meerdere fracties hebben vragen gesteld over de taakstelling in de jeugd. Is dat nou wel realistisch? Maar laat ik vooral beginnen met de inhoud en niet zozeer de financiële taakstelling. Net als u zijn wij namelijk van mening dat taakstellingen niet ten koste mogen gaan van de kwaliteit of de wachtlijsten. Daarom kijken we juist naar de mogelijkheden om minder uit te geven aan de jeugd zonder afbreuk te doen aan die kwaliteit. En dat doen we ook weer door die preventieve oplossingen en de mogelijkheden om mensen met een hulpvraag te stimuleren dit zelf op te lossen, of met behulp van hun netwerk. Niet elke zorgvraag heeft een zorgantwoord nodig, is toch wel het credo wat we steeds meer roepen. Ook met sport, cultuur, bewegen, jongerenwerk of andere initiatieven willen we die vragen opvangen en we hopen daarmee dat we een deel van het beroep op de jeugdhulp kunnen afnemen. Dat is voor het gezin en voor de kinderen ook prettiger, want we moeten het toch niet willen dat meer dan één op de zeven kinderen in de professionele jeugdhulp zit en daar ook soms bijbehorende etiketten krijgen. Dat zorgt er namelijk ook voor dat voor de kinderen waarvoor het echt nodig is, we daadwerkelijk ook die hulp kunnen bieden. Dan ten aanzien van de essentiële functies. Daar is een vraag over gesteld, daar hebben we een begrotingswijziging voor de lange termijn op ingeboekt en ook daar hebben we vanuit de inhoud aangevlogen in samenwerking met al onze omliggende gemeentes. We hebben ingezet op minder kinderen in de jeugdzorgplus, dus zoveel mogelijk thuis. En als het thuis echt niet meer kan, dan het liefst pleegzorg en geen dure gesloten jeugdzorg. Die beweging zijn we aan het maken en tegelijkertijd zien we ook dat we kunnen investeren in de kwaliteit. Kortom, we zien die positieve beweging terug in de cijfers en daarom is deze besparing ook ingeboekt. Dan ten aanzien van Samen Veilig: Samen Veilig heeft lange tijd taken uitgevoerd die niet alleen in het zogenaamde gedwongen juridische kader zitten. Dan moet u denken aan de jeugdbeschermingsmaatregel die opgelegd wordt door de rechter, of een jeugdreclasseringmaatregel, maar ook dingen die in het zogenaamde drangkader zitten, dus die veel meer aan die voorkant zitten. Nou, die taken zijn zij echt aan het afbouwen. Ook dat is niet van gisteren. Dat zijn we al veel langer aan het zetten en ons lokale veiligheidsteam, dat wij sinds een jaar of anderhalf, twee jaar hebben, pakt nu ook alle meldingen van Veilig Thuis op. Daarmee maken wij dus de beweging naar de voorkant, hoeven wij minder gebruik te maken van een organisatie als Samen Veilig, dan kunnen we ook daar een besparing inboeken, in ieder geval ook daar weer een gewenste ontwikkeling. Dan ten aanzien van gezondheid: de fractie van het CDA roept op tot rioolonderzoek naar drugsgebruik. Nou, onze veiligheidscijfers hebben nooit aanleiding gegeven om zo'n instrument als rioolonderzoek naar drugsgebruik in te zetten. Als gemeente Zeist willen we vooral inzetten op preventie, samen met scholen, de GGD en bijvoorbeeld ook het Trimbos Instituut. We hebben preventieprogramma's en geven voorlichting. Een klein voorbeeld uit de praktijk: wellicht zijn er hier ouders van middelbare scholieren. Op 23 november organiseren we samen met de GGD in het theater van het Kunstenhuis een avond voor ouders van VWO-leerlingen over middelengebruik. En daar hebben zich al veel mensen voor opgegeven. Periodiek levert ook de GGD ons cijfers aan en dat is dus wel degelijk sturingsinformatie. En ook zijn we natuurlijk gewoon met een kwalitatief gesprek bezig met scholen, met sportclubs, met allerlei partijen die zich inzetten voor jongeren. Dus het rioolonderzoek? Ja, dat is een relatief duur instrument dat ons inziens niet altijd de gewenste resultaten oplevert. We kunnen ook op andere manieren informatie ophalen en veel beter daarmee sturen. Uit de cijfers van de periodieke GGD-monitor komt bijvoorbeeld naar voren dat vapen een toenemend probleem is, een middel wat je helemaal niet uit een rioolonderzoek naar voren kunt halen. Nou, daar gaan we dan ook bewust mee aan de slag. Dus kortom, wij zien nu niet de nut en noodzaak om rioolonderzoek te doen. We hebben ook gekeken hoe andere gemeentes dat hebben gedaan. Het zou best kunnen dat het in een grote stad als Amsterdam wel toegevoegde waarde heeft, maar in een andere gemeente heeft het relatief veel geld gekost en nog niet heel veel opgeleverd. Nou, dat mag ik zien, de heer Fluitman schudt nee, maar daar hoor ik dan zo meteen wel zijn reactie op. Wat we ook gaan doen, is dat we aan de slag gaan met het preventie- en handhavingsplan rondom alcohol. Het Trimbos-instituut heeft daarvoor een eerste aanzet gemaakt. Het richt zich primair op alcohol. Dat is ook onderdeel van onze brede SPUK-aanpak. Sorry, specifieke uitkering. Soms heb je wel even een term waar je aan moet wennen. We zijn een plan van aanpak op het gebied van gezondheid aan het maken, maar daar hebben we ook aandacht voor ander middelengebruik. Kortom, de aanpak van drugsgebruik heeft wel zeker onze aandacht vanuit gezondheid en preventie, maar hiervoor hoeven wij wat betreft het college geen duur rioolonderzoek te doen. Wat betreft het wijkgericht werken: ik ben verheugd dat een aantal fracties dit heeft genoemd. Als gemeente vinden wij het belangrijk dat we weten wat er speelt in de buurten en wijken van onze inwoners en daar gericht onze handel op afstemmen. Het wijkgericht werken bestaat dit jaar 25 jaar. Een mooi jubileum en de samenwerking tussen de wijkmanager, de wijk-boa, de wijkagent, de jongerenwerker en de corporatie is daarin belangrijk. Zij zoeken actief de verbinding met elkaar, met andere partners, maar vooral ook met de wijkbewoners. Elke dag weer proberen zij met hun allen het verschil te maken voor onze inwoners, voor leefbare, veilige en vitale wijken. En met al die partners willen we de volgende stap maken. De VVD-fractie komt met de suggestie voor uitbreiding van de wijkmanagers. Dat is ons inziens wat te voorbarig. We waarderen die inzet, maar komen begin volgend jaar met een visie over hoe we die volgende stap kunnen zetten rondom wijkgericht werken en wat daarvoor nodig is. Onderdeel daarvan zijn ook de buurtbudgetten en de wijkbudgetten. En of dat dan uiteindelijk moet leiden tot een uitbreiding van de wijkmanagers, laten we daar dan op dat moment ook het gesprek met elkaar over voeren. Dan tot slot, voorzitter, het zal u in deze Raad niet zijn ontgaan dat sport en bewegen mij persoonlijk zeer aan het hart gaan. Ik denk zelf dat we echt op een fundamenteel andere manier naar onze gezondheidszorg moeten kijken, willen we die voor de toekomst houdbaar houden. Recent nog was er een uitgebreid artikel over het jarenlange sportbeleid van de rijksoverheid van de afgelopen 40 jaar. En wat de cijfers laten zien, is schokkend. Niet alleen is het rijksbeleid versnipperd en hobbelen we van tijdelijke middelen naar eenmalige potjes en tijdelijke specifieke uitkeringen, maar vooral de toenemende beweegkloof raakte mij. In sommige wijken sport meer dan 95% van de kinderen, terwijl in andere wijken dit percentage niet hoger komt dan 60%. Daar hebben wij dus iets met elkaar te doen. Steeds meer kinderen en ook volwassenen hebben overgewicht, op jonge leeftijd al diabetes, en er overlijden ieder jaar bijna 6000 mensen puur en alleen door niet of onvoldoende te bewegen. Laten we hopen dat een volgend kabinet het structureel anders gaat doen, zorgt voor structureel beleid, goede wetgeving en ook structureel geld. Maar ondertussen gaan we hier in Zeist verder met de mooie dingen die we doen. We investeren in sport en bewegen. Dat doen we zowel in het fysieke als sociale domein. Fysiek doordat we een mooi masterplan buitensport hebben. Sommige projecten hebben een wat langere adem, zoals u weet, maar ik hoop toch echt dat we volgend jaar een aantal dingen kunnen gaan realiseren en binnen mijn termijn nog een aantal lintjes mogen doorknippen samen met de verenigingen. Als portefeuillehouder van zowel sport, gezondheid, bewegen en er ook kunnen we ook stappen zetten om sport en bewegen te verankeren in ons ruimtelijk beleid. De oproep van de D66-fractie om dit te doen via de tweede omgevingsvisie is mij wat dat betreft uit het hart gegrepen. We zijn ook volop bezig met de sociale kant van sport met ons nieuwe GSB-beleid. Wen maar vast aan de afkorting: Gezondheid, Sport, Bewegen en Bestaanszekerheid. We gaan die volgende stap zetten. Daar komt binnenkort uw kant op. Tot slot wil ik mijn waardering uitspreken aan alle verenigingen, van scouting tot biljart, van klaverjas tot voetbal en van tophockey tot badel. Het zijn de vrijwilligers van al die verenigingen die elke dag, elke zaterdag, elke zondag klaarstaan om te zorgen dat jong en oud kan sporten en bewegen. Chapeau voor hen. Wij stimuleren hen ook om met vernieuwende concepten te komen om inclusief te sporten en bewegen. En er zijn daar prachtige voorbeelden van. Denk aan tennisles voor dementerenden, een hockeyzwemuur voor blinden, wandelvoetbal, stoelyoga en zo kan ik nog wel even doorgaan. Kortom, volgens mij moeten we echt op een andere manier kijken naar onze gezondheid en sport en bewegen als belangrijk middel zien. Niet alleen voor een goed leven in Zeist, maar zeker ook voor een gezond leven in Zeist. Dank u wel, voorzitter.

Koos Janssen - Burgemeester

Hartelijk dank, wethouder Wilting. Ik geef graag de gelegenheid voor een interventie. Maar, meneer Fluitman van het CDA, dank u.

Marcel Fluitman - CDA

Dank u wel, voorzitter. Ik dank de portefeuillehouder voor de beantwoording. Ja, het zal u niet verbazen dat ik toch even terugkom op het drugsonderzoek. Ik ben heel blij en ik vind het ook heel goed dat we in Zeist bijeenkomsten organiseren met scholen, kinderen en volwassenen over hoe je omgaat met drugs, hoe schadelijk drugs zijn en wat het met je gezondheid doet. Noem maar op. En dan hoor ik daarna eigenlijk zeggen van: "Ja, we hebben vanuit regio D of van een andere geen signalen of cijfers dat het hier nou allemaal zo ernstig is en dat het zich hier zo voordoet." En dat verbaast mij dan een beetje. Het verbaast me niet, maar dan krijg ik een beetje het beeld van: "Ja, joh, dat komt ergens anders voor, maar bij ons niet, dat doet mijn kind niet. Het is altijd die ander. Dat gebeurt niet in Zeist, maar dat gebeurt elders." Voorzitter.

Marcel Fluitman - CDA

Ik heb niet gezegd dat er hier geen 'nee' is, hoor. Laat mij mijn betoog afmaken, alsjeblieft.

Koos Janssen - Burgemeester

En dan kunt u ook een interruptie geven. Ja.

Angèle Welting - D66

Wilting, nee, maar ik heb niet gezegd dat er hier geen drugsprobleem is. Ik heb alleen gezegd dat er andere manieren zijn waarop wij de problematiek en cijfers rondom drugsgebruik op tafel kunnen krijgen. De meerwaarde van het rioolonderzoek zien we als college niet, dus dat wilde ik even corrigeren.

Marcel Fluitman - CDA

Dat komt op mij over alsof we denken dat we wel genoeg weten en dat het wel goed zal zijn. En nogmaals, het lijkt alsof het probleem niet bij ons speelt, maar alleen bij de buren en dan alleen in de grote steden. Ik zou u adviseren om eens naar het rapport van Oudewater te kijken. Oudewater is een klein stadje in de provincie Utrecht waar ze een rioolonderzoek hebben uitgevoerd. In 2016 zijn ze daarmee begonnen en ze waren geschrokken van wat ze tegenkwamen. Ook daar deden ze aan preventie en gingen ze naar scholen. Maar het gaat juist om dat drugsgebruik dat we niet zien en om de mensen die we niet bereiken. Het gaat om wat we niet zien en wat te maken heeft met criminaliteit, ondermijning en allerlei andere zaken die je niet wilt hebben rondom drugs, zoals drugs die verkocht worden in de verborgen hoekjes van parkeergarages of elders, of die gedumpt worden. Naar mijn mening hebben we daar geen zicht op, maar u mag mij overtuigen. Dan wil ik heel graag die cijfers zien waarop u baseert dat we alles onder controle hebben in Zeist. En dat heb ik ook in mijn betoog aangegeven. Wij vinden gezondheid in Zeist heel belangrijk en u moet zeker doorgaan met die voorlichtingen en met alle andere activiteiten die u onderneemt. Maar ik moedig u ook aan om als college uw nek uit te steken en eens het onbekende te onderzoeken waar we te weinig zicht op hebben. Durf het eens te doen, en als u gelijk krijgt, dan feliciteer ik u van harte als blijkt uit het onderzoek dat het inderdaad in Zeist best meevalt. Maar ik weet het niet en het baart mij zorgen, omdat ik merk dat het in het hele land een steeds groter wordend probleem is en dat ondermijnt ook de gezondheid van onze jeugd in Zeist.

Angèle Welting - D66

Ja, volgens mij heeft de heer Fluitman hier een oproep gedaan. Ik hoor niet echt een expliciete vraag aan het college, volgens mij. Ik neem de suggestie mee als het gaat over Oudewater. Ik zal daar zeker induiken en u een schriftelijke reactie daarop geven. Kenniscijfers uit Oudewater heb ik niet. Ik heb wel in ieder geval teruggekregen, na navraag, dat het investeren in een rioolonderzoek specifiek een kostbare exercitie is, waarvan het de vraag is of dat meerwaarde heeft. Allereerst, het tweede punt is dat wij in ons integraal veiligheidsplan een aantal prioriteiten hebben gegeven. En als u vindt dat daar rondom drugsoverlast prioriteiten gesteld moeten worden – dat is iets anders dan drugsgebruik – lijkt het me goed dat we dat in het opstellen van een integraal veiligheidsplan aan de orde laten komen. Ik zal de suggestie van Oudewater zeker na onderzoek meenemen, maar ik krijg ook terug vanuit zowel de GGD als vanuit onze ambtenaren van Gezondheid dat er veel gemeentes zijn die zo'n onderzoek hebben uitgevoerd en die daar inderdaad cijfers uit halen. Die zeggen dan: "Ja, en wat betekent dit dan?" Dus de vraag is ook of er meerdere manieren zijn waarop je drugsgebruik naar boven kunt halen en of zo'n kostbaar onderzoek meerwaarde heeft voor de gemeente Zeist. Wij zijn van mening van niet, maar ik zal de suggestie meenemen om eens bij de collega's van Oudewater na te vragen.

Marcel Fluitman - CDA

Ja, voorzitter, ik ben verheugd over het antwoord. Dat is een beter antwoord dan de eerste reactie die ik ontving. Ik zou heel graag ook de cijfers van de GGD willen hebben, en ik vraag me af waarop u zich baseert dat het in Zuidzande een begrip is. Ik vind het fijn dat u zich oriënteert, maar ik zou ook eens naar Leeuwarden gaan. Daar is het een wat grotere stad, maar ook daar is de schrik gigantisch naar aanleiding van het onderzoek. En zo zijn er meerdere steden. Het onderzoek heeft niet alleen te maken met het gebruik, maar ook, nogmaals, zoals ik zeg, met criminaliteit en zaken die we niet zien. Door een dergelijk onderzoek kun je redelijk duiden waar dat mee te maken heeft, of in welke gebieden van je gemeente dat plaatsvindt, waardoor je je focus kunt leggen op de handhaving op dat punt. Dus je kunt er veel meer mee dan alleen maar zicht hebben op wat het inhoudt; je kunt er ook zeer gerichte stappen mee zetten in de toekomst. Maar ik verwacht uw rapportage, of ik kijk met belangstelling uit naar uw rapportage.

Koos Janssen - Burgemeester

Dank u, wethouder Veltink, voor uw bijdrage. Nu geef ik het woord aan Wouter Catsburg.

Wouter Catsburg - Wethouder

Ja, is het in één keer goed? Dank u wel, voorzitter, en dank ook aan de raad voor uw bijdragen. Ik ga ze themagewijs doornemen. Ik probeer ze ook een beetje te koppelen aan ons coalitieakkoord, zodat ik er een lijn in probeer te krijgen. We beginnen met mobiliteit, die ons verder brengt. Als gemeente zijn we dagelijks druk bezig met de mobiliteit in Zeist. Het brengt ons van A naar B en we zijn bezig om het comfortabeler, veiliger en vooral ook duurzamer te maken. Ik denk dat we heel blij zijn dat er binnen de afdeling echt keihard gewerkt wordt en dat alle projecten die we plannen ook eigenlijk zonder noemenswaardige vertragingen doorgaan. En dan noem ik even niet de koude over, maar over het algemeen zonder noemenswaardige vertragingen. Wensen en meldingen vanuit onze inwoners of vanuit de raad nemen we serieus, zoals de stoepen van Wassink, bijvoorbeeld. Ik heb een alliteratie gezocht, maar ik kon die niet vinden. Als u nu wel iets had gevraagd over wadi's, dan was het 'wadi's van Wassink' geweest. Maar het waren de stoepen van Wassink, voorzitter. Er is een signaal en dat nemen we serieus, of dat nu van een raadslid komt of van een inwoner. Dan gaan we kijken of we daar iets aan de stoepen in dit geval kunnen doen, als dat op een veilige manier kan. Dat mensen met een rollator of wat dan ook veilig van de stoep af kunnen komen, dan pakken we dat op. Zo hebben we ook van Sijs meldingen gehad. Nou, daar zit ook een melding bij van de Dahliastraat, bijvoorbeeld, van 'hé, hier is geen stoep die omlaag gaat'. Kun je die aanleggen? Nou, dat signaal pakken we op en gaan we kijken of het daar op een goede manier veilig kan. Dit gebeurt vanuit bestaande budgetten. Dat gebeurt door onze eigen onvolprezen buitendienst die daar gewoon inderdaad mee bezig is, dus daar is verder geen budget voor nodig. We doen het niet actiematig, dat we nu overal opeens in Zeist die stoepen gaan verlagen, maar op het moment dat de meldingen komen, dan nemen we dat serieus. Gaan we dus kijken of het veilig kan. Dan parkeren, vaak het begin- en het eindpunt van mobiliteit, bij de ronde tafel en ook schriftelijk zijn er vragen gesteld en die zijn ook allemaal beantwoord, voorzitter. Ook in de bijdrage van vooral in de Z werd nadrukkelijk over parkeren gesproken. En eigenlijk vinden we het op dit moment niet opportuun om daar echt volop in te gaan, want de parkeernota ligt immers op dit moment ter zienswijze aan de inwoners voor. Dus er is nog geen officiële parkeernota vastgesteld door het college. Hij ligt bij de inwoner en we denken dat het netjes is als we eerst de inwoner nog aan het woord laten voordat we iets definitiefs zeggen over de parkeernota, dus vandaar dat we daar niet verder op ingaan. Een suggestie vanuit NDZ, die nemen we wel over, dan gaan we daarnaar kijken. U heeft gezegd: "Kijk nou wat je kunt doen met die kwijtscheldingen. Moet je de kwijtscheldingen nou in het parkeertarief opnemen of moet je dat niet doen?" Nou, dan gaan we kijken of dat mogelijk is en wat daar de gevolgen van zijn. Dat betekent wel dat we ergens in de begroting moeten vinden. Als u daar al suggesties voor heeft, dan houd ik me aanbevolen. Voorzitter, ik noemde al het verduurzamen van mobiliteit als een belangrijk onderdeel. Dat betekent niet alleen dat we mensen verleiden om duurzame vormen van verkeer te gaan gebruiken, maar ook op het moment dat we met infrastructurele projecten bezig zijn, dan zetten we in op verduurzamen. We zijn inmiddels bezig om bijvoorbeeld 30 km-wegen aan te leggen en dat betekent versmalling van wegen, wat meer ruimte voor groen betekent. En je ziet ook bij heel veel trajecten dat er inderdaad fors groen in Zeist bijkomt. Om een voorbeeld te noemen: de Oude Arnhemseweg, die straks een fietsstraat wordt. Daar wordt factor 10 aan groen toegevoegd. Er is nu heel weinig groen en we krijgen straks ruimte voor groen. We zijn in Den Dolder bezig, ook daar is veel groen bijgekomen, de Utrechtseweg, heel veel bomen aangeplant. Dus we zien ook daar in de verduurzaming van mobiliteit betekent ook vergroening van mobiliteit en dus we pakken wel degelijk door op natuur en klimaat. Een ander onderwerp uit het coalitieakkoord: natuur en biodiversiteit. We zijn gras aan het omvormen naar lang gras, ecologisch gras, zodat we ook voor de biodiversiteit toegevoegde waarde bieden. En deze week, voorzitter, vinden ook de eerste gesprekken plaats over de biodiversiteitsvisie, dus dat zit inmiddels in een spoor en ik snap het ongeduld van raadsleden natuurlijk prima. "Wanneer gebeurt er nou eens wat? Jullie zijn nu al 1,5 jaar bezig." Ja, dat heeft zo zijn tijd nodig. Dat werd ook al eerder gezegd, maar we zijn bezig. En dat betekent niet alleen de biodiversiteitsvisie, maar we zijn ook bezig met het uitvoeringsplan circulariteit. Ook daar zijn al de eerste gesprekken gevoerd met inwoners en bedrijven. Dus dat gaat ook lopen of dat loopt inmiddels ook. Voorzitter, dan het bomenfonds. Is door meerdere partijen genoemd. En ik denk dat het bekend is, maar goed om dat nog een keer hier te melden. Wij controleren in Zeist om de 3 jaar onze bomen. En dat betekent dat wij een goed beeld hebben van de kwaliteit van onze bomen. Op dit moment kan ik hier gewoon zeggen dat het oordeel van ons over ons bomenbestand gewoon goed is. En dat blijkt ook, want als je kijkt naar het bomenfonds, dat is inmiddels behoorlijk gevuld en er is weinig onttrokken aan het bomenfonds, dus je ziet dat de pot voor de bomen goed gevuld is en gezien onze kennis over de kwaliteit van onze bomen verwachten wij de komende jaren ook dat het fonds voldoende gevuld is. En dat is dus de reden waarom wij het acceptabel vinden om de komende jaren even te stoppen met het voeden van het bomenfonds. We wachten de evaluatie af. Dat is ook in de ronde tafel genoemd. In 2026. De financiële evaluatie van het bomenfonds wachten we ook af, om vervolgens daar weer een besluit over te nemen. Of als we weer starten na deze periode met het vullen van het bomenfonds, wat dat bedrag dan moet zijn. Maar er is voor ons op dit moment geen enkele aanleiding om te veronderstellen dat we de komende jaren een tekort aan geld zouden hebben om eventueel bomen die vervangen moeten worden, te kunnen vervangen. Er is geld voor. En voorzitter, dat heeft ook te maken met het feit dat we enerzijds natuurlijk het nieuwe boom of het boom of vervangen, maar we zijn ook bezig, ook in het kader van de klimaatadaptatie, om te kijken waar we bomen meer groeiruimte kunnen geven. Er zijn plekken in Zeist waar bomen heel weinig groeiruimte hebben. Nou, dat is niet bevorderlijk voor de kwaliteit en ik meen dat het, ik weet niet of het vanuit GroenLinks kwam, de voorjaarsnota dat een van de partijen ook zei, volgens mij waren jullie dat van, "moet je niet wat meer doen om de bomen ruimte te geven, zodat bomen gezonder blijven?" Nou, dat is ook een van de dingen waar we bijvoorbeeld als we met straten bezig zijn, gaan kijken hoe we bomen meer ruimte kunnen geven. Voorzitter, dat is doorpakken en ik zie dat ik over parkeren nog één ding vergeten ben. Anders heeft de heer Bredius wel herinnerd dat hij me er wel aan, maar die wil ik dan nu nog even doen. Dat is ja het feit dat de naheffingen goedkoper worden, hè, dat lijkt raar. Op zich is de hoogte van een naheffing geen doel op zich, maak hem maar zo hoog mogelijk. Het gaat erom het effect wat de naheffing heeft. Dat is voor ons in ieder geval het uitgangspunt. Hoe meer bekeuringen er worden uitgeschreven, des te meer heeft men ook het idee van "hé, ik moet inderdaad mijn gedrag aanpassen en ik moet gaan betalen voor het parkeren", dus dat is eigenlijk het doel van de naheffingsaanslag. En ja, we zitten daar aan wettelijke regels verbonden, namelijk, we mogen daar niet meer aan verdienen dan dat het ons kost en zo af en toe gebeurt dat wel, maar uitgangspunt is als wij de kosten gelijk blijven. We gaan meer heffingen uitschrijven. Ja, dat betekent dat het tarief per heffing ook juist bijna marktwerking zou ik zeggen. Ook het effect heeft dat dus de boeten of de naheffing omlaag gaat. Voorzitter, dan energie en warmte, terecht dat er door de raad hier aandacht aan gevraagd wordt. Er gebeurt op dit moment ontzettend veel op landelijk gebied, provinciaal gebied en ook lokaal. Als we kijken naar landelijk. Deze week is ten eerste doorkijk gegeven door het kabinet op de nieuwe afstandsnorm voor windmolens. Morgenavond is er alweer een webinar over de netcongestie en waar het naartoe gaat. En ik heb ook al de vorige vergadering gezegd, ziet er niet goed uit. De provincie is bezig met de plannen meer voor de windmolenlocaties. Er gebeurt dus ontzettend veel. En ja, het klopt dat de beleidsvorming op klimaat heeft. Inderdaad wat vertragingen opgelopen met het bijvoorbeeld met het klimaatplan. Maar ik ben ontzettend blij dat de acties die we doen richting onze inwoners, dat die zeker geen vertraging hebben opgelopen. Brede groepen in de samenleving worden bereikt via Mijn Groene Huis, Mijn Groene Bedrijf, Mijn Groene VvE en Mijn Groene Monument. Dus als iemand hier beweert dat de ontwikkeling van de SZ stilstaat. Onzin, SZ is gewoon volop in beweging en groeit en bereikt een steeds groter publiek. En ook vanavond bijvoorbeeld hebben zij weer een informatiebijeenkomst voor een collectieve inkoop van isolatie, juist bedoeld voor de doelgroepen in Zeist. Mensen met een woning die willen isoleren en door de collectieve inkoop kan er bespaard worden op kosten voor onze inwoner. Voorzitter, bedrijven worden benaderd, VvE's, monumenteigenaren. En samen met de provincie hebben we ook woningeigenaren met een smalle beurs benaderd om gratis isolatiemaatregelen toe te passen. Er worden woningen in Zeist gewoon gratis voorzien van spouwmuurisolatie. De eerste tranche was een groot succes en op dit moment staat de tweede tranche open. We hebben ons ook op ingeschreven, dus worden opnieuw mensen uitgenodigd, in dit geval om zich te melden. Heeft u een kleine beurs? Wilt u isoleren, trek aan de bel en wij komen bij u langs, alles wordt voor u geregeld. Voorzitter, samen met de corporaties hebben we isolatiematerialen gratis uitgedeeld. Oudste lied isoleert heeft dat opgepakt en die zegt: "Nou, als jullie dat in Zeist doen, doe ik dat in Auschwitz." En gezamenlijk hebben we dus weer heel veel mensen bereikt. We hebben inwoners bereid gevonden om met bewoners mee te gaan om de klus te klaren, hè? Om die tochtstrip bij de deur neer te hangen of dat radiatorfolie achter de radiator te hangen. Dus inwoners helpen elkaar en dat is denk ik ook de kracht van de verduurzaming in Zeist. En binnenkort gaat, wat ze in andere gemeentes noemen, de fixbrigade, ik weet niet of wij er al eigenlijk een echte naam voor hebben, maar gaat ook in Zeist een fixbrigade van start. Vrijwilligers die in Zeist op afroep beschikbaar zijn om bij mensen kleine isolatiemaatregelen thuis te doen. Voorzitter, de gemeente Zeist is koploper als het gaat om de Green Deal Zorg. De ChristenUnie SP noemde er een Green Deal voor geloofsgemeenschappen in de breedte. Nou, dat kan best een mooie aanvulling zijn op de Green Deal Zorg waar we zo succesvol in zijn in Zeist. Hè, dus dat willen we zeker meekijken. We willen hem eigenlijk ook verbreden naar wellicht sportclubs of ook cultuurinstellingen. We gaan kijken wat de impact is, dus we gaan ons licht bij Arnhem in dit geval even opsteken van "Hoe hebben jullie dit aangepakt en is dit voor ons ook een begaanbare weg om te doen?" En voorzitter, zo zijn we dus in de breedte in Zeist bezig om te verduurzamen. Er is één en nou ja, vanuit verduurzamen dan gaan we kijken we naar de toekomst, naar de mogelijkheden. Maar we zitten ook soms in het heden en dan heb je het bijvoorbeeld over het begraafplaats. De vraag over de tarieven, voorzitter, de tarieven lijken fors verhoogd, maar over het algemeen zijn vrijwel alle tarieven verhoogd met het inflatiepercentage en zijn er een aantal tarieven die wat forser verhoogd zijn, omdat die compleet onlogisch waren. Er werd wel eens gekscherend gezegd: "Het kopje koffie bij de crematie was duurder dan de koffie bij de begrafenis." Maar in dat geval, zo moet je het ongeveer wel zien. De huur van de aula bij de begrafenis was goedkoper dan de huur van de aula bij het crematorium, terwijl je het over het identieke product hebt wat je aanbiedt, dus dat soort ongerijmdheden die zijn in deze nieuwe legesverordening aangepast. De SP noemde nog juist dan geen mogelijkheden om gespreid te betalen en dergelijke. Nou, onze ervaring is dat vrijwel alle betalingen via de begrafenisondernemers verlopen en die bieden vaak wel de mogelijkheid. Heb ik ook net nog even op de site van Uitvaart, de overkoepelende uitvaartorganisaties, gelezen. Die bieden vaak wel de mogelijkheden tot uitgestelde of betaling in termijnen. Voorzitter, dan nog een stukje over dienstverlening over de publicatie. Een aantal partijen hebben dat genoemd. Ja, dat was ook ook. Dat is natuurlijk een niet een makkelijk besluit om te nemen, maar ik denk wel een nuttig besluit op het moment dat die publicaties die bekendmaken en de nieuwsbode staan weten we één ding namelijk, ze zijn niet actueel, ze zijn niet volledig en men mist informatie, terwijl onze inwoners wel denken dat dit alle bekendmakingen zijn. En dan maak je uiteindelijk een keuze om te zeggen, nou, we gaan ze volledig digitaal maken. Heb je alle informatie iedereen voor altijd direct actueel beschikbaar. Dat is de achterliggende reden waarom we dit gedaan hebben. Mensen kunnen zich abonneren op de nieuwsbrief en op het moment dat mensen iets willen weten, kunnen ze inderdaad naar in dit geval de balie komen. Worden ze geholpen om bekendmakingen in te zien. Ook kunnen ze bellen met het KC. Worden ze ook geholpen en naar aanleiding van de oproep van de heer Van Splunter van de VVD wil ik ook best kijken of het mogelijk is om in de wijk in

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Wethouder, dank voor de toelichting. Ik zie bij de microfoon Hanny van Kippersluis. Zij is de belanghebbende.

Hannie van Kippersluis - ZeisterBelang

Dank u wel, Voorzitter, voor het woord over het bomenfonds. Als ik het even mag samenvatten: er zit genoeg in de pot. We hebben een goed beeld van welke bomen gezond zijn en welke niet. Tot aan 2026 gaan we verder niets aan het fonds wijzigen. Stel nu dat de bliksem inslaat en die prachtige, nog zo gezonde boom breekt in tweeën en neemt in zijn val vier andere bomen mee. Zegt u nu ja, dat betekent dat we die vijf of zes bomen kunnen vervangen. Het is een kwestie van een telefoontje van een burger die de prachtige bomen in de straat erg mist. En dan komt er iemand van de gemeente Zeist aanrijden met een aantal bomen, die keurig weer geplant worden, en dat niet over een jaar, maar binnen, nou, ik zeg een paar weken. Is dat een reëel beeld? Kunt u dit bevestigen? Kunt u dit beamen, wethouder Kasmi?

Wouter Catsburg - Wethouder

Dank u wel, voorzitter. Maar ik denk niet dat het een reëel beeld is. Niet zozeer omdat er geen geld is, maar omdat wij met elkaar een lange termijn bomenbeheerplan hebben afgesproken, waarin staat op welk moment wij bomen in een bepaalde laan of straat gaan vervangen. Dus bij een bepaald percentage uitval, afhankelijk van het type laan, gaan wij alle bomen in de laan vervangen. Dus het kan zo zijn dat als het een laan is met 20 bomen en er vallen 5 bomen uit, dat we op dat moment voor de keus staan: gaan we alle bomen vervangen of alleen deze 5, of doen we helemaal niets? Maar dan zeg ik ook, als we de hele laan zouden moeten vervangen, dan is daar op dit moment gewoon geld voor.

Hannie van Kippersluis - ZeisterBelang

Ik hoor eigenlijk nu drie antwoorden: de drie mogelijkheden niet vervangen, de vijf bomen vervangen of de hele laan vervangen. Maar waar ik naar op zoek ben, is de bevestiging dat er voldoende middelen zijn voor mijn situatie. Ik bedoel, er kan ook een storm zoals in Leersum komen, God verhoede het, en dan moeten we genoeg geld in kas hebben. Dat is eigenlijk waar ik naar op zoek ben: om te kunnen zeggen dat we die bomen gaan vervangen omdat we daar gewoon genoeg geld voor hebben, en dat we dan niet zeggen: "Helaas, we maken een andere afweging en dit jaar zit het er niet in, maar in 2026 gaan we er opnieuw over praten." Daar ben ik even naar op zoek. Kunt u dat bevestigen? Ja.

Wouter Catsburg - Wethouder

Ja, als de 'wat als'-scenario's altijd lastig zijn, dan is er geen enkele gemeente die daar geld voor heeft, zelfs niet met een fonds van 10 miljoen. Volgens mij was de Utrechtse Heuvelrug in 2020 ongeveer 25 miljoen kwijt aan bomen, geloof ik. Dus dat is een irreëel voorbeeld. Maar op het moment dat de bomen in een laan vervangen moeten worden, is er, naar onze inschatting op dit moment, voor de komende jaren ruim voldoende geld beschikbaar.

Hannie van Kippersluis - ZeisterBelang

Dus wij kunnen hier ten overstaan van iedereen zeggen: "Beste burger van Zeist, mocht er iets gebeuren in uw straat, mocht er inderdaad een aantal bomen om welke reden dan ook komen te overlijden, dan kan de gemeente Zeist bij deze bevestigen dat die bomen op zeer korte termijn vervangen worden. Wij gaan niet zeggen: 'Ja, helaas, we hebben nu in onze almachtige wijsheid besloten om dat maar eens even over te slaan.'"

Wouter Catsburg - Wethouder

Ja, toch moeten ze eraf, want dit is Nederland. We hebben opnieuw met elkaar het lange termijn bomenbeheerplan vastgesteld, waarin we aangeven wanneer en op welk moment we bomen gaan vervangen, nietwaar? Dus ik kan niet zomaar zeggen: "Als er twee of drie bomen uitvallen, dan gaan we ze vervangen." Nee, dan kijken we naar wat wij als raad, u als raad en wij gezamenlijk hebben afgesproken over wanneer we bomen gaan vervangen. Op dat moment gaan we de bomen vervangen. Dan is er voldoende geld beschikbaar, maar dan moeten we toch het lange termijn bomenbeheerplan nog eens goed bekijken om te bepalen wanneer dat is. U stelt het heel zwart-wit voor: "Als het omvalt, dan..." Maar zo werkt het niet. We hebben daarover andere afspraken gemaakt in het lange termijn bomenbeheerplan.

Hannie van Kippersluis - ZeisterBelang

Ik denk dat de inwoners van Zeist dat ook vinden.

Jan Bredius - NieuwDemocratischZeist

Ja, voorzitter, dank u wel. Toch wil ik nog even terugkomen op het parkeren. Deze fractie heeft een heel eenvoudige vraag: wat zijn de financiële effecten van een nieuw parkeertarief op de begroting van 2024? Eenvoudiger kan het niet. De verhoging van twee naar vier euro, straatparkeren van €81 naar €88, van €88 naar €100 en van €88 naar €200. Dat zijn eenvoudige bedragen. Iedereen kan dat op de achterkant van een sigarendoosje uitrekenen. Dan zegt de wethouder tot twee keer toe dat het niet opportuun is, omdat de parkeernota ter inzage ligt. Ja, voorzitter, die nota is op 21 september naar deze raad gestuurd, samen met de reactienota. De periode voor het indienen van zienswijzen is gesloten per 5 juli van dit jaar. Dus wat betreft zienswijzen... Misschien is het nog mogelijk, maar ik zie de wethouder nee schudden. Ik wil heel graag weten wat er zo ingewikkeld is aan het presenteren van cijfers. Zeker omdat op 24 augustus wel een bedrag is genoemd, en de wethouder kan zich dat herinneren. Hij heeft €650.000 genoemd. Deze fractie zegt dat het €1,4 miljoen gaat opleveren. Dat hebben we uit de bestuursrapportage gehaald. Daar staat het onder punt 55, heel eenvoudig uitgerekend. De vraag is: waarom komt dit college niet met een eenvoudig antwoord op de vraag die er ligt? Daar moet een bedrag staan, €1,4 miljoen zeggen wij. De wethouder kan zeggen €650.000. Waarom gebeurt dat niet, wethouder?

Wouter Catsburg - Wethouder

Ja, voorzitter, ik verbaas me enigszins over deze vraag, want volgens mij heeft u in uw bijdrage het college enigszins beschuldigd van onzorgvuldigheid. Echter, ik vind dat u nu zelf een onzorgvuldige kant op gaat, aangezien de tarieven nog niet zijn vastgesteld. Er loopt nog een zienswijzeprocedure, nietwaar? Dus het is mogelijk dat de tarieven nog worden aangepast. Uw rekensom kan ik maken op basis van de cijfers zoals we die nu bekend hebben gemaakt, maar of dit de definitieve cijfers zullen zijn, weet ik niet. Dat kunt u niet weten en dat kunnen wij ook niet weten. Uw berekening klopt in ieder geval niet, want u kijkt alleen maar naar de tarieven die stijgen, terwijl er ook tarieven zijn die dalen, zoals ik al in een eerder antwoord heb aangegeven. En als u weet dat ik in de vorige vergadering tijdens de rondetafelgesprekken al 6,5 ton heb genoemd, dan vraagt u nu dus enigszins naar de bekende weg. Want als deze tarieven op basis van de huidige cijfers worden vastgesteld, dan gaat het om een halve ton en niet om 1,4 miljoen, heer Bredius.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Uw microfoon werkt niet; pak daarom een andere van Jan. Denk niet "nee", maar "ja".

Jan Bredius - NieuwDemocratischZeist

Ja, voorzitter, de portefeuillehouder zegt nu: "Ja, je moet het zelf maar invullen, € 650.000." Dat hebt u gehoord. Maar daar gaat het niet om. Er staat nu een PM-post, en overigens is het zo dat deze begroting nog helemaal niet is aangenomen. Maar per 1 januari gaan de tarieven ook veranderen, terwijl er vooruitgelopen wordt op wat deze Raad gaat beslissen. Dus, voorzitter, de redenering gaat helemaal niet op. We weten dat per 1 april de tarieven gaan veranderen. Ik heb net voorbeelden genoemd, en die € 650.000 wordt niet genoemd. Het had gewoon in bijlage 3 of 4 genoemd kunnen worden in plaats van die PM-post, dan zou deze Raad ook weten waar ze aan toe zijn en zou men rekening kunnen houden met die bedragen. Dan zou men dus alternatieven kunnen voorstellen en naar het college kunnen sturen, als men vindt dat dekking nodig is. Met andere woorden, die plus van € 650.000, die nu beschreven wordt, had er gewoon moeten staan. Ik begrijp het college niet, en nee, er zit geen enkele persoonlijke 'whatever' in. Ik kijk naar de cijfers, zoals ik dat steeds heb gedaan, en het feit dat er niet gereageerd wordt, is wel onbegrijpelijk. Daar heb ik een opmerking over gemaakt. Ik heb gezegd: "Deze fractie vindt dat het college niet open is op dat punt." Het is de derde keer dat we erom vragen. Ja, ik begrijp het nog steeds niet, voorzitter.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Is de wethouder nu aanwezig voor de afronding? Ja.

Wouter Catsburg - Wethouder

Ja, ik heb ook niet het idee dat ik u dat duidelijk kan maken, dus laten we het hierbij houden.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Laten we naar Roy Luca's zesde punt gaan.

Roy Luca - Seyst.nu

Voorzitter, dank u wel. Ik heb een vraag voor de wethouder, omdat hij zojuist iets aanstipte wat ons vanuit het perspectief van Zeist bezighoudt. U haalde kort de provincie en de kwestie van windmolens aan, alsook de NUTS-bedrijven die mogelijk in de toekomst niet direct een oplossing hebben voor de aansluiting op het netwerk. Ik zou graag van u willen weten wat dat precies inhoudt. Wat is de provincie momenteel aan het onderzoeken en hoe kijken wij vanuit Zeist, en zeker vanuit dit college, ernaar om daarmee om te gaan? We hebben unaniem een motie aangenomen waar u ook achter staat, maar ik ben benieuwd hoe dit zich nu verhoudt en waar wij ons in het speelveld bevinden. Er wordt vanuit de NUTS-bedrijven aangegeven dat we tot 2030 of zelfs 2035 moeten wachten voordat er iets kan gebeuren, dus het lijkt erop dat we ver vooruitlopen. Ik hoor hierover graag uw visie.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Zijn het de NUTS-jongens of de NUTS-mensen? Meneer Luca, maar dit terzijde, besteedt...

Roy Luca - Seyst.nu

Laten we de tekst grammaticaal correct maken: "We besteden in ons land en in andere landen. Laat ik het dan maar bij naam noemen, Voorzitter. Ik wilde geen reclame maken."

Wouter Catsburg - Wethouder

Reclame maken is toegestaan, want je hebt eigenlijk geen keuze of je nu nog geld uitgeeft of niet, dus wat dat betreft... Nee, kijk, de provincie is momenteel bezig met het plan-MER. Ik geloof dat de planning is dat ze in november met een rapport komen waarin zij, op basis van hun plan-MER en mede naar aanleiding van de opgestarte participatie, aangeven dat dit voor ons de 20 meest logische locaties zijn om windmolens te plaatsen. Dat zit volgens mij niet alleen in de locatiekeuze, maar ook in het vervangen en vergroten van kleine windmolens. En ja, dat is afwachten. We zullen ons op dat moment daartoe moeten verhouden, en dan zullen ze natuurlijk ook bij onze gemeente aankloppen met de vraag of deze locaties wel of niet logisch zijn, of het wel of niet kan bij ons. Dan is dat het moment om daarop te reageren, waarbij het uitgangspunt van de Raad volgens mij nog steeds is dat de A12-spoorzone in 2026 weer aan de beurt is om te bekijken, en dat we de Kamp van Zeist inderdaad als onderzoeksmogelijkheid hebben voor 2023-2024. Maar misschien blijkt uit de rapportages van de provincie wel dat dat niet meer nodig is, dat zou kunnen.

Roy Luca - Seyst.nu

Ja, zeker, voorzitter, dank voor de antwoorden van de wethouder. Dank gaat uit naar... (Opmerking: De zin lijkt onvolledig te zijn. Er zou iets moeten volgen na 'gaat uit naar...'. Bijvoorbeeld: "Dank gaat uit naar alle betrokkenen.")

Roel van Nieuwstadt - GroenLinks

Dank u wel, voorzitter. Ik wil toch even terugkomen op het bomenfonds, wat de wethouder waarschijnlijk ook van mij verwacht. Mevrouw Van Kippersluis is tevreden, maar ik maak me toch nog enige zorgen over de toestand van ons bomenbestand. Het klopt inderdaad dat er iemand heel druk bezig is met het continu door Zeist rijden en met een laptop de status van alle bomen keurig netjes vastlegt, zodanig dat alle gemeentelijke bomen ongeveer eens per drie jaar in beeld komen. En dat heeft soms tot gevolg dat ik even een halfuur moet wachten voordat ik mijn huis in mag, omdat er een aantal grote takken uit de eik en de beuk voor mijn huis worden weggezaagd. Maar de vraag die ik daarover heb, is of dit hetzelfde is als een kwaliteitsonderzoek naar de vitaliteit van ons bomenbestand. Als ik een analyse zie vanuit dat programma, ondersteund door de mening van de medewerker die we nu in dienst hebben en die verstand heeft van ecologie, die inmiddels is ingewerkt, dus die kan er ook een bijdrage aan leveren, stel mij dan gerust dat ons bomenbestand inderdaad goed en vitaal is en dat we niet meer geld nodig hebben om dat bomenbestand goed te onderhouden. Een tweede punt is dat destijds, toen we het bomenfonds oprichtten, er goed is nagedacht over hoe we dat zouden vullen en waarom we dat op deze manier zouden doen. Er zat een gedachte achter, namelijk dat je ook in tijden van nood in staat moet zijn om het 'groene goud' te kunnen redden. Het aantal bomen is niet afgenomen, maar we hebben dus vraagtekens bij de vitaliteit. Die bomen zullen allemaal nog steeds een keer vervangen moeten worden. Nu is het zo dat de gedachte die destijds achter de methode van het vullen van het bomenfonds zat, in feite onveranderd is, dus dat er ook geen reden is om dat proces te onderbreken.

Wouter Catsburg - Wethouder

Nu, wat er veranderd is, is dat we natuurlijk een behoorlijk aantal jaren verder zijn en dat we, terugkijkend, kunnen zeggen: "We hadden verwacht dat we een behoorlijk aantal bomen hadden moeten vervangen." Het is echter gebleken dat dit niet nodig is geweest, of dat we dit op een andere manier gefinancierd hebben, bijvoorbeeld bij infrastructuurprojecten. Dat we vanuit de infrastructuur in dit project bomen vervangen hebben, dus als je dan terugkijkt, dan zie je dat we veel minder bomen hebben moeten vervangen dan we gedacht hadden, gelukkig. Dat betekent dat het potje gevuld blijft en er niets uitgaat. Op basis van onze rondgang iedere drie jaar, en soms elk jaar als we zien dat het slecht met een boom gaat, gaan we jaarlijks controleren of we actie moeten ondernemen. Vanuit die rondgang weten we wat we de komende drie jaar kunnen verwachten en dan denken we: "De kwaliteit van onze bomen is op dit moment zo goed dat wij het geld dat in het bomenfonds zit, kunnen gebruiken." Rampen daargelaten, hebben we voldoende fondsen om bomen in de komende jaren te vervangen. En als we na deze periode gewoon weer starten met het vullen van het fonds, dan zit er nog steeds voldoende geld in om bomen te vervangen. Ik wil nogmaals benadrukken dat we in 2026 een financiële evaluatie van het bomenfonds gaan doen, en daar zit natuurlijk een herijking in van de kosten, maar ook een herijking van onze gedachten en de planning van het aantal bomen dat we moeten vervangen. Het moet overeenkomen met de werkelijkheid en dus zit die financiële afweging daar in 2026 in. We kunnen gerustgesteld zijn.

Roel van Nieuwstadt - GroenLinks

Meneer de voorzitter, gedeeltelijk gerustgesteld stel ik dus in ieder geval samen met u vast dat een aantal bomen opnieuw aangepakt moet worden. Ze staan er nog steeds, en we zullen daar uiteindelijk geld aan moeten uitgeven. Daarom vind ik het van wezenlijk belang, en ik hoop daarop een toezegging te krijgen, dat wij meer informatie ontvangen over de vitaliteit van die bomen. Of die informatie nu uit het systeem komt waarin al die bomen geregistreerd staan, of dat er iets anders moet gebeuren, dat maakt me niet uit. Maar stel ons gerust met een conclusie over de vitaliteit van de bomen, wethouder.

Wouter Catsburg - Wethouder

De wethouder bekijkt welke informatie we naar uw Raad kunnen sturen. Mijn eigen ijkpunt, maar dat is puur nattevingerwerk, is wanneer ik naar mijn schoonouders ga. Zij wonen op de zevende verdieping van een flat in Vollenhoven. Toen ze daar twintig jaar geleden kwamen wonen, konden ze heel ver kijken. Ze zagen vrijwel alle kerken in de omgeving, maar nu kijken ze uit op boomtoppen en zien ze nog maar één kerk, de hoogste. Dat is voor mij altijd een ijkpunt geweest van, nou ja, de vitaliteit van onze bomen in Zeist; ze blijven groeien.

Roel van Nieuwstadt - GroenLinks

Mijn punt is dat mijn zonnepanelen steeds meer kilowattuur gaan produceren, omdat de eiken en beuken aan de voorkant van mijn huis steeds kaler worden. Nou.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Nou, zolang die flat in Vollenhoven maar niet zakt, hè, dan is dat effectief, dank u wel. Meneer Van Nieuwstad, David Tompot van de SP, denk ik, als laatste spreker op dit punt, voorzitter.

David Tompot - SP

Voorzitter, dank aan de wethouder voor zijn antwoorden en bijdrage. Ik had echter nog enkele punten. De wethouder heeft gesproken over de verduurzaming van energie, een groot vraagstuk. In mijn bijdrage verwees ik ook naar het rapport van de Rekenkamer, waaruit blijkt dat de ambities van de gemeente Zeist om in 2050 honderd procent duurzame energie op te wekken, momenteel niet realistisch zijn. Er is veel meer nodig om dat doel te bereiken. De wethouder heeft uitvoerig gesproken over de huidige activiteiten, met inzet van stichtingen en organisaties die subsidies ontvangen, en vrijwilligers die in teams opereren om kleinere klussen, zoals woningisolatie, uit te voeren. Echter, wat ik mis, is aandacht voor het feit dat, zoals het rekenkamerrapport aangeeft, we veel meer moeten doen. Heeft het college zicht op de extra middelen die daarvoor in de komende jaren en decennia nodig zijn? We moeten immers rekening houden met de noodzaak van meer middelen. Hoe kijkt de wethouder hier tegenaan? Dank u wel.

Wouter Catsburg - Wethouder

Wethouder Catsburg, wat betreft uw vraag of we weten welke middelen in de komende decennia nodig zijn, kan ik zeggen dat ik dat niet weet. Ik constateer wel dat op dit moment de hoeveelheid middelen die door de Raad in het verleden structureel is toegezegd en wordt begroot, al een behoorlijk verschil maakt. Dit is ook het geval als we kijken naar onze collega's van steden in de buurt, maar ook naar de financiële middelen die we op dit moment vanuit het rijk ontvangen. Hoewel het om tijdelijk geld gaat, is het wel gekoppeld aan een langetermijnvisie. Ik denk dat op dit moment het middelenverhaal niet het grootste probleem is. De vraag is eerder hoe we die middelen effectief kunnen inzetten en dus ja, versnelling is nodig. Het rekenkamerrapport zegt ook dat we moeten nagaan of onze doelen wel realistisch zijn. Bij de uitwerking van het rekenkamerrapport, dat te zijner tijd naar uw Raad komt, zullen we een balans moeten vinden. We moeten bepalen waar we het gaspedaal moeten indrukken en waar we onze doelstellingen moeten bijstellen. Dat komt nog naar u toe als een reactie en uitwerking op het rekenkamerrapport.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Is dat voldoende, meneer Tompot? Dank u, wethouder, voor uw antwoord. Ja, daarmee zijn alle vragen aan de wethouder gesteld. Wethouder, hartelijk dank. Nu geef ik het woord aan burgemeester Koos Janssen voor zijn portefeuille. En wethouder, nogmaals bedankt voor de uiteenzetting over kort en lang gras. Ik vroeg me af of er ook sprake is van scheurgras, maar vanavond is er geen scheurgras, geen scheurgras. Ik dacht, in het kader van de biodiversiteit, dat dat misschien een optie zou kunnen zijn. Goed, het woord is aan Koos Janssen. Ik heb mijn iPad, maar dat staat er ook niet bij.

Koos Janssen - Burgemeester

Bent u er nog bij of schudt u nee? Nog een paar keer nee, nou, ik zal het u leren. Nee. Ik wil eigenlijk vier dingen kort noemen. De toestand in de wereld, die u allen heeft gememoreerd. Ik wil stilstaan bij P&O, personeel en organisatie. Iets over communicatie noemen, in aanvulling op wat Wouter Catsburg over dienstverlening heeft genoemd. En ik wil even stilstaan bij het begrip democratie. Het is best lastig als je als gemeentebestuurder of in de gemeentepolitiek kijkt naar wat er allemaal gebeurt in die grote wereld. En dan vind ik het altijd bijzonder als bestuurder in Zeist. Dat eigenlijk, als je kijkt naar de veelzijdigheid en pluriformiteit van Zeist, je in Zeist eigenlijk de hele wereld tegenkomt, hè? Jong en oud, man, vrouw, alle kwalificaties, alle nationaliteiten en achtergronden. Zeist is eigenlijk de wereld in het klein. En waarom noem ik dat zo? Wij hoeven ons niet de wereld te voelen, maar we zijn wel een weerspiegeling van de grote wereld. En als er dus een vraagstuk voordoet in die wereld, of het nou een natuurramp is of oorlog of een plaag in welke zin dan ook, dan weten we één ding zeker: dat wordt gevoeld door de mensen in Zeist, want die komen uit die hele wereld. En nu kunnen wij natuurlijk vanuit hier niet elk conflict of wat zich daar ver buiten afspeelt oplossen, zeker niet. Daarom, toen Zeistpunt.nl een paar weken geleden vroeg: "Wanneer verlenen we nou wel steun bij ellende ver weg? En wanneer doen we dat niet?" Dat zijn de goede vragen, want we moeten steeds nadenken over wat we wel en wat we niet doen. En soms is het gewoon belangrijk dat je heel kritisch blijft nadenken over wat de relatie met Zeist zelf is. Als er dus wat gebeurt in die grote wereld, dan denk ik dat er vanuit Zeist gezien twee dingen van belang zijn. Er zijn ook gewoon twee mogelijkheden. De ene mogelijkheid, die ook vaak geuit wordt, is dat wij op de een of andere manier medeleven betonen met de slachtoffers in dat gebied, wat zich zo kwetsbaar toont in een bijzondere omstandigheid, of het nu Israël en de Palestijnse gebieden zijn of iets in Libië, of waar dan ook. Dan denk ik dat het goed is dat we laten blijken dat we solidariteit en medeleven tonen met de onschuldige slachtoffers, jong en oud, die zich elders voordoen, maar die we wel meevoelen. Het tweede wat van belang is op lokaal niveau, en daar ligt voor ons in politiek en bestuur een hele grote opgave, is dat wij geen onderdeel worden van dat conflict. En je wordt onderdeel van het conflict voordat je het weet, want als wij van alles gaan roepen over wat we ervan vinden, wat zich buiten Nederland en buiten Zeist afspeelt, dan kan het zomaar zijn dat we door al dat vinden niet meer kunnen verbinden. En dan weten we één ding zeker: als je niet verbindt op lokaal niveau, dan jaag je de polarisatie aan. Dan kan het zomaar zijn dat we hier iets aanjagen, wat we juist in het kader van onze lokale verantwoordelijkheid niet moeten doen. We moeten die gemeenschappelijkheid in de lokale gemeenschap bevorderen. En dan vind ik het mooi dat, bij die grote woeste wereld, die soms veel woester lijkt te worden terwijl je eigenlijk denkt dat alle mogelijkheden zich zouden moeten voordoen om het juist rustiger te laten zijn in die grote wereld. Nou, er is nog heel veel te doen in die grote wereld. En dat betekent ook dat wij, veel meer dan in andere tijden, onze eigen bijdrage kunnen leveren aan het tegengaan van polarisatie op lokaal niveau. En dat is niet vinden, maar verbinden. Dat is ontmoeting en gesprek hebben op lokaal niveau, zodat de mensen hier lokaal ervaren dat wij meeleven met de gevoelens die zij hebben omdat ze weten dat buiten Zeist zich wat voordoet. Ik denk dat dat een mooie manier zou zijn om de polarisatie tegen te gaan en verbindend te opereren. En ik denk ook dat die ontmoeting en dat gesprek daarin de hoop besloten ligt, daarin het wenkend perspectief zit om op lokaal niveau wat aan te doen. Het tweede wat ik even wilde noemen, dat was dus personeel en organisatie. Ik heb een slokje water nodig. Geeft u mij een moment, alstublieft. Personeel en organisatie, net zoals de politiek, net zoals de inwoners, net zoals de bestuurders, ook de medewerkers hebben natuurlijk te maken met alle grote ontwikkelingen die zich waar dan ook voordoen. En naast dat ik zojuist al de dilemma's memoreerde die zich voordoen bij al die wereldgebeurtenissen, dichterbij of verder weg, heeft onze organisatie ook te maken met een hele grote mobiliteit van medewerkers en een spanning op de arbeidsmarkt, die een effect heeft op de slagkracht en de veranderingsgezindheid en -mogelijkheden van onze organisatie. De spanning op de arbeidsmarkt is niet groter geweest de afgelopen tien jaar dan dat hij zich op dit moment manifesteert. Er zijn per honderd werklozen, om maar iets te noemen, 150 tot 160 vacatures. Dan heb ik het over de provincie Utrecht. Als ik kijk naar Utrecht en Zeeland, zijn dat de provincies waar de spanning op de arbeidsmarkt het grootst is. En dat betekent dus dat als wij mensen zoeken, dat het gewoon verdraaid lastig is. En de mobiliteit is toegenomen, want we zijn naast fysiek werken ook digitaal gaan werken. Dus ja, afstand doet er niet meer zo toe, maar hier is de krapte het grootst, het moeilijkst om mensen te vinden. En dat betekent voor onszelf als gemeente, als wij vacatures hebben, dat dat een effect heeft op het salarisniveau, om maar wat te noemen. Dat als wij spanning hebben op de arbeidsmarkt, dat wij nog meer dan in normale omstandigheden goed werkgeverschap moeten tonen, dat wij de stress in het werk moeten weghouden. Dat we, om maar wat te noemen, een klimaat hebben waarin je op elkaar rekent in plaats van afrekent met elkaar. Dus voor dat goede werkgeverschap zijn allerlei materiële en immateriële dingen nodig, zoals het groenplan, hè? Jan Bredie noemde het vanmiddag nog even bij de algemene beschouwingen. Je moet dus denken aan allerlei manieren om het goede werkgeverschap in te vullen. Als je weet dat er in dit jaar tot nu toe ruim negentig vacatures zijn, waarvan er 54 tot nu toe vervuld zijn en er vijftien in de pijplijn zitten. Als je snel rekent, hebben we nog een stuk of tien tot twaalf die heel moeilijk te vervullen zijn. Dat ligt op het vlak van informatievoorziening, verkeer, ruimtelijke ordening, financiën en control. Dat zijn functies die heel moeilijk te vervullen zijn. Dat is geen somber bericht wat ik vertel. Ik vertel u gewoon hoe het zich realistisch ontwikkelt en hoe we erin slagen, ondanks die spanning op de arbeidsmarkt, met goed werkgeverschap en met een eigen profiel als gemeente Zeist, op een goede manier die vacatures te vervullen. En dat het dan een keer zo is dat een jeugdboa wat later aan het werk kan gaan dan we verwachten, dat het dan een keer zo is dat de Wet openbaarheid van bestuur, dat als mensen een beroep doen op die wet, dat er wat sneller een wisseling is in onze professionaliteit die belemmert dat we snel kunnen acteren als er vragen zijn, ja, dan is dat vaak tot dat soort dingen en omstandigheden terug te voeren. Dus er is een hoopvol werkzaam perspectief. De vacatures worden vervuld. We zoeken naar nieuwe formules voor goed werkgeverschap en soms vraagt het even geduld om met elkaar te wachten tot we weer goed op kracht zijn en dat we de dingen kunnen leveren die de samenleving of de politiek als representant van de samenleving van ons vraagt. Het derde wat ik wilde noemen, is communicatie. Oh, wat best belangrijk is in deze tijd, is dat als je communiceert, je weet wat je doelgroep is, wat je bereik is. Is het voor iedereen bedoeld, of is het individueel bedoeld? We hebben een hele pluriforme samenleving, dus de een kan zomaar denken, nou ja, het is toch allemaal goed te volgen en de ander kan zomaar denken, nou, ik krijg iets onbegrijpelijks te horen. Dus wat we nu doen, momenteel loopt er een onderzoek naar bereik, naar taal, naar toon en naar beeld. De een is handiger in beeld dan in taal. Dat is een extern onderzoek dat de gemeente betaalt op het vlak van communicatie. We willen gewoon weten hoe dat nou precies zit in Zeist: bereik in taal, toon, beeld en bereik in relatie vanuit de overheid met die pluriforme samenleving. Dat verwachten we in het eerste kwartaal en dan kunnen we met elkaar kijken, met al die signalen, ook die u vaak in de politiek geeft aan het bestuur, of we met elkaar op de goede weg zijn, of we snel genoeg zijn met de communicatie, of het schriftelijk of digitaal juist moest zijn, of het wijkgericht of juist niet wijkgericht moest zijn. Want er zijn allerlei verschillen en het is niet met een maat te bedienen, dus differentiatie en maatwerk op dat vlak is heel erg belangrijk. Dat wilde ik graag nog als aanvulling zeggen. Dan kom ik terug als laatste onderwerp op democratie. Oh, nou ja, heel veel van u hebben daar in uw algemene beschouwingen aandacht aan gegeven. We hebben daar natuurlijk ook het afgelopen jaar weer heel veel stappen in gezet. Dat is ook nodig. Dat doen we al jaren. Dat doet niemand alleen, maar dat doen we samen, hè? Dat doet de raad, dat doen de inwoners, dat doet de ambtelijke organisatie, dat doet het bestuur. En het fijne van dat werk is, dat het nooit af is. Dat is een geweldige troost bij het onderwerp democratische verbetering, want de tijd verandert en wij moeten mee veranderen. Dus als er wat aan schort, zegt dat niets over dat er niks van klopt, want dan zijn we nog steeds bezig om het verder te verbeteren en dat is iedere dag nodig omdat alles blijft veranderen. En ja, daar kun je als een tekortkoming zien. Ik zie dat zelf als een troost, want dat is veel meer bemoedigend om mensen in ontwikkeling te brengen dan dat je zegt dat er van alles niet klopt. Hier is altijd de sfeer, ook in uw bijdrage, of nou, de VVD is of Nieuw Democratisch Zeist. U hebt de opmerking ook gemaakt. We zijn op de goede weg en we blijven er gewoon aan werken. In die zin is het best belangrijk als je een instrument hebt, niet te snel te roepen: "Nou, weet je wat, elk onderwerp wat een beetje ingewikkeld is, dan maken we maar een burgeramendement van," of elk onderwerp wat zich voordoet: "Ja, weet je wat, nou maar een burgerberaad er tegenaan gooien." Nee, het is de kunst in ieder geval in elke afzonderlijke kwestie te kijken wat passend is en zodra het instrument een handigheid wordt, omdat je denkt, nou, dat zal wel werken, ja, dan hebben we het denken opzijgezet en dan zijn we te snel gaan doen. Dus het is ontzettend belangrijk de instrumenten te blijven ontwikkelen, zoals we die de afgelopen jaren hebben ontwikkeld en niet te snel te denken dat het ene veel meer wel en het andere niet. Het verschilt gewoon heel erg. Goed maatwerk is heel erg belangrijk. Het is nooit af. Het gaat steeds beter, het wordt nooit standaard en het is altijd werk. Het is altijd in bewerking en in die zin blijft het nodig daar de werktijd en zoektijd voor te creëren. Laat ik het zo zeggen. Voorzitter, tot zover mijn afronding. Dank u wel.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Ik kijk naar de Raad. Ik heb geen behoefte om een vraag te stellen, David Tompot van de SP.

David Tompot - SP

Dank u wel, portefeuillehouder, voor de antwoorden. Ik had daarover nog een vraag, om even door te gaan op de WOB-verzoeken. Ik begrijp van de portefeuillehouder dat het vooral te maken heeft met personele wisselingen, waardoor verzoeken vaak langer zijn blijven liggen. Mijn vraag is eigenlijk of er, naar aanleiding daarvan, nu zicht is op verbetering, zodat we kunnen verwachten dat verzoeken vanaf heden sneller worden afgehandeld. Of is het probleem nog steeds latent aanwezig? Een tweede vraag gaat over de situatie rond de Tweede Dorpsstraat. Het is inmiddels bekend geworden dat daar komende vrijdag al een discotheek, Club Backstreet, zal gaan openen. We weten dat Club Backstreet tot 500 bezoekers kan ontvangen. Mijn vraag, die ik ook in een eerdere bijdrage heb gesteld, is: gezien dat hoge bezoekersaantal, heeft de gemeente zicht op de mogelijke problematiek die kan ontstaan wanneer al die bezoekers na sluitingstijd op straat komen? Ik kan me voorstellen dat er dan meer boa's nodig zijn om de veiligheid en leefbaarheid in die buurt te kunnen handhaven. Daar heb ik de portefeuillehouder eigenlijk niets over horen zeggen. Dus mijn vraag is: gezien het feit dat er straks weer een discotheek geopend wordt, wat betekent dat voor de inzet van boa's? Dank u wel.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Dank u, David Tompot van de SP. Ik zal nu even luisteren naar Koos Jansen voor zijn beantwoording, of hoe u dat misschien wilt delen met het college, Koos Janssen.

Koos Janssen - Burgemeester

Weet je, ik heb iets gezegd over personeel en organisatie met betrekking tot het vraagstuk in algemene zin. En ik kan, of eigenlijk wil ik dat ook niet doen, niet specifiek uitspraken doen over hoe het bij een bepaald onderwerp op dit moment gesteld is. Als u wilt, als ik uw vragen mag interpreteren, of de aanvragen onder de Wet open overheid inmiddels in de verwachte procedure van een reactie kunnen worden voorzien, dan weet ik niet of Wouter daar iets over kan zeggen. Kun je daar iets over zeggen, Wouter?

Wouter Catsburg - Wethouder

Ja, het zit nu goed. Ik zal niet zeggen dat we de achterstand helemaal hebben ingehaald. Dat duurt wel even. Maar alle mensen die een aanvraag hebben ingediend, zijn benaderd; er is uitleg gegeven en er is perspectief geboden op wanneer wij verwachten dat aan de aanvragen kan worden voldaan. En dat is in een aantal gevallen best lastig, omdat de aanvragen behoorlijk omvangrijk kunnen zijn. Maar er wordt nu gewoon heel hard gewerkt om de achterstand in te halen. Ja, dat is voldoende.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

David, knik maar, dan herhaal ik wel wat je zegt. Ja, voldoende, dank je, wethouder.

Koos Janssen - Burgemeester

Met betrekking tot dat andere punt over de discotheek, ga ik een formele positie innemen. Ik ga twee dingen zeggen die ik in afstemming met Walter van Dijk heb voorbereid. Wij hebben hier de afgelopen maanden samen aan gewerkt. Het bestuurlijk bevoegd gezag voor het besluit over de vergunning ligt bij de burgemeester en dat besluit is genomen. Ik heb me voorgenomen om me, totdat alle zienswijzen, procedures en eventueel beroep of bezwaar zijn afgehandeld – en die termijn is net begonnen – niet tussentijds over dit onderwerp uit te laten in de openbaarheid. Anders kom ik van het ene in het andere, dus het besluit staat vast. Er is een gemandateerd besluit genomen vanuit mijn bevoegdheid en ik heb zelf vanmiddag getekend. U kunt de vergunningverlening aan Backstreet bekijken. Ik wacht af hoe belanghebbenden of betrokkenen daarop reageren. Het volgt zijn normale gang en ik zal, als de omstandigheden dat vereisen, natuurlijk samen met Walter van Dijk daar verantwoording over afleggen. Ik noem dit zo, omdat ik de afgelopen maanden heb ervaren dat we voortdurend onder een vergrootglas lagen. Ik zal het u even schetsen. Excuseer me, voorzitter, dit kost even tijd, maar de afgelopen 10 maanden heeft het ook veel tijd gekost, dus dat moet maar even. Een aanvrager vraagt iets en een omwonende vindt iets en ze communiceren beide. Ze doen dit ook via de raad door de raad te informeren met brieven die ze aan B en W schrijven. Dan stelt de raad vragen, B en W beantwoorden die en dan reageren de omwonenden en betrokkenen weer op de antwoorden van B en W aan de raad. Zo hebben we elkaar beziggehouden met hele stapels brieven. Dat is allemaal te verdedigen, dus daar schort op zich niets aan. Maar nu we dat formele besluit hebben genomen, gaan we het doen zoals ik net heb geschetst. Wat ons betreft als B en W worden we geen onderdeel van het publieke debat; het besluit is genomen. We zullen met een aantal betrokkenen nog gesprekken voeren en kijken welke rechtsgang nodig is en die ordentelijk volgen. Als de raad op enig moment verantwoording van het bestuur wil horen, dan zal dat ook gebeuren, maar wel op de juiste momenten in de procedure. Anders maken we het heel erg ingewikkeld. Dat is één. Het tweede punt is de praktijk. Een onderdeel van die vergunning, zoals Walter van Dijk zojuist al zei, betreft de veiligheid in het begeleidingsplan en daar is capaciteit voor geregeld. De eerste drie maanden vindt er op bepaalde tijdstippen begeleiding van het publiek plaats in de Dorpsstraat. Ik dacht, laten we de eerste drie maanden gewoon eens kijken hoe het gaat, om de ondernemers ervaring te laten opdoen, maar ook wij als gemeente en natuurlijk ook het publiek zelf en de omwonenden. Zo geven we elkaar de kans om aan een nieuwe situatie te wennen. En daar hebben we veel vertrouwen in. Ik had nog één ding dat ik wilde bespreken, naar aanleiding van wat Roel van Nieuwstad in zijn eerste termijn zei, wat te maken heeft met rechtvaardigheid. Ik kan het eigenlijk niet laten liggen, dus ik wil daar iets over zeggen omdat het mij in het bijzonder aansprak. Kijk, de voorzitter refereerde aan een filosoof die, geloof ik, 50 jaar geleden een heel mooi boek heeft geschreven over rechtvaardigheid. Voor mij is rechtvaardigheid in het openbaar bestuur een heel belangrijke waarde. Daar zal ik op een later moment meer over zeggen, waarom dat voor mij zo is, zowel persoonlijk als functioneel. Maar het interessante van die filosoof is dat hij rechtvaardigheid terugvindt bij Plato en Aristoteles, de kardinale deugden, waarvan rechtvaardigheid vaak als eerste wordt genoemd. En daarna hebben natuurlijk de kerkvaders en de religie die deugden ook weer ingevuld. Zo heb je vanuit de christelijke leer zeven deugden, en rechtvaardigheid is daar een heel belangrijke van. Wat interessant is aan die filosoof, en dat moeten wij ons allemaal aantrekken, denk ik, is dat tot dat moment het denken over deugden vooral op het individu gericht was. Je kijkt naar een persoon en vraagt je af: deugt hij of zij? Want die deugden draagt iedereen in zich en die moeten zich ontwikkelen. Maar die filosoof, een politiek filosoof, zei dat het niet alleen om individuele deugd gaat, maar ook om institutionele deugd, en dat is superbelangrijk. Institutionele deugd heeft ook een gevaarlijke kant, maar laat ik dat nu even zitten. Wat ik wil zeggen is dat als wij merken dat er onrechtvaardigheid in het systeem zit, dan moeten we dat ons aantrekken, want dan ligt het aan de verantwoordelijken van het systeem om mensen te helpen die vastlopen in dat systeem. Dat is de ene interpretatie van institutionele rechtvaardigheid. De andere is dat sommige dingen niet door het individu op te lossen zijn, maar dat anderen zich dat moeten aantrekken om te zorgen dat rechtvaardigheid bewerkstelligd wordt, zodat die ander ook aan rechtvaardigheid toekomt. Dat vond ik het mooie aan de oproep van Roel van Nieuwstad, en daarom wil ik hem extra memoreren. Wij, en dat is ook de traditie in Zeist, kijken niet alleen naar het individu. Wij vragen ons steeds af wat wij kunnen doen om het kwetsbare individu te helpen. Dat is veel meer dan te zeggen: "Je bent daar individueel verantwoordelijk voor, probeer het maar te redden." Nee, het denken hier is altijd gemeenschappelijk geweest. Wij denken aan de kwetsbare mens, de inclusiviteit, de context en de aarde, en we beseffen dat we daar ook een institutionele verantwoordelijkheid in hebben. Dat wilde ik nog zeggen.

Dick van Ginkel - Plaatsvervangend voorzitter

Dank voor het delen van je reflecties met ons. We gaan ze missen. We zijn rond met dit onderdeel. Ik hoor trouwens telkens een WhatsApp-piepje. Ben ik de enige? Wie is dat? Hé, oké, iemand. Koos, ik geef je graag het woord terug voor het laatste deel van de vergadering.