Het transcript dat je hieronder aantreft is gegenereerd met behulp van computertechnologie.
Hierdoor kunnen de namen van personen en partijen soms foutief zijn weergegeven.
Indien je een fout opmerkt kun je deze gemakkelijk verbeteren door op het bewerk-symbool (het potloodje) te klikken.
Ik kom bij agendapunt 10: moties vreemd aan de orde van de dag. De motie betreffende het onderzoek naar winkeltijden is de andere motie die aan het begin van de vergadering is behandeld. De motie vreemd aan de orde van de dag over het onderzoek naar winkeltijden is ingediend door de VVD. Ik wil de heer Aad Grinwis de gelegenheid geven om de motie toe te lichten.
Voorzitter, ja, we hebben deze motie al eens eerder op tafel gehad. Toen hebben we haar ingetrokken en iets anders geformuleerd. We hebben vragen gesteld aan het college en het college heeft daar zeer uitgebreid en in onze ogen heel afgewogen op gereageerd. Ze zeggen eigenlijk twee dingen: "We willen eraan meewerken als u, als Raad, vraagt om een onderzoek." En deze motie vraagt niet alleen om een onderzoek, maar ook om instemming van u als Raad om de vorm en aanpak van het geplande onderzoek te bespreken. Dus de vraag ligt voor: stemmen wij voor of tegen zo'n onderzoek? Ik denk dat de rest van de tekst voldoende is en geen toelichting behoeft. Dank u wel.
Dank u, VVD. Dan ga ik nu naar het College voor een eerste reactie en vervolgens inventariseer ik wie het woord wensen te voeren vanuit de Raad. Maar ik kan alvast mevrouw Ploeg noteren, evenals de heer Van Dijk namens B en...
Dank u wel, voorzitter. Mijn bijdrage zal heel kort zijn, want de heer Grinwis heeft al uiteengezet hoe het college hierin staat door te citeren uit de beantwoording van de raadsvragen. En dat is precies hoe het is. Dus het college is van mening dat dit een kwestie is van politieke wilsvorming, mede gezien de verschillende beelden die in de samenleving leven. En dat past bij het instrument dat nu voorligt. Dat is het eigenlijk.
Ik kon dat noteren bij de fractie van de ChristenUnie en de SGP. Wie was er nog meer van Van Kippersluis? Ik ga het even rustig opschrijven, mevrouw Bretels. Wouter de Haar, Voel of zo, Roelofsen, Valko van de Riet, Bredius, Tompot, vanuit de maand. Annette van de ploeg van de ChristenUnie, Schiphol. Dank u wel.
Dank u wel, Voorzitter. Men kan niet tegen een evaluatie zijn, maar deze motie voor een evaluatie heeft een achtergrond. Begin november hebben we als Raad een goed gesprek gehad met een supermarktconcern. Deze keten is iedere week 90 uur open; dus als je 45 uur werkt, kun je nog 45 uur boodschappen doen. Deze keten heeft in 2022 13% meer winst gemaakt, maar toch was er de uitdrukkelijke wens om meer open te gaan. Op een zondag later kwam de VVD met de motie om de openingstijden op zondag in december te verruimen. Deze Raad was erop tegen, iedere partij vanuit zijn eigen perspectief, en nu is er een verzoek tot evalueren. In onze gemeente is het geen standaardprocedure om besluiten te evalueren. Dat doen we graag, maar een evaluatie doe je ook niet zomaar; zorgvuldigheid is wenselijk. Dat vraagt om veel capaciteit en een goed budget. De ChristenUnie SGP kan deze motie niet anders zien dan als het verlengde van de wens tot verruiming van de openingstijden op zondag. 90 uur open, grote winsten, en wanneer is genoeg genoeg? Een economie die in balans is met de samenleving, waarvan de waarden rust en stilte van algemeen belang zijn, daar zijn we voor. Tegen deze motie zijn we. We zijn deze avond vrij bescheiden geweest, dus Voorzitter, ik vraag nog een klein momentje om een klein uitstapje te maken. Gisteren kwam er een lied uit van Tjeerd en Trijntje Oosterhuis. Het was zeven dagen geleden dat hun vader, Huub Oosterhuis, is overleden. Zijn laatste lied is in muziek gezet en ingezongen. Ik wil graag de tekst met jullie delen: "Hij sprak op de zevende dag: 'Ik heb de lichten ontstoken, de aarde in mensen gegrondvest, de zeeën gespreid voor dolfijnen, de hemel voor vogels en sterren. Nu is het even genoeg. Nu is het rusten maal rusten. Mijn sabbat, mijn zevende dag. Hij die de krachten geeft om aarde en hemel te hoeden. Jij hebt de last op je schouders te dragen, voor jouw lichaam en voor jouw ziel. Ik schenk je die zevende dag om jezelf te hervinden. Dag van rusten maal rusten. En dat wij elkaar vinden. Nu is het even genoeg. Nu is het even genoeg.' Dank u wel, Voorzitter."
Dank u wel, Voorzitter. Na deze prachtige bijdrage van Jaap Huub Oosterhuis, die als geen ander met de Nederlandse taal kon omgaan, waarop je eigenlijk alleen maar jaloers kunt zijn, ga ik toch proberen om op mijn manier een bijdrage te leveren. Het volgende: opnieuw worden wij geconfronteerd met een motie om de openingstijden van de winkels te verruimen. Nog geen half jaar geleden was dit een onderwerp op de agenda van de raadsvergadering van 8 november, en nu weer. Toen was de insteek de feestdagen, en het lijkt erop dat we ons nu opnieuw moeten buigen over een onderwerp waarvoor in november geen meerderheid te vinden was. Onze partij was en is geen voorstander van verdere verruiming van de openstelling van winkels. We hebben dit op 8 november al toegelicht. Kort en goed: onze partij voelt geen behoefte om de zondagsrust, die al gehalveerd is, verder aan te tasten. Onthaasten levert de individuele mens en de collectieve samenleving meer op aan welzijn dan de zogenaamde welvaart van 'meer, meer, meer'. Wij stemmen daarom tegen deze motie. Dank u wel, Voorzitter.
U, voorzitter, ja, Nieuw Democratisch Zeist heeft deels twijfels over de wens om tot wijziging van de winkeltijden te komen. Echter, er bestaan ook binnen de fractie gevoelens om mee te gaan met de modernisering van de samenleving. Maar die vragen liggen nu niet voor; daar gaat deze motie niet over. Deze motie gaat over onderzoek en evaluatie, en dat vinden wij een goede zaak. Het is namelijk goed om de balans te zoeken. Dat is noodzakelijk en urgent. We zullen de motie steunen.
Maar ja, dank u wel, voorzitter. Ik denk dat het nooit kwaad kan om, zeg maar, te evalueren of iets goed werkt of niet. We hebben inmiddels afspraken over de winkeltijden die nu al geruime tijd gelden, dus het kan geen kwaad om daar weer met elkaar over te evalueren en het gesprek aan te gaan. En dat betekent ook dat het alle kanten op kan gaan. Voor de duidelijkheid, de uitkomsten zijn nog niet bekend. Dus ik hoorde in de vorige toelichtingen dat er eigenlijk al bepaalde conclusies getrokken waren voordat er überhaupt een evaluatie gehouden was. Wat D66 belangrijk vindt bij een evaluatie, zijn eigenlijk twee dingen. Ten eerste is dat wij als raad de kaders stellen voor de evaluatie. Dus dat zouden wij heel graag toegevoegd willen hebben aan de motie, dat we ook als raad een duidelijke opdracht geven aan het college voor die evaluatie. Dat betekent niet alleen een bepaalde doelgroep, maar een zo groot en zo breed mogelijk onderzoek en evaluatie binnen de samenleving. Het andere punt, en dat kwam ook terug uit de vragen die gesteld zijn door de VVD aan het college, is of dit onderzoek mogelijk ten koste zou gaan van eventuele andere uitvoeringsplannen. Wij weten niet welke uitvoeringsplannen dat mogelijk zouden kunnen zijn, noch kunnen we inschatten wat de impact daarvan is. Dus ik zou eigenlijk de toezegging willen hebben vanuit het college dat dit onderzoek pas plaatsvindt op het moment dat het niet ten koste gaat van andere uitvoeringsplannen, of dat het in ieder geval goed geagendeerd wordt. Dat zijn de twee aanvullingen. Met deze aanpassingen zouden wij kunnen instemmen met de motie.
Dank u wel, voorzitter. Ons punt nu is dat we voorstander zijn van een onderzoek, maar wel met de kanttekening dat we dit graag breed zouden willen uitzetten onder alle winkeliers van de gemeente Zeist. Immers, het vorige gesprek heeft alleen plaatsgevonden met een supermarkt. Daarnaast willen wij ook het voorstel doen om dit onderzoek uit te breiden en gelijktijdig onderzoek te doen naar de koopavond en koopzondag om deze aantrekkelijker te maken. Aangezien nu een groot gedeelte eigenlijk steeds gesloten is, heeft dit een domino-effect op de winkels, het publiek en op de horeca. Het zou waardevol zijn als deze twee aspecten samengenomen kunnen worden. Dat zouden wij op prijs stellen. Dank u wel.
Dank u wel, voorzitter. Moeten we ons nu over winkeltijden buigen? Willen we die ruimer of krapper maken? Webwinkels zijn tegenwoordig 24 uur per dag open en je kunt er bijna alles bestellen. Bezorgbusjes rijden dagelijks tot 's avonds laat af en aan in de wijk. Wellicht spreken we in de toekomst wel over bezorgtijden in woonwijken in plaats van winkeltijden in winkelcentra. GroenLinks voelt geen noodzaak om de bestaande winkeltijden te verruimen. Hoewel een gesprek over het beperken van winkeltijden in het kader van consuminderen en ter ondersteuning van kleine zelfstandigen in onze gemeente interessant kan zijn, geven wij hier op dit moment geen prioriteit aan. We zullen tegen deze motie stemmen.
Dank u, voorzitter. Ja, uit niets blijkt dat er behoefte zou zijn aan een verruiming van de winkeltijden. Op zondag kun je in Schotland nog steeds op een hoogdravend paard rijden zonder schade aan te richten. Misschien is er behoefte op de terrassen, maar volgens mij is er gewoon geen noodzaak voor verruiming, en zeker niet voor een onderzoek dat ook nog eens geld kost. Ik denk dat we gewoon eens moeten gaan kijken, weet u. Dat lijkt me veel eenvoudiger. En wat betreft de opmerking van de heer Van Driel: het is ook niet verplicht om open te zijn. Dus als je op zondag wilt sluiten, is dat prima en hoeft dat ook niet onderzocht te worden. Dus nee, ik ben tegen het voorstel. Dank u, mevrouw.
Voorzitter, dank u wel. Voor de SP is het niet noodzakelijk om dit onderzoek te doen. Om die reden zullen wij deze motie dan ook niet steunen. Wij, als SP, vinden dat niet alle dagen van de week hoeven te lijken op dagen die in het teken staan van de economie, met name de 24-uurseconomie waarover net ook door collega nummer drie gesproken werd. Het feit dat je op internet in principe 24 uur per dag alles kunt bestellen, betekent niet dat we deze virtuele economie als een reële economie moeten beschouwen en deze één-op-één moeten kopiëren in onze gemeente, zelfs als het niet om een 24-uurs openstelling gaat. Ik denk dat het juist belangrijk is dat we als gemeente onze inwoners het verschil laten ervaren tussen gewone winkeldagen en dagen waarop die activiteit er niet is, zodat er ook tijd is voor andere zaken dan winkelen. Gezien het feit dat de koopavond op vrijdag in onze gemeente al niet bijzonder druk bezocht wordt, zien wij voor de SP geen noodzaak om onderzoek te doen naar wat eventueel tot doel zou hebben de winkeltijden op zondag verder te verruimen. Dank u wel.
Ja, dank u wel, voorzitter. Het CDA heeft even gekeken naar wat ik eigenlijk van de andere partijen had verwacht na het dictum. En ik vraag me af, nou ja, wat voor een mening de Raad nu eigenlijk heeft, want hier staat: "spreekt als haar mening uit dat..." Ik ben benieuwd wat de mening dan precies is van alle fracties. En dan wordt het vervolgd met: "het in gesprek gaan met het college over vorm en aanpak, waarna overgegaan wordt tot nader onderzoek en evaluatie van de winkeltijden." Waarom staat er niet gewoon: "roep het college op tot een evaluatie"? Hoe moeilijk kan het zijn? Want hier staat, ja, dat brengt mij een beetje in verwarring, want blijkbaar moet ik een mening over iets hebben in een motie, en dat spreken we dan als Raad uit, dus ik verbaasde mij daarover. Maar naast de verbazing ga ik er maar vanuit dat de bedoeling is dat we een onderzoek gaan doen. Nou, dat onderzoek gaat geld kosten, dus ik ben benieuwd naar de kosten, oftewel een inschatting daarvan, en of de VVD ook dekking hiervoor geregeld heeft.
Het tweede punt is dat het onderzoek ook tijd kost. En ik vind ons een beetje tegenstrijdig wat dat betreft. Als er maar één winkelier is geweest om in te spreken en we weten welke winkelier dat is, en we hebben er op 8 november uitgebreid met elkaar over gesproken... Hiep hiep hoera, we hebben weer een geitenpaadje gevonden. Want als het de vorige keer niet lukte, dan proberen we het nu maar eens met een onderzoek. En dan denk ik: waar zijn we mee bezig? Waar belasten we onze ambtelijke organisatie nu weer mee? Terwijl die oproep van de winkeliers er gewoon niet is, en ik spreek heel veel winkeliers. En ik weet dat zij het heel moeilijk vinden om open te gaan en dat de druk alleen maar groter wordt voor hen, dat als er ruimere openingstijden zijn, die winkeliers dan denken: "Ja, maar ik mag de boot niet missen. Ik moet ook open zijn." Zo verzieken we, denk ik, een beetje onze inwoners, maar bederven we ook de sfeer in het dorp zelf, want dan krijg je een heel raar effect.
Het CDA is gewoon helemaal geen voorstander van verruiming van de openingstijden. Het is nu mogelijk om 's avonds tot 10 uur met je winkel open te zijn voor iedereen, dus waarom is er nu wel een onderzoek naar de koopavonden? Ja, wat moet er uit het onderzoek komen? Wat wilt u onderzoeken op een koopavond, mevrouw Wilders? Laten we eens één keer een wandeling maken door het dorp, dan weet u wat er open is. Dat is op zondag net zo, en datzelfde geldt voor de openingstijden tot 18 uur; ze zijn open tot 6 uur. Ik ben benieuwd hoeveel mensen dat hier doen op de Slotlaan. En het gaat niet om de Slotlaan, want het gaat om de grootgrutters, want daar loopt de VVD al een hele tijd heel hard voor te rennen, en daarvan hebben we juist in november gezegd dat we dat niet nodig achtten. En hier, piep, het geitenpaadje is gevonden. We gaan een onderzoek doen, we gaan weer geld uitgeven, terwijl we allemaal, en nogmaals, mevrouw Breddels zegt dat heel goed, precies weten waar het over gaat. We weten precies waar het pijnpunt ligt en we weten precies hoe het zit met die openingstijden.
Dus laten we geen gekke dingen doen, laten we geen geld uitgeven, laten we het ambtelijk apparaat niet belasten met weer een taak erbij, terwijl u maar één ding wilt: u wilt straks hier de vraag voorleggen of ze open mogen zijn van 's ochtends 7 tot 's avonds 10 of niet. Nou, stel die vraag dan en ga het dan niet onderzoeken, want u weet het al en wij weten het ook. En dan stemmen we erover en dan zijn we klaar, en hebben we een hoop geld bespaard. En ik weet zeker, er zal heel weinig veranderen, op twee Albert Heijns na. Het CDA is wat dat betreft dus tegen deze motie.
Ja, ik wil toch graag even terugkomen op de opmerking van de heer Fluitman, met name zijn vraag over wat ik bedoelde met de koopzondag en het onderzoek daarnaar. Koopavond en koopzondag had ik in één adem genoemd, juist omdat er op die avonden weinig bezoek is. Mijn voorstel was om eens te onderzoeken hoe dat anders kan worden aangepakt, bijvoorbeeld door de winkels niet te openen in de wintermaanden of in de natte maanden, wanneer er gewoon weinig behoefte is om op straat te lopen. Dan kunnen we bij wijze van spreken de winkels sluiten, zodat iedereen dat ook weet. Maar nu, met de beperkte openingstijden, worden de mensen die er lopen niet enthousiast. De horeca die daar zit, trekt op deze manier ook geen klanten aan. Naar mijn idee leven we in een vrije economie en denk ik dat het prima is om mensen te laten ondernemen die dat willen. Het gaat hier niet alleen om de grootgrutters; het gaat erom dat de kleine winkels open kunnen zijn als ze dat willen, bijvoorbeeld op koopzondag, maar dat zijn ze niet. Nou, degene die wel open wil zijn, die mag dan toch wel open zijn. Je doet in feite niemand tekort; degene die open wil zijn, is het, en degene die niet open wil zijn, is het niet. Dank u wel.
Ze vierden dat de voorzitter voor hen beiden gold. "Ja, dat klopt," zei de een, "maar verder verliep de dialoog vrij direct tussen u en de heer Fluitman." "Ik ben er streng op geworden; het is niet anders," antwoordde de ander. "Ja, ik begrijp het volledig, maar ik zou het toch op prijs stellen als het via de voorzitter gaat. Het kan dienen als een hulpmiddel." De heer Fluitman viel in met een interruptie: "Ja."
Ja, meneer de Voorzitter, dank u voor de reactie van de fractievoorzitter van Zeist. Het is nu, volgens mij, 16 uur. Wat betreft de laatste zin: iedereen mag open zijn wanneer hij of zij dat wil. Daar hebben we al een verordening voor, dus dat hoeft niet onderzocht te worden. U pleit nu voor een onderzoek naar de koopavonden, maar dat is helemaal niet nodig. Men mag gewoon open of dicht zijn, en in Zeist heeft dit zichzelf gereguleerd. Dat is hoe het is. Ook de koopzondag heeft zichzelf gereguleerd in Zeist, en dat is eveneens hoe het is. Voor ons is dat voldoende en is er geen enkele noodzaak tot verder onderzoek. Dit geldt zeker als men, zoals de VVD, slechts één ding wil: verruiming van de openingstijden, met name voor de grootgrutters. Zij weten ook heel goed dat de kleine middenstander hierdoor niet zal profiteren, maar juist meer last zal ondervinden.
U moet zich tot de voorzitter richten, begrepen? Waar het mij eigenlijk puur om gaat, voorzitter, is dat ik, als ik nog wat mag zeggen, het woord neem. Dank u wel. Het gaat om het aantrekkelijk maken van een dag die al ingeregeld is, maar die blijkbaar geen doel krijgt. En daarom zeg ik: waarom blijven we trekken aan een dood paard? Laten we een nieuwe oplossing zoeken. Als we dan toch gaan onderzoeken naar het verruimen van winkeltijden, laten we dan kijken wat men in Zeist wil en pak dan meteen die twee dagen mee. Hier laat ik het bij. Dank u wel.
Dank u wel, voorzitter. Ik wilde graag even reageren op de heer Boeddha van D66. Hoe ziet D66 de behoefte? Hebben jullie al een gevoel hierbij? Er zijn zoveel ondernemers, zowel grote als kleine, die behoefte hebben aan verruiming. Wat is dit onderzoek waard en hoe kan het gefinancierd worden? En kunt u ook reflecteren op de capaciteit van de ambtenaren? Daarnaast, in 2013-2014, is er ook zo'n onderzoek gedaan. Een uitgebreid onderzoek dat inderdaad veel capaciteit heeft gekost. Een van de uitkomsten was dat meer dan 70% van de ondernemers tegen de verruiming van de zondagsopening was, maar het gebeurde toch. In dit huis is er politiek gezien gewoon voor gestemd. Waarschijnlijk houd ik het netjes door te zeggen dat dit kwam omdat de grote jongens voorstander waren en de kleintjes niet. Wat is dan de waarde van zo'n evaluatie? Dank u wel, voorzitter. We vliegen...
Voorzitter, dank u wel. Ik merk dat het debat al is gestart zonder dat er een evaluatie heeft plaatsgevonden. Dat was ook net het geval in mijn betoog. Ik vind de hele discussie die nu gevoerd wordt en alle conclusies die getrokken worden eigenlijk voorbarig. Ik ben echt oprecht geïnteresseerd in wat er uit de samenleving komt. Zoals ik net al zei, is het inmiddels 10 jaar geleden dat wij dit met elkaar hebben vastgesteld, en het kan nooit kwaad om daar nog eens met elkaar over in gesprek te gaan. Ik merk dat we dit nu al vier keer, nee, drie keer in de Raad hebben gedaan. Ik merk dat we daarover in de fractie al meerdere keren met elkaar hebben gesproken. Ik merk dat het ook leeft bij de raadsleden, en je ziet in het debat dat net een beetje ontstond, dat het echt wel leeft in de Raad. We zijn een tijd verder, dus wat mij betreft is er geen probleem om een evaluatie te laten plaatsvinden en te kijken wat de conclusies daarvan zijn. Ja, weet je, het zou gek zijn als ik die nu al zou kunnen opnoemen, want dan zou ik een evaluatie hebben gemaakt, en die is er niet. Ik kan daar niks over zeggen. Het kan best zijn dat er uit een evaluatie komt dat de samenleving zegt: "Wij willen inderdaad gewoon dat alles dichtgaat." Nou, hartstikke mooi toch, als we daar dan als politiek met elkaar weer het gesprek over kunnen voeren. Maar wel met elkaar in gesprek blijven en de dialoog voeren, dat vind ik belangrijk. Dat is in ieder geval een belangrijk uitgangspunt, en ik heb net ook in mijn betoog aangegeven dat we twee voorwaarden hebben genoemd. Voorwaarde één is dat het niet ten koste gaat van allerlei andere uitvoeringsplannen die we nu al hebben en die hoge prioriteit hebben, dus daar wil ik nog een toezegging voor. Dat is een vraag die ik net gesteld heb. Het andere is dat wij als Raad ook met elkaar de kaders stellen en daarmee recht doen aan het proces. Want als iedereen gaat roepen wat hij wil, dan krijg je precies wat je niet wilt. Dat is eigenlijk mijn intentie van deze evaluatie. Ja.
Dank. Ik stel voor dat ik even naar de wethouder ga voor een reactie op de vragen. Daarna zal ik naar de indiener van de motie gaan om te kijken of er nog behoefte is aan een tweede termijn. Walter van Dijk, van de zijde van B en...
Voorzitter, ik heb niet zo heel veel vragen aan het college gehoord. Neem ik nu weer het woord? Nou, als ik dan toch iets zou kunnen zeggen, er lijkt misschien wel een soort ondertoon in de discussie te zijn die voornamelijk gaat over de impact die het zou kunnen hebben op de gemeentelijke organisatie en mogelijk ook op het budget dat hiermee gepaard zou kunnen gaan. Ja, en daar is moeilijk antwoord op te geven, omdat de VVD in de motie dat punt eigenlijk openlaat. Het college wordt verzocht om in gesprek te gaan met de raad en in dat gesprek in feite te bepalen wat de scope van het onderzoek zou moeten zijn. En ja, dat bepaalt dan vervolgens ook of je dat intern of extern uitvoert, hoeveel budget er vereist is en dergelijke. Dus daar is op dit moment heel weinig over te zeggen, denk ik. Dat zal in het gesprek met de raad duidelijk moeten worden. Verder heb ik geen concrete vragen gehoord, dacht ik.
Ik stel voor om het in stemming te brengen. Ik bedoel, wij van de VVD zijn zeer bereid om dit na te gaan. Natuurlijk moet worden toegevoegd dat dit binnen de door de Raad vastgestelde kaders moet gebeuren. Er zijn al wat ideeën, die ook binnen de fractie zijn uitgewisseld, over hoe je dit zou kunnen uitvoeren. Dank voor dit onderzoek.
Ik zag nog een enkeling die zei dat hij behoefte had aan een tweede termijn, dus die ga ik geven. Maar ik weet hoe u erin staat. Ik zag mevrouw Van Kippersluis-Fluitman een valkuil vermijden. Mevrouw Van Kippersluis, dank voor uw inzet.
Dank u, voorzitter. Ik heb een vraag voor de heer Boeddha van D66. Ik hoorde hem in zijn bijdrage zeggen dat wij aan de samenleving gaan vragen waar er behoefte aan is. Betekent dit dat als de samenleving zegt: "Wij zijn voor inkrimping van de winkeltijden", D66 dan zegt: "Nou, dat vinden we een goed idee, daar stemmen wij voor"? Is dat wat ik kan concluderen uit uw bijdrage?
Nee, als u nu in een fractie zou zitten, ja, dan zou het wat anders zijn, maar dan zou het ook niet mogelijk zijn. Mevrouw Van Kippersluis, dat was uw vraag.
Nee, nee, nee, nee, nee. Nou ja, als u daar behoefte aan heeft. Ik ben bezig met de tweede termijn, dus u vroeg om het woord; u krijgt het, de heer Van der Triet en Fluitman. En dan kijk ik nog even wat er ligt, en dan kijken we of we een conclusie kunnen trekken. Nee.
Nee, want de achtergrond van mijn vraag is dat ik de heer Fluitman net heb horen zeggen dat er in 2013 een onderzoek is geweest en dat de raad, in tegenstelling tot wat de behoefte was, contradictoir heeft gestemd. Dus vraag ik me nu af: als wij de stemmen gaan ophalen in de samenleving, gaan wij dan de samenleving volgen of gaan we weer een eigen afweging maken? Ik wil dus even wat verwarring in de toekomst voorkomen. Dat is mijn achtergrond.
Dank u wel, voorzitter. Ja, ik wilde ook nog even mijn steun uitspreken voor een punt dat de heer Fluitman naar voren bracht, namelijk dat het eigenlijk om een heel kleine uitbreiding van Windows zou gaan, wat vrij concreet te formuleren zou kunnen zijn. En daar ben ik het ook mee eens, want hij zegt: "Nou, leg dat dan ter besluitvorming voor aan de raad en laten we geen tijd en geld verspillen met weer een onderzoek. Laten we gewoon de verantwoordelijkheid nemen als raad, een keuze maken en niet ja, weer dingen vooruitschuiven of tijdrekken en dergelijke."
Dank u wel, Voorzitter. Ik wil even ingaan op de opmerking van mevrouw Van der Ploeg over het onderzoek uit 2013, Voorzitter. Die opmerking was van haar en niet van mij. Ik begrijp de haast van de heer Grinwis van de VVD om snel tot stemming over te gaan, want ja, ik heb ook geteld en volgens mij heeft u al een meerderheid. Maar ik wil toch mijn zorg uitspreken, en die zorg is dat er hier een emotie ligt die, wat mij betreft, nog steeds vreemd is. Want blijkbaar gaan we als Raad een mening uiten, en dat is op zich al vreemd. Ten tweede weten we niet precies waarover we die mening gaan uiten, want wat gaan we nou precies doen? Dat gaan we dan weer overleggen met het college. Ik zie ons alweer een avond zitten, en dan nog een avond dit en een avond dat. En dan zegt men: we doen het met de winkeliers. Ja, welke winkeliers? Pakken we alle winkeliers van alle winkelcentra? Noem maar op. En vervolgens hoor ik ook dat we de samenleving erbij moeten betrekken. Nou, dat wordt een soort burgerberaad. We weten ongeveer wat een burgerberaad aan vuurwerk kost, dus we kunnen nu ook wel inschatten wat dit gaat kosten. Als ik hier ruimte voor geef, dan denk ik: waar zijn we mee bezig? Hoeveel geld gaan we dan weer verspillen? Minimaal één ton, waarschijnlijk. En over hoeveel capaciteit we nog hebben, hebben we het nog niet eens gehad. Voor iets waar, in mijn ogen, nog steeds niemand op zit te wachten. En wat gaan we doen als straks de samenleving zegt: ja, wij willen dat de winkels 24/7 open zijn? En dan de winkelier... Ja, die samenleving hoef je wat mij betreft niet te vragen, want die maakt zelf de keuze om wel of niet te gaan winkelen. Het gaat erom wie het slot van de winkel haalt. Dus met de winkelier moeten wij het gesprek aangaan, lijkt mij. Maar ja, het blijft in mijn ogen een vreemde zaak, en er ligt ook nog een ongedekte motie. Ik maak me grote zorgen over hoe groot dit weer gaat worden en dat we onszelf erg tegenspreken. Als ik denk aan de lach van een collega-fractievoorzitter eerder deze week, waarin werd aangegeven dat onze agenda al overbelast is. We zijn deze week volgens mij al vier avonden op het gemeentehuis geweest, en we houden ons bezig met dit soort vraagstukken, terwijl naar mijn mening zowel de samenleving als de winkeliers hier niet echt op zitten te wachten. Meneer de Voorzitter, dank u wel.
Dank aan de heer Fluitman van het CDA, die namens de Raad in de tweede termijn het woord voerde. Niemand heeft u iets gevraagd, dus ter afronding dank ik u, mevrouw Boutahar van D66.
Geachte voorzitter, ja, ik vind het interessant wat er gebeurt in deze discussie, voorzitter, en dat zeg ik omdat ik eigenlijk vind dat hier om een evaluatie wordt gevraagd. Ik snap best dat veel partijen denken: ja, die partij heeft bepaalde intenties en wil gewoon de winkeltijden verruimen. Maar wat ik probeer uit te leggen, is dat de intenties van D66 zijn dat wij, als er vanavond bijvoorbeeld een motie had gelegen waarin werd voorgesteld om de winkeltijden te verruimen, daartegen hadden gestemd. Omdat wij het belangrijk vinden dat je bij dit soort thema's teruggaat naar de samenleving en ophaalt wat iedereen ervan vindt, en vervolgens als raad, fracties met elkaar een conclusie trekt en aangeeft hoe je je uiteindelijk gaat inzetten. D66 is voor keuzevrijheid, maar wij vinden het belangrijk dat je de samenleving goed hoort voordat je uiteindelijk een besluit neemt. En daar kunnen best interessante dingen uit een evaluatie komen waar wij vanavond niet over hebben gesproken. Goed, de meerwaarde waar ik op hoop bij zo'n evaluatie en wat er uiteindelijk uitkomt, dat zullen we dan op dat moment duiden. Maar dit is, wat mij betreft, voor nu het antwoord op de vraag, denk ik, voorzitter.
Dank u wel, voorzitter. Ja, ik wilde graag aan de heer Boete vragen of hij vindt dat dit onderzoek in de komende periode prioriteit moet krijgen ten opzichte van alle andere zaken die in de samenleving spelen. Moet dit onderzoek voorrang krijgen boven de onderwerpen die we verder in de Raad hebben besproken, zoals de energietransitie, de Omgevingswet en de wooncrisis? Vindt hij dat dit onderzoek daar prioriteit op moet krijgen?
Voorzitter, om daar maar gelijk op te antwoorden: de heer Van Triet heeft volgens mij niet geluisterd naar de antwoorden die ik al drie keer heb gegeven, noch naar de verzoeken en de toezeggingen die ik heb gedaan. Ik heb benadrukt dat dit evaluatieverhaal niet ten koste mag gaan van eventuele uitvoeringsplannen. Volgens mij is de gedachte, die we nu ook met elkaar hebben afgesproken, dat we als raad met elkaar de route gaan bepalen hoe we dit gaan doen en op welk moment dat ook het meest haalbaar zou moeten zijn. Maar de deur helemaal dichtgooien, dat is niet hoe D66 omgaat met haar samenleving en niet met de raad. Dus wij vinden dat er behoefte is. Dat blijkt ook uit de discussie hier vanavond. Laten we dit dus gewoon met elkaar evalueren, ongeacht de uitkomst van die evaluatie.
Dank u, ik denk dat we voldoende gesproken hebben over de motie en de kanttekeningen die eraan vastzitten. Is de motie vreemd aan de orde van de dag aan de orde? Er is een onderzoek naar winkeltijden ingediend door de VVD-fractie. Ik zou willen vragen: wie is er voor? Voor zijn de fracties van de VVD, D66 en Nieuw Democratisch Zeist. Wie is er tegen? Tegen zijn Zeister Belang, ChristenUnie, SGP, GroenLinks, CDA en het onafhankelijke raadslid Bianca Osinga. Socialistische partijen, Partij van de Arbeid... Nou, zoveel partijen voor en zoveel partijen tegen. Ja, dan is het helder, hè? Nee, dat is niet waar. Ik permitteer me een grapje. Ik moet de stemmen van de raadsleden tellen. Dat is 17 voor en 14 tegen, en daarom is de motie aanvaard. Akkoord. Dank u.